HR herhaalt: wanneer is sprake van “voorbereidend onderzoek”

Hoge Raad 8 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1975

De toepassing van artikel 359a Sv is onder meer beperkt tot vormverzuimen die zijn begaan bij “het voorbereidend onderzoek” tegen de verdachte. Op grond van artikel 132 Sv moet daaronder worden verstaan het onderzoek dat voorafgaat aan de behandeling ter terechtzitting. Onder die vormverzuimen zijn in het bijzonder ook begrepen normschendingen bij de opsporing. Daarbij dient op grond van artikel 132a Sv onder opsporing te worden verstaan het onderzoek in verband met strafbare feiten onder gezag van de officier van justitie met als doel het nemen van strafvorderlijke beslissingen (vgl. HR 1 december 2020, ECLI:NL:HR:2020:1889).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing verzoek tot het stellen van prejudiciële vragen: RC niet aan te merken als rechterlijke instantie ex art. 267 VWEU

Rechtbank Den Haag 8 september 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:12172

Naar het oordeel van de rechtbank is anders dan de verdediging betoogt de beslissing die de rechter-commissaris neemt in het vooronderzoek, zoals i.c. een beslissing op onderzoekswensen van de verdediging, niet de in artikel 267 VWEU en het arrest naam bedoelde procedure op tegenspraak die eindigt met een vonnis. In zoverre is de rechter-commissaris niet aan te merken als een rechterlijke instantie als bedoeld in artikel 267 VWEU die prejudiciële vragen kan stellen. Het stellen van prejudiciële vragen aan het HvJEU is voorbehouden aan een rechterlijke instantie waarbij een geding aanhangig is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van valsheid in geschrifte en het gebruik maken van valse geschriften

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 18 november 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:9406

Het hof ziet zich voor de vraag gesteld of de lezing van verdachte, inhoudende dat hij ondanks het zetten van parafen en handtekeningen in de betreffende koopovereenkomsten op dát moment niet op de hoogte was van de te lage koopsommen in deze overeenkomsten, aannemelijk is geworden, waarbij het hof het geheel van feiten en omstandigheden waaronder deze koopovereenkomsten tot stand zijn gekomen en het daaropvolgende proces in aanmerking neemt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Raad van State: Ook bij wettelijke boetetarieven is maatwerk vereist

De gemeente Amsterdam moet bij haar boetebeleid voor illegale verhuur van woningen aan toeristen maatwerk bieden. Op dit moment legt de gemeente standaard de maximale boete op aan iedereen die zonder vergunning een woning aan toeristen verhuurt. Daarbij houdt de gemeente geen rekening met bijzondere omstandigheden die aanleiding kunnen zijn voor een lagere boete. Dat is in strijd met het evenredigheidsbeginsel, aldus de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in drie uitspraken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak btw-carrouselfraude wegens ontbreken voorwaardelijk opzet. Verdachte had nader onderzoek moeten doen, maar had de grootste misstanden waarschijnlijk niet had kunnen achterhalen.

Gerechtshof Amsterdam 2 augustus 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:5077

Het dossier bevat geen bewijs waaruit volgt dat de verdachte wist dat hij met zijn B.V. deel uitmaakte van een btw-carrouselfraude. Uit de bewijsmiddelen blijkt echter wel, als het gaat om de vervolgvraag of sprake is van voorwaardelijk opzet, van omstandigheden die in het nadeel van de verdachte spreken.

Read More
Print Friendly and PDF ^