Conclusie AG over faillissementsfraude

Parket bij de Hoge Raad 18 mei 2021, ECLI:NL:PHR:2021:479

In cassatie wordt geklaagd over (i) dat het opzet van de verdachte op de verkorting van de rechten van de schuldeisers niet (zonder meer) uit de bewijsmiddelen volgt (ii) dat geen toepassing is gegeven aan het op 1 juli 2016 nieuw ingevoerde art. 344a Sr (iii) de ontzetting van het recht op uitoefening van het beroep van bestuurder/directeur van een rechtspersoon voor de duur van vijf jaren en zes maanden (iv) het gelasten van de openbaarmaking van het arrest.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Het civielrechtelijke bestuursverbod van 2016 tot en met 2020

Rechters kunnen sinds 1 juli 2016 een civielrechtelijk bestuursverbod voor maximaal vijf jaar opleggen aan ‘malafide’ bestuurders van een failliete rechtspersoon. De gevolgen van een bestuursverbod zijn verstrekkend. Het niet mogen vertegenwoordigen van een rechtspersoon geldt niet alleen voor de failliete rechtspersoon, maar ook voor eventuele andere rechtspersonen voor wie bestuurs- of commissarisactiviteiten worden uitgevoerd. Sinds juli 2016 is slechts negen keer door curatoren of het Openbaar Ministerie een civielrechtelijk bestuursverbod gevorderd c.q. verzocht en evenzoveel keren opgelegd: drie keer in 2018, drie keer in 2019 en drie keer in 2020.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak faillissementsfraude: Geen (voorwaardelijk) opzet op bedrieglijke verkorting, geen wetenschap van dreigend faillissement

Rechtbank Rotterdam 24 maart 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:3337

Naar het oordeel van de rechtbank bevat het dossier onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen vaststellen dat de verdachte wetenschap had van (de dreiging van) een onafwendbaar faillissement van naam schoonmaakbedrijf 1 en evenmin dat hij in het zicht van het faillissement dan wel na het uitspreken daarvan op enige wijze een bijdrage heeft geleverd aan de hem onder 1 tenlastegelegde onttrekkingen aan de boedel en de daarmee samenhangende onder 2 tenlastegelegde valsheid in geschrift.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan faillissementsfraude door als feitelijk bestuurder van een rechtspersoon gelden aan de boedel onttrokken

Rechtbank Amsterdam 2 april 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:1606

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. Hij heeft als feitelijk bestuurder van bedrijf 1 gelden aan de boedel onttrokken. Ook heeft hij nagelaten om een volledige administratie te voeren en, na faillietverklaring, de volledige administratie aan de curator te geven. Verdachte heeft door zijn handelen de curator gehinderd in de uitoefening van de aan hem opgedragen taken en hij heeft bovendien een van de schuldeisers in het faillissement benadeeld, omdat de Belastingdienst als schuldeiser is gepasseerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Consultatie Implementatiewet richtlijn herstructurering en insolventie

Op 2 april is de Implementatiewet richtlijn herstructurering en insolventie in consultatie gegaan. Met dit wetsvoorstel wordt de Europese richtlijn betreffende herstructurering en insolventie geïmplementeerd. De richtlijn vereist dat ondernemingen met financiële moeilijkheden toegang hebben tot een stelsel waarmee zij hun schulden kunnen herstructureren. Daarnaast moeten insolvente ondernemers (natuurlijke personen) een tweede kans kunnen krijgen in de vorm van een volledige kwijtschelding van hun schulden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onderzoek naar schending van geheimhouding administratiekantoor na vordering tot uitlevering van gegevens

Op 11 maart heeft de FIOD een vrouw (51) en drie mannen (26, 40 en 50) uit Eindhoven aangehouden. Ze worden verdacht van schending van geheimhouding. Allen werken bij een administratiekantoor dat medio februari voor een ander strafrechtelijk onderzoek een vordering tot uitlevering van gegevens heeft gekregen. Daarbij heeft de officier van Justitie van het Functioneel Parket het administratiekantoor erop gewezen dat niet met derden over de vordering gecommuniceerd mag worden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Opzet in de Wet op de economische delicten. Beter boos dan kleurloos

Volgens de Hoge Raad moet ook in het economisch strafrecht de leer van het kleurloos opzet gelden. Dat uitgangspunt wordt in deze opinie ter discussie gesteld. Wie zich niet bewust is van het bestaan van een voorschrift, kan dat voorschrift niet opzettelijk overtreden. Hij begaat geen misdrijf, maar een overtreding. De aanvaarding van boos opzet past in het systeem van de Wet op de economische delicten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Onderzoek naar bestuurder stichting op verdenking van faillissementsfraude

Woensdag 10 maart heeft de FIOD een doorzoeking verricht in een woning in de gemeente Oldambt. Het strafrechtelijk onderzoek richt zich op een 48-jarige man die wordt verdacht van faillissementsfraude als bestuurder van een stichting. Tijdens de doorzoeking is administratie in beslag genomen. De verdachte was bestuurder van de stichting.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Taakstraf voor feitelijk leiddinggeven aan het niet meewerken aan controles en het niet verstrekken van administratie

Rechtbank Amsterdam 5 februari 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:401

Verdachte heeft zich gedurende zo’n anderhalf jaar schuldig gemaakt aan het feitelijke leiddinggeven aan het niet meewerken aan controles en het niet (volledig) verstrekken van administratie door naam bedrijf BV 1 en naam bedrijf BV 2.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing ontnemingsvordering: onvoldoende vast komen te staan dat bedrog in jaarcijfers heeft geleid tot de verkrijging van krediet

Rechtbank Amsterdam 1 februari 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:349

In de strafzaak is de rechtbank tot een bewezenverklaring gekomen van bedrog in jaarcijfers (feit 2). De vraag is of door middel van of uit de baten van dit strafbare feit veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel heeft verkregen. Deze vraag moet ontkennend worden beantwoord, omdat voor de rechtbank onvoldoende is komen vast te staan dat het bedrog in de jaarcijfers (feit 2) heeft geleid tot de verkrijging van een krediet van de naam bank. Uit de stukken komt namelijk onvoldoende naar voren dat het in de strafzaak bewezen verklaarde strafbare feit heeft geleid tot een hoge(re) beurskoers en/of dat de (hoge) beurskoers de aanleiding is geweest voor de verstrekking van het krediet.

Read More
Print Friendly and PDF ^