Verdenking advocaat van o.a. mensensmokkel en valsheid. Rb.: niet (langer) sprake van zeer uitzonderlijke omstandigheden

Rechtbank Amsterdam 7 juni 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:3127

Klager maakte in zijn praktijk als vreemdelingenadvocaat gebruik van de hem wettelijk ter beschikking staande mogelijkheden in de rechtsbijstand aan vreemdelingen, met mogelijk ongewenste en door de wet onbedoelde maatschappelijke gevolgen en kosten. Die gevolgen liggen echter besloten in de geldende regelgeving en de wijze waarop deze in de praktijk door overheidsinstanties wordt uitgevoerd. Hoewel klager er ook voor had kunnen kiezen om niet bij herhaling en overlappend nieuwe aanvragen voor zijn cliënten in te dienen, kan niet worden gezegd dat er vermoeden van misbruik van het recht en/of mensenhandel is nu klager de mogelijkheden van de wet heeft gemeend en kunnen menen in het voordeel van zijn cliënten te gebruiken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

CBb verlaagt mestboete wegens draagkracht

College van Beroep voor het bedrijfsleven 14 juni 2022, ECLI:NL:CBB:2022:301

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verlaagt een voor overtreding van de Meststoffenwet opgelegde boete van ruim 234.000 euro. De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit legde die boete op in 2017 en de boete was definitief doordat de veehouder te laat bezwaar maakte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte heeft over WVV (giften uit omkoping) kunnen beschikken ookal zijn die overgemaakt naar rekening van B.V.

Hoge Raad 14 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:840

Het cassatiemiddel klaagt in de eerste plaats over het oordeel van het hof dat de op de bankrekening van A B.V. overgeboekte geldbedragen het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel betreffen. In het geheel van de aangeduide vaststellingen van het hof ligt als oordeel besloten dat met de voltooiing van de in de strafzaak bewezenverklaarde feiten de betrokkene zelf daadwerkelijk voordeel heeft verkregen tot het bedrag van de door hem aangenomen en ontvangen giften, omdat de betrokkene volledig over het bedrag van de voor hem bestemde giften heeft kunnen beschikken. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak in belastingfraudezaak: Niet voldaan aan strekkingsvereiste

Gerechtshof Amsterdam 1 juni 2022, ECLI:NL:GHAMS:2022:1722

De vraag waarvoor het hof zich bij dit feit mede gesteld ziet, is of het handelen van de verdachte ertoe strekte dat te weinig belasting werd geheven (het strekkingsvereiste van artikel 69 Awr). Naar bestendige jurisprudentie is aan het strekkingsvereiste voldaan indien de gedraging naar haar aard en in het algemeen geschikt is teweeg te brengen dat onvoldoende belasting wordt geheven. In het onderzoek is niet komen vast te staan dat de verdachte in de onderzochte jaren belastbare inkomsten (bijvoorbeeld handel in horloges) heeft gehad, of dat hij meer bezittingen had dan schulden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belastingfraude als gevolg van een onzakelijke vastgoedtransactie

Rechtbank Amsterdam 9 juni 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:3146

Verdachte heeft terwijl hij wist dat de panden veel meer waard waren deze panden toch voor minder overgedragen en als een gevolg daarvan heeft verdachte onjuiste belastingaangiften gedaan en laten doen als gevolg van een onzakelijke vastgoedtransactie. De officier van justitie heeft het nadeel dat hieruit is voortgevloeid berekend op €1.225.020.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk in ontnemingsvordering wegens ontbreken strafrechtelijk belang door schikking in civiele procedure

Rechtbank Limburg 1 juni 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:4240

De rechtbank overweegt dat het doel van een ontnemingsvordering is om het financieel voordeel verkregen door middel van strafbare feiten ongedaan te maken, anders gezegd dat de vermogenssituatie van de veroordeelde weer in een rechtmatige toestand wordt gebracht. Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het door de officier door middel van haar vordering nagestreefde doel, wat daarvan in concreto ook zij, reeds is bereikt door de schikking die in de civiele procedure is getroffen. Deze schikking is kennelijk zo geredigeerd dat gewaarborgd is dat het door de officier van justitie aannemelijk geachte genoten wederrechtelijk verkregen voordeel ook daadwerkelijk te niet wordt gedaan, nu die schikking een hoger bedrag betreft dan het totaal van de door de rechtbank bij verdachte en medeverdachte bewezenverklaarde verduisterde bedragen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Fiscus mag klantgegevens fiscaal adviseur uit strafrechtelijk FIOD-onderzoek gebruiken voor belastingheffing

