Inbeslagneming van verschoningsgerechtigd concept-testament toegestaan als instrumentum delicti in onderzoek naar verduistering en oplichting van kwetsbare oudere
/Rechtbank Rotterdam 2 juli 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:14302
De rechter-commissaris in de rechtbank Rotterdam beslist op 2 juli 2026 dat de inbeslagneming van een concept-testament is toegestaan in een onderzoek naar verduistering en oplichting van een kwetsbare oudere. Het concept zat met een begeleidende brief en een aangehecht stuk van een notaris in een envelop die bij een doorzoeking op 8 april 2026 in beslag is genomen. De rechter-commissaris merkt alle drie de stukken aan als verschoningsgerechtigd. De brief en het aangehechte stuk vallen niet onder de uitzondering van artikel 98 lid 5 Sv en gaan terug naar de beslagene. Het concept-testament heeft volgens de rechter-commissaris wel tot het begaan van het strafbare feit gediend, omdat een conceptversie een essentiële voorwaarde is voor het definitieve testament, waarin de oudere de verdachte en haar man als begunstigden kan aanwijzen. Het concept wordt aan het Openbaar Ministerie vrijgegeven zodra de beslissing onherroepelijk is.
Inleiding en context
Het gaat om een beslissing van de rechter-commissaris in de voorfase van een strafzaak tegen een natuurlijk persoon, geboren in 1972. Bij een doorzoeking onder leiding van de rechter-commissaris wordt een envelop van een notariskantoor in beslag genomen. De envelop bevat een begeleidende brief, een concept-testament van 20 maart 2025 en een aangehecht stuk.
Tenlastelegging en wettelijk kader
Een tenlastelegging is niet aan de orde. De verdenking betreft verduistering en oplichting van een oudere die op 28 maart 2025 door de kantonrechter wilsonbekwaam is verklaard. Toetsingskader is artikel 98 Sv: geheimhoudersstukken mogen niet zonder toestemming in beslag worden genomen, tenzij zij voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend (lid 5).
Standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie verzoekt de stukken te beoordelen op grond van artikel 98 lid 5 Sv. Een nadere onderbouwing staat niet in de beslissing.
Standpunt van de verdediging
Een standpunt van de verdachte is niet weergegeven. De notaris stelt dat de stukken geheimhoudersstukken zijn. Over het concept-testament verklaart zij dat zij met haar beperkte kennis van de strafzaak niet kan beoordelen of het een corpus of instrumentum delicti is, maar daarvoor geen aanleiding ziet.
Oordeel gerecht
De rechter-commissaris acht alle stukken verschoningsgerechtigd. De brief en het aangehechte stuk staan niet in een zodanig verband tot de verdenking dat artikel 98 lid 5 Sv van toepassing is.
Het standpunt van de verschoningsgerechtigde wordt geëerbiedigd, tenzij redelijkerwijze geen twijfel kan bestaan dat het onjuist is. Bepalend zijn de aard van het stuk, de aard van het delict en de verweten gedragingen (HR 5 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:8). Concepten van valse overeenkomsten kunnen instrumenta delicti zijn (ECLI:NL:HR:2016:110). Een definitief testament komt slechts via een conceptversie tot stand, zodat het concept een zelfstandige betekenis heeft. Het concept ziet op de oudere en de verdachte en kan bewerkstelligen dat zij en haar man begunstigden worden. Het standpunt van de notaris is daarom onjuist.
Bewezenverklaring
Niet van toepassing.
Strafoplegging en maatregelen
Niet van toepassing. De inbeslagneming van het concept-testament is toegestaan. Het blijft in de kluis tot de beslissing onherroepelijk is en wordt daarna vrijgegeven aan het Openbaar Ministerie en het onderzoeksteam. De brief en het aangehechte stuk worden geretourneerd. De notaris kan binnen veertien dagen na betekening een klaagschrift indienen.
Lees hier de volledige uitspraak.
Gerelateerde berichten
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep OM over doorbreking van notarieel verschoningsrecht in witwasonderzoek, 22 september 2026
