Kan de RC op verzoek van de verdediging de OvJ bevelen om telefoons van nog te horen getuigen te tappen?

Rechtbank Amsterdam 7 mei 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:3208

Uit de stukken blijkt dat de rechter-commissaris het Openbaar Ministerie op 28 juni 2018 een bevel heeft gegeven tot het tappen van de telefoons van alle getuigen, maar dat dit bevel door de officier van justitie niet is uitgevoerd. Een deel van de getuigen is niet getapt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onjuiste belastingaangiften en valse kwitanties

De verdachte heeft namens belastingplichtigen aangiften inkomstenbelasting ingediend en daarin gemaakte kosten opgevoerd die in werkelijkheid niet zijn gemaakt. Ter onderbouwing van de opgevoerde aftrekposten heeft de verdachte kwitanties valselijk opgemaakt. Deze kwitanties heeft hij als bijlage gevoegd bij de door hem naar de Belastingdienst opgestuurde valse vragenbrieven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verhaalsfrustratie (art. 94a Sv) & koude uitsluiting

Rechtbank Amsterdam 16 april 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:3176

De belanghebbende wordt verdacht van verduistering, verduistering in dienstbetrekking en/of oplichting als executeur en/of als bewindvoerder. De kinderen naam 2 hebben in de periode 2006-2007 een groot vermogen van meerdere miljoenen euro’s geschonken gekregen en geërfd van hun vader. Na diens overlijden is belanghebbende benoemd tot bewindvoerder over het geschonken en geërfde vermogen, daarnaast is hij benoemd tot executeur-testamentair. Van die positie zou belanghebbende misbruik hebben gemaakt ten koste van het aan de kinderen naam 2 toekomende vermogen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling PGB-fraude: Welke rechtspersoon is pleger?

Rechtbank Rotterdam 10 april 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:3503

De verdachte en een medeverdachte hebben gedurende tweeëneenhalf jaar feitelijk leiding gegeven aan het door een besloten vennootschap (i.c. zorgbedrijf) valselijk opmaken van diverse formulieren en het vervolgens gebruik maken van die valse geschriften. De verdachte en de medeverdachte maakten het PGB, dat op de rekening van cliënten van het zorgbedrijf werd gestort, over naar de bankrekening van het zorgbedrijf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor witwassen na storten geldbedrag op rekening Staat

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2 mei 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:3827

Verdachte en medeverdachte worden veroordeeld voor het witwassen van een contant geldbedrag van €24.500. Medeverdachte heeft dit contante geldbedrag op de bankrekening van verdachte gestort en verdachte heeft vervolgens €25.000 overgemaakt naar de Staat ter voldoening van een zekerheidstelling voor de schorsing van de voorlopige hechtenis van de vader van medeverdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geheimhoudergesprek in dossier & overschrijding redelijke termijn: reden voor niet-ontvankelijkheid OM?

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 1 mei 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:1646

De verdediging heeft het in eerste aanleg gevoerde verweer herhaald dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de ontnemingsvordering dient te worden verklaard wegens schending van artikel 126aa Wetboek van Strafvordering, al dan niet in combinatie met overschrijding van de redelijke termijn van artikel 6 EVRM.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onjuiste aangifte omzetbelasting: opzettelijk te laag bedrag aan omzetbelasting in rekening gebracht over matrassen

Gerechtshof Amsterdam 12 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:359

De verdachte was (zoals ook de rechtbank heeft vastgesteld) in de ten laste gelegde periode feitelijk leidinggevende van bedrijf die matrassen verkocht aan particulieren. Op de levering van deze matrassen was tot 1 juli 2012 het verlaagd BTW-tarief van toepassing. In 2012 heeft de Belastingdienst (onder verwijzing naar gewijzigde regelgeving) het standpunt ingenomen dat de door bedrijf geleverde matrassen niet langer kwalificeerden voor het verlaagd tarief en dat derhalve het algemeen (ook wel omschreven als ‘hoge’) tarief van toepassing was.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitspraak ontnemingszaak na in hoger beroep getroffen schikking met OM

Gerechtshof Amsterdam 21 januari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:239

Het hof hecht eraan op te merken dat het in onderhavige zaak niet gaat om een schikking in de zin van artikel 511c van het Wetboek van Strafvordering. De in dat artikel geregelde situatie ziet op de totstandkoming van een schriftelijke schikking tussen het openbaar ministerie en de veroordeelde zolang het onderzoek ter terechtzitting bij de rechtbank nog niet is gesloten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof: Schriftelijke volmacht van advocaat aan griffiemedewerker tot instellen hoger beroep voldoet niet aan de eisen

Gerechtshof Den Haag 3 april 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:860

Volgens jurisprudentie van de Hoge Raad (zie onder meer HR 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 en HR 19 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2411) kan een door de verdachte daartoe bepaaldelijk gevolmachtigde advocaat schriftelijk hoger beroep doen instellen op de wijze als bedoeld in artikel 450, derde lid, Sv.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Brexit & vluchtgevaar

Gerechtshof Amsterdam 6 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:537

Deze zaak betreft hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 21 januari 2019, voor zover houdende bevel tot zijn gevangenhouding. Bij de behandeling in raadkamer heeft de raadsvrouw namens de verdachte een mondeling schorsingsverzoek gedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^