Rechtbank Midden-Nederland 9 mei 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:1771

De Belastingdienst mag naheffingsaanslagen opleggen aan een klant op basis van persoonsgegevens die de FIOD in een strafrechtelijk onderzoek naar diens fiscaal adviseur in bezit kreeg, heeft de rechtbank Midden-Nederland geoordeeld. De gegevens vallen weliswaar onder de reikwijdte van de AVG, zoals de klant had aangevoerd, maar het heffen en innen van belastingen moet worden aangemerkt als een belangrijke doelstelling van financieel belang van Nederland in de zin van de AVG. Dat betekent dat de verwerking van persoonsgegevens met het oog op dit doel rechtmatig was.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Partiële vrijspraak opzettelijk doen van onjuiste aangiften IB wegens het niet in die aangiften vermelden van de door de B.V. aan de holdingmaatschappij van de verdachte gedane betalingen

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 31 mei 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1749

Aangezien het strafrechtelijk onderzoek gebaseerd is op het uitgangspunt dat aan de managementvennootschap-structuur realiteit moet worden ontzegd, is geen (strafrechtelijk) onderzoek gedaan naar de wijze waarop de betalingen aan de holdingmaatschappij indirect aan de verdachte, als enig aandeelhouder van de holdingmaatschappij (tot 26 mei 2014), ten goede zouden zijn gekomen en een belastbaar feit zouden opleveren, en is evenmin onderzocht of sprake was van zogenoemd fictief loon van de holdingmaatschappij. Daarmee biedt het procesdossier onvoldoende bewijs voor de vaststelling dat daarom de aangiften inkomstenbelasting over de jaren 2010 tot en met 2015 onjuist en/of onvolledig zouden zijn, laat staan dat bewezen zou zijn dat de verdachte deze aangiften daarom opzettelijk (ook niet in de zin van voorwaardelijk opzet) onjuist en/of onvolledig zou hebben gedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ne bis in idem, vereenzelviging (aandeelhouder en BV) & witwassen

Rechtbank Amsterdam 23 februari 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:2843

De rechtbank stelt vast dat verdachte zelf niet eerder is vervolgd. Wel is verdachte, die 100% aandeelhouder is van B.V. 2 die op haar beurt weer 100% aandeelhouder van verdachte is, eerder vervolgd in een zaak met een ander parketnummer en een ander tenlastegelegde periode. Verdachte heeft zich op het standpunt gesteld dat nu verdachte eerder is vervolgd en verdachte en verdachte te vereenzelvigen zijn, haar ook een beroep op het ‘ne bis in idem’-beginsel toekomt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen sprake van eendaadse samenloop bij verduistering en witwassen

Rechtbank Limburg 1 juni 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:4236

Het gaat volgens de rechtbank bij genoemde feiten weliswaar om gedragingen waarbij sprake is van opeenvolging in de tijd, maar bij beide bewezen verklaarde gedragingen is geen sprake van (in wezen) één verwijt noch van elkaar in de tijd direct opvolgende gedragingen (ook met betrekking tot het 'wilsbesluit') die zo nauw met elkaar samenhangen dat de verdachte daarvan (in wezen) één verwijt wordt gemaakt. Verdachte heeft er niet alleen voor gekozen om op verschillende momenten de geldbedragen uit de beschikkingsmacht van de rechthebbende te onttrekken door er over te gaan beschikken. Zij heeft er vervolgens voor gekozen om deze geldbedragen om te zetten dan wel over te dragen aan anderen. Daarbij komt dat de beide strafbepalingen verduistering en witwassen niet dezelfde strekking hebben en een ander rechtsbelang beschermen. De rechtbank is van oordeel dat deze gedragingen dienen te worden aangemerkt als twee verschillende verwijten en dat in casu dus sprake is van meerdaadse samenloop.

Read More
Print Friendly and PDF ^