Marktplaatsfraude: Hoge Raad vernietigt straf wegens niet toegestane combinatie van gevangenisstraf en taakstraf

Hoge Raad 24 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:476

In deze uitspraakvernietigt de Hoge Raad de straf in een zaak over marktplaatsfraude, medeplegen van gewoontewitwassen en deelname als leider aan een criminele organisatie. Het gerechtshof Den Haag had een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twaalf maanden gecombineerd met een taakstraf van 180 uren, wat in strijd is met artikel 9 lid 4 van het Wetboek van Strafrecht. Die bepaling verbiedt het opleggen van een taakstraf naast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf waarvan het ten uitvoer te leggen deel meer dan zes maanden bedraagt. De Hoge Raad wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag voor een nieuwe strafbeslissing. De bewezenverklaring en de schadevergoedingsmaatregel blijven in stand.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bestuurder is geen pleger: aangifteplicht vennootschapsbelasting rust op de BV, niet op de mens erachter

Hoge Raad 24 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:424

De Hoge Raad oordeelt dat een bestuurder-natuurlijk persoon niet als pleger kan worden aangemerkt van het opzettelijk niet doen van aangiften vennootschapsbelasting ten name van zijn bv's. De wettelijke aangifteplicht uit artikel 69 lid 1 AWR rust op de vennootschap die tot het doen van aangifte is uitgenodigd, niet op de bestuurder die het aangiftebiljet feitelijk in ontvangst neemt. Het cassatiemiddel slaagt en het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden wordt gedeeltelijk vernietigd en teruggewezen. De Hoge Raad wijst erop dat de deelnemingsvormen uit de artikelen 47 tot en met 51 Sr wel mogelijkheden bieden voor strafrechtelijke aansprakelijkheid van de bestuurder.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak in eerste aanleg, veroordeling in hoger beroep: cassatieklachten over handschriftonderzoek en bewijsvoering stranden bij de Hoge Raad

Hoge Raad 17 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:380

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep in een zaak over internetoplichting en witwassen, waarin de verdachte in eerste aanleg was vrijgesproken maar in hoger beroep door het gerechtshof 's-Hertogenbosch is veroordeeld tot twintig maanden gevangenisstraf. De klachten over de afwijzing van een verzoek tot handschriftonderzoek en over de bewijswaarde van een wijzigingsformulier van de Kamer van Koophandel slagen niet. Wel vermindert de Hoge Raad ambtshalve de straf met een maand wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie. Het arrest bevestigt dat een hof niet gehouden is een verzoek om een deskundige nader te motiveren wanneer het fundament onder dat verzoek, de verklaring van de verdachte, niet aannemelijk is bevonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bitcoins, autohandel en een onbeantwoord verweer: Hoge Raad vernietigt ontnemingsuitspraak van ruim zeshonderdduizend euro

Hoge Raad 17 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:439

De Hoge Raad vernietigt een ontnemingsuitspraak van het gerechtshof Den Haag waarbij EUR 613.260,92 aan wederrechtelijk verkregen voordeel was vastgesteld in verband met gewoontewitwassen met bitcoins. De betrokkene voerde aan dat hij rond 2012 bijna 2.000 bitcoins legaal had gekocht voor EUR 12.000 uit inkomsten van autohandel en dat de exponentiële waardestijging van bitcoin het bedrag in 2017 verklaart. De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet kenbaar aandacht heeft besteed aan dit onderbouwde verweer, waaronder de borgstellingsverklaring en meerdere getuigenverklaringen. Daarmee is de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel via de kasopstelling op grond van artikel 36e lid 3 Sr ontoereikend gemotiveerd. De zaak is teruggewezen naar het gerechtshof Den Haag om opnieuw te worden berecht en afgedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR over de spanning tussen anti-witwasverplichtingen en privacyrecht

Hoge Raad 13 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:392

De Hoge Raad oordeelt in dit tussenarrest dat het enkele opslaan van een pasfoto geen verwerking van biometrische gegevens oplevert in de zin van de AVG, omdat de foto slechts de bron is waaruit biometrische gegevens kunnen worden afgeleid. De zaak betreft een creditcardmaatschappij die de overeenkomst met een kaarthoudster opzegt nadat deze weigert mee te werken aan online identificatie met een kopie van haar identiteitsbewijs en een selfie in het kader van de Wwft. Over de vraag of de Wwft en de vierde anti-witwasrichtlijn instellingen verplichten tot het bewaren van een kopie van een identiteitsbewijs inclusief pasfoto, en hoe die bewaarplicht zich verhoudt tot het AVG-beginsel van minimale gegevensverwerking, stelt de Hoge Raad prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Read More
Print Friendly and PDF ^