De boete voor de belastingadviseur: hoe stevig moet het bewijs zijn?
/Rechtbank Gelderland vernietigt een deelnemersboete van € 70.000 voor een belastingadviseur op vier zelfstandige gronden. De inspecteur slaagde niet in het bewijs dat de adviseur als feitelijk leidinggever, medepleger of medeplichtige betrokken was bij het niet aangeven van vennootschapsbelasting door Curaçaose vennootschappen. De toestemmingsprocedure voor de boete was volgens de rechtbank "uitermate onzorgvuldig" doorlopen en de vennootschappen zelf hadden geen beboetbaar feit begaan. De rechtbank sprak van een tunnelvisie bij de Belastingdienst en kende een integrale proceskostenvergoeding toe van bijna € 69.000. De uitspraak markeert hoe hoog de bewijslat ligt bij het persoonlijk beboeten van fiscale adviseurs via de deelnemersboete van artikel 67o AWR.
Read More