Verdachte heeft in strijd met de bepalingen van de EVOA een schip naar Turkije overgebracht om het daar te laten slopen zonder voorafgaande kennisgeving

Rechtbank Rotterdam 30 november 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:11861

Aan de verdachte wordt verweten dat hij zich, al dan niet samen met een ander of anderen, schuldig heeft gemaakt aan, primair de uitvoer van een schip genaamd naam schip in strijd met de bepalingen van de EVOA, subsidiair het overbrengen van naam schip naar Turkije zonder dat dit is gebeurd met kennisgeving aan en/of toestemming door de bevoegde autoriteiten zoals vereist door de EVOA. De verdachte dient te worden vrijgesproken van het primair ten laste gelegde omdat het schip niet kwalificeert als een afvalstof, omdat de rechthebbende zich er niet van wilde ontdoen, maar ook omdat het schip niet daadwerkelijk uit de Europese Gemeenschap is uitgevoerd, aangezien het in Engelse wateren is gezonken en deze wateren destijds nog tot de Europese Gemeenschap behoorden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Gevangenisstraffen tot dertig maanden voor oplichting en omkoping Vestia

In een omvangrijke fraudezaak, waarin de Rotterdamse woningcoöperatie Vestia het slachtoffer was, zijn 19 personen en 14 bedrijven veroordeeld voor omkoping, oplichting, valsheid in geschrifte en witwassen. De twee Vestia-medewerkers spraken tussen 2015 en 2018 met een groot aantal schoonmaak- en onderhoudsbedrijven af dat deze bedrijven werkopdrachten van Vestia zouden krijgen, in ruil voor een deel van de omzet of betaling van een extra bedrag. Met behulp van tussenpersonen werd de aanbestedingsprocedure van Vestia gemanipuleerd. Zo mochten de schoonmaakbedrijven na het verstrijken van de deadline hun offerte aanpassen, zodat ze als beste uit de bus kwamen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belemmeren van toegang tot geautomatiseerd werk door via website DDos-aanvallen uit te laten voeren op andere website: “geautomatiseerd werk”?

Hoge Raad 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1944

Een inrichting kan alleen als “geautomatiseerd werk” in de zin van art. 80sexies (oud) Sr worden aangemerkt als zij geschikt is om 3 functies te vervullen, te weten opslag, verwerking en overdracht van gegevens. Begrip “geautomatiseerd werk” in de zin van art. 80sexies (oud) Sr is echter niet beperkt tot apparaten die zelfstandig aan deze drievoudige eis voldoen. Ook netwerken bestaande uit computers die d.m.v. via internet verspreide software met elkaar zijn verbonden en/of telecommunicatievoorzieningen vallen onder dat begrip, evenals delen van zulke geautomatiseerde werken (vgl. HR:2013:BY9718 en HR:2011:BN9287). Dat zo’n apparaat, netwerk of deel daarvan slechts m.b.v. een of meer computerprogramma’s die functies van opslag, verwerking en overdracht van gegevens kan vervullen, brengt mee dat belemmering van werking van computerprogramma waarmee een of meer van die functies worden vervuld ook kan worden aangemerkt als belemmering van werking van dit geautomatiseerd werk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HvJ EU: verbod om gevolg te geven aan bepaalde wetgeving van derde landen kan in een civiele procedure worden ingeroepen

HvJ EU 21 december 2021, C-124/20 (Bank Melli Iran)

Het verbod uit de EU-blokkeringsverordening om gevolg te geven aan bepaalde wetgeving van derde landen kan worden ingeroepen in een civiele procedure. Dat verbod geldt ook wanneer een bestuurlijke of rechterlijke instantie van het derde land geen specifiek verzoek of geen specifieke instructie heeft gegeven om de wetgeving van dat derde land na te leven. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Duitse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van oplichting en faillissementsfraude

Rechtbank Noord-Nederland 25 november 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:5041

De rechtbank is van oordeel dat - alhoewel de gang van zaken opmerkelijk te noemen is en vragen oproept- niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat verdachte een actieve rol had bij het overmaken van gelden naar Turkije. Bovendien blijkt uit niets dat hij van deze gelden heeft geprofiteerd. Samengevat acht de rechtbank onvoldoende bewijs voorhanden om verdachte te veroordelen voor het hem ten laste gelegde. De rechtbank acht zonder meer aannemelijk dat er een plan is geweest om bedrijf 1 te gebruiken voor frauduleuze doeleinden en daaraan gelden te onttrekken voor persoonlijk gewin. De rechtbank kan echter niet buiten redelijke twijfel vaststellen wat dit plan precies is geweest en in het bijzonder niet welke rol verdachte daarin heeft gespeeld. Dat hij als initiator of uitvoerder betrokken is geweest is niet komen vast te staan.

Read More
Print Friendly and PDF ^