Veroordeling oplichting d.m.v. listige kunstgrepen en samenweefsel van verdichtsels van een goede vriend voor een bedrag tbv een appartementencomplex in Turkije dat niet gebouwd is

Rechtbank Noord-Nederland 17 november 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:4448

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan oplichting van het slachtoffer voor een geldbedrag van € 452.046,-. Hij heeft hem bewogen dit geld over te maken ten behoeve van de bouw van een appartementencomplex in Turkije door aan hem meerdere leugenachtige mededelingen te doen. Verdachte en slachtoffer waren hiervoor al ruim 16 jaar zeer goede vrienden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kernroljurisprudentie: HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. de vraag in welke gevallen een hof de zaak dient terug te wijzen naar de rechtbank

Hoge Raad 28 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:3021

Het gaat hier om de aan het middel ten grondslag liggende vraag of het hof het vonnis van de rechtbank had moeten vernietigen vanwege een vormverzuim begaan gedurende de behandeling van de zaak in eerste aanleg (de niet-naleving van art. 51 (oud) Sv) en de zaak had moeten terugwijzen. Voor de beantwoording hiervan zijn de volgende uitgangspunten van belang.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitgeven van een vals bankbiljet (art. 213 Sr)

Gerechtshof Amsterdam 21 november 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:4768

Aan de verdachte is tenlastegelegd het als echt en onvervalst uitgeven van valse bankbiljetten (onder 1) dan wel het in voorraad hebben van valse biljetten (onder 2) terwijl diegene de biljetten zelf heeft nagemaakt of vervalst of met die valsheid of vervalsing bekend was toen hij de biljetten ontving.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Terugwijzen zaak: zeer uitzonderlijke omstandigheden op basis waarvan de straf- en ontnemingszaak van verdachte niet gelijktijdig diende te worden behandeld met de zaken van de medeverdachten

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9842

Bij vonnis van 16 november 2016 heeft de rechtbank Gelderland verdachte ter zake van vijf tenlastegelegde feiten, waaronder het medeplegen van opzettelijk handelen in strijd niet een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod en witwassen, meermalen gepleegd, veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen aftrek ontnemingsvordering nu opgelegde schadevergoedingsmaatregel niet is voldaan en vonnis niet onherroepelijk is

Rechtbank Noord-Nederland 17 november 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:4458

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte geen wederrechtelijk voordeel heeft genoten, omdat het geldbedrag is overgemaakt op een rekeningnummer anders dan vermeld op de overeenkomst tussen slachtoffer en verdachte. Daarmee is het niet aan verdachte zelf overgemaakt, maar aan het bedrijf waarvan hij slechts aandeelhouder is. verdachte heeft ook geen bedragen van de bedrijfsrekening opgenomen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Poging oplichten verzekeringsmaatschappij door in scène zetten van verkeersongeval

Rechtbank Gelderland 23 november 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:6065

De rechtbank heeft twee verdachten uit Elburg veroordeeld voor een poging om een verzekeringsmaatschappij op te lichten. Zij hebben een verkeersongeval in scene gezet om op deze manier een geldbedrag van de verzekering uitgekeerd te krijgen. Het motorblok van de Mercedes-Benz was al heel slecht en het was een kwestie van tijd totdat het motorblok kapot zou gaan. Voor het voertuig waarvoor de schade werd geclaimd is namelijk het motorblok het meest bepalend voor de waarde.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot 24 maanden gevangenisstraf voor meerdere fraudezaken. Vrijspraak vervalsen aangiftebiljet.

Rechtbank Rotterdam 15 november 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:9226

Verdachte wordt veroordeeld tot 4 maanden gevangenisstraf voor meerdere fraudezaken. Het gaat om twee gevallen van oplichting in de handel in vennootschappen met een herinvesteringsreserve, valsheid in geschrift, belastingfraude en witwassen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verkorting wettelijke oproepingstermijn: toestemming door verdachte rechtspersoon

Hoge Raad 14 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2857

Het middel bevat de klacht dat de verdachte niet op rechtsgeldige wijze afstand heeft gedaan van de wettelijke oproepingstermijn van tien dagen, die moet liggen tussen de dag van betekening van de oproeping en de dag van de terechtzitting.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Fiscaal pleitbaar standpunt? HR herhaalt relevante overwegingen.

Hoge Raad 1 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3056

Het tweede middel komt met twee klachten op tegen de bewezenverklaring van het opzet van de verdachte en ’s hofs verwerping van het beroep op een “pleitbaar standpunt”.
 

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk vanwege dagvaardring verdachte terwijl de toepasselijke richtlijn het uitvaardigen van een strafbeschikking voorschreef

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:10292

De economische politierechter heeft het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard omdat, kort gezegd, het bestaan van recidive zoals in de richtlijn wordt vereist om over te gaan tot dagvaarding, niet vast is komen te staan. Het openbaar ministerie heeft tegen dit vonnis appel ingesteld en daarbij stukken overgelegd waaruit blijkt dat aan verdachte eerder strafbeschikkingen zijn uitgevaardigd ter zake van overbelading.

Read More
Print Friendly and PDF ^