HvJ EU oordeelt over de Nederlandse beroepsprocedure tegen verkeersboetes
/HvJ EU 7 april 2022, C-150/21 (D.B.)
Een lidstaat mag een beroepsprocedure tegen verkeersboetes zodanig inrichten dat eerst een voorafgaande bestuurlijke fase plaatsvindt voordat betrokkene toegang krijgt tot een met name in strafzaken bevoegde rechter. De toegang tot die rechter mag echter niet afhankelijk zijn van voorwaarden die deze toegang onmogelijk of uitermate moeilijk maken. De Nederlandse kantonrechter kan worden aangemerkt als een met name in strafzaken bevoegde rechter. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Poolse rechter.
Read More