Proefschrift: De fraudebestrijdende faillissementscurator

Het proefschrift van R.E. de Vries onderzoekt de rol van de faillissementscurator bij de bestrijding van faillissementsfraude. Centraal staat hoe deze fraudebestrijdende taak zich verhoudt tot de traditionele kerntaak van boedelbeheer en vereffening. De auteur analyseert de fraudepijler en de uitbreiding van het wettelijke instrumentarium van de curator. Bijzondere aandacht gaat uit naar de begrippen faillissementsfraude, malafide en bonafide bestuurders en het vereiste van (voorwaardelijk) opzet. Daarnaast wordt de spanning onderzocht tussen de informatiebevoegdheden van de curator en het nemo-teneturbeginsel. Het proefschrift laat zien dat de versterkte rol van de curator juridische en praktische knelpunten oproept voor zowel faillissementsafwikkeling als fraudebestrijding.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Meer of minder strafbeschikkingen?

Een empirische analyse van de ontwikkelingen in de strafrechtsketen vanaf 2008 laat zien dat de invoering van de OM-strafbeschikking de doelmatigheid van de behandeling van misdrijfzaken niet heeft vergroot en de rechter niet minder werk heeft gegeven. Het voornemen van het Openbaar Ministerie om meer misdrijfzaken via een strafbeschikking af te doen, verdient dan ook nadere overweging.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kroniek Straf­(proces)­recht 2025

De Kroniek Straf(proces)recht 2025 geeft een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen in het strafrecht op basis van rechtspraak en wetgeving. De Hoge Raad benadrukt dat voorlopige hechtenis ook na veroordeling geen automatisme is en steeds concreet moet worden gemotiveerd. Op het terrein van opsporing zijn de grenzen aan smartphoneonderzoek aangescherpt, met een centrale rol voor rechterlijke toetsing. In de post-Keskin-jurisprudentie is het ondervragingsrecht verder uitgewerkt, met duidelijke kaders voor (late) getuigenverzoeken. Materieelrechtelijk valt de verfijning op bij opzet, voorbereiding, deelnemingsvormen en witwaszaken. Daarnaast laat 2025 een duidelijke doorwerking zien van het nieuwe zedenrecht en ingrijpende ontwikkelingen in het penitentiaire recht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Tien jaar turboliquidaties: van snelle oplossing tot juridisch mijnenveld

Inmiddels is het tien jaar geleden dat ik ben gepromoveerd op het onderwerp van de turboliquidatie van de besloten vennootschap, een thema dat sindsdien zowel juridisch als maatschappelijk aan relevantie heeft gewonnen.Van turboliquidatie wordt gesproken wanneer een rechtspersoon ten tijde van ontbinding geen baten meer heeft en op grond van art. 2:19 lid 4 BW alsdan ophoudt te bestaan. De turboliquidatie verschilt van de reguliere ontbinding, nu in geval van turboliquidatie de wettelijke vereffeningsfase – zoals vastgelegd in art. 2:23-23b BW – ontbreekt. Wanneer een ontbindingsbesluit is genomen en daarvan door het bestuur bij de Kamer van Koophandel opgaaf is gedaan, terwijl bij deze opgave wordt aangegeven dat er geen baten meer zijn, betekent dat het einde van de rechtspersoon. Ten tijde van turboliquidatie mogen overigens wel nog schulden bestaan.Dit heeft ertoe geleid dat de schuldeisers zich in een benarde positie bevinden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

WODC: Heldere criteria en snellere procedures nodig voor verschoningsrecht

Het verschoningsrecht van advocaten en notarissen waarborgt dat mensen in vertrouwen hun hulp kunnen inroepen. Maar in de praktijk botst deze bescherming van de burger weleens met de opsporing, vervolging en berechting van misdrijven. Dit spanningsveld kennen andere landen ook, maar er zijn ook essentiële verschillen, blijkt uit rechtsvergelijkend onderzoek. In onder meer Engeland bepaalt bijvoorbeeld de cliënt en niet de advocaat of notaris of een beroep wordt gedaan op het verschoningsrecht. Ook zijn taken anders verdeeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^