Ondervraging van belastende getuigen: van een 75-jarige EVRM-norm naar een piepjonge jurisprudentiële norm in het Unierecht

Het recht van de verdachte om belastende getuigen te ondervragen is expliciet neergelegd in artikel 6 lid 3 onder d Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) en maakt tevens deel uit van het algemenere recht op een fair hearing zoals vervat in artikel 6 lid 1 EVRM. In de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is dit ondervragingsrecht verder ontwikkeld, in het bijzonder door de richtinggevende uitspraken van de Grote Kamer in de zaken Al-Khawaja en Tahery en Schatschaschwili. De Hoge Raad heeft zijn rechtspraak over dit thema verschillende keren aangepast naar aanleiding van de zich ontwikkelende rechtspraak van het EHRM, meest recent naar aanleiding van de Straatsburgse ‘veroordeling’ van Nederland in de zaak Keskin. Ook in aanhangige wetgeving is de Straatsburgse invloed op dit terrein waarneembaar. In artikel 4.3.11 lid 1 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt een bewijsregel opgenomen die aansluit bij de uitgangspunten die het EHRM hanteert: het bewijs dat de verdachte het feit heeft begaan, kan niet in beslissende mate steunen op mededelingen van een persoon die de verdachte niet heeft kunnen ondervragen, tenzij het recht op een eerlijk proces daardoor niet wordt geschonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR casseert niet vrijspraak na dodelijk arbeidsongeval op zee: geen werkgeverschap, geen medeplegen

Hoge Raad 16 december 2025, ECLI:NL:HR:2025:1878 en ECLI:NL:HR:2025:1879

De verdachte B.V. is vrijgesproken van medeplegen van een dodelijk arbeidsongeval aan boord van een schip. Het hof oordeelt dat de verdachte niet als ‘werkgever’ in de zin van de Arbowet kan worden aangemerkt. Het slachtoffer werkte onder gezag van de scheepsbeheerder, niet onder dat van de verdachte. De Hoge Raad acht deze motivering juridisch juist en verwerpt het cassatieberoep. Ook het beroep op grondslagverlating faalt: het hof heeft de tenlastelegging niet onjuist uitgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer bij de aan- en verkoop van goederen in werking getreden

Per 1 januari 2026 is het verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer bij de aan- en verkoop van goederen in werking getreden. Kopers en verkopers van goederen, kunsthandelaren en pandhuizen mogen dan geen contante betalingen van € 3.000 of hoger meer aannemen of verrichten. Het verbod geldt niet voor transacties tussen particulieren onderling en niet voor diensten. Dat betekent ook dat de objectieve meldplicht voor bepaalde meldplichtige instellingen verandert.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vanaf 1 januari 2026: BTWwft en BEH worden Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI)

Het Bureau Toezicht Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (BTWwft) en het Bureau Economische Handhaving (BEH) zijn per 1 januari 2026 opgegaan in de nieuwe directie Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI). Met deze wijziging heeft het Ministerie van Financiën de niet-fiscale taken en medewerkers van het BTWwft en BEH overgenomen van de Belastingdienst.

Read More
Print Friendly and PDF ^

LOVS verhoogt boetes en vergoedingen

Het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) heeft per 1 januari 2026 de geldboetes in de oriëntatiepunten voor straftoemeting gewijzigd. Ze worden aangepast aan de inflatie. Omdat dit al jaren niet is gebeurd, zullen sommige boetes fors stijgen. Ook de vergoeding die mensen kunnen eisen als ze - achteraf bezien - onterecht in voorarrest hebben gezeten gaat omhoog, en de kosten die zij moeten maken voor een verzoekschrift om bijvoorbeeld advocaatkosten, reiskosten of gederfde werkuren terug te krijgen, worden ruimer gecompenseerd. 

Read More
Print Friendly and PDF ^