Oplichting & vordering BP: Bij lezen TLL in samenhang met procesdossier kan sprake zijn van voldoende rechtstreeks verband tussen TLL en niet met naam en toenaam genoemde personen

Rechtbank Midden-Nederland 24 juni 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:2348

In de tenlastelegging en de bewezenverklaring staan tien personen met naam en toenaam genoemd. De rechtbank verklaard bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan oplichting van personen, onder wie deze tien. In totaal hebben 116 personen aangifte gedaan tegen deze verdachte middels de in dit onderzoek aangetoonde constructie. Weliswaar staan niet alle aangevers met naam en toenaam in de tenlastelegging vermeld, maar naar het oordeel van de rechtbank is er bij deze wijze van ten laste leggen – welke wordt gelezen in samenhang met het procesdossier – voldoende rechtstreeks verband tussen de tenlastelegging en (ook) de overige, niet met naam en toenaam genoemde, personen die een vordering benadeelde partij hebben ingediend.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor faillissementsfraude, onttrekking aan beslag en schuldwitwassen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 juli 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:5054

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan faillissementsfraude door de administratie van de gefailleerde vennootschap niet op orde te houden. Verdachte was bestuurder van de vennootschap en als zodanig verantwoordelijk voor een deugdelijke boekhouding. Uit het dossier blijkt dat er sprake was van een ondeugdelijke, op alle fronten tekort schietende administratie. Ook blijkt dat de gebrekkige administratie mede een rol heeft gespeeld bij het faillissement van het autobedrijf. Daaraan heeft zij dus een belangrijke bijdrage geleverd. Faillissementsfraude is mede vanwege de mogelijke benadeling van schuldeisers een ernstig strafbaar feit, dat inbreuk maakt op een goed verloop van het handelsverkeer.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: schenden ambtsgeheim ondanks dat verdachte informatie mogelijk ook elders kon verkrijgen

Hoge Raad 7 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1197

Het cassatiemiddel klaagt dat de bewezenverklaring, voor zover inhoudende dat telkens sprake is van ‘enig geheim’ als bedoeld in artikel 272 van het Wetboek van Strafrecht, ontoereikend is gemotiveerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor niet ambtelijke omkoping ondanks bepleiten en vorderen van vrijspraak door verdediging en OM

Gerechtshof Amsterdam 30 juni 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1793

De verdachte heeft zich gedurende een reeks van jaren schuldig gemaakt aan niet ambtelijke omkoping en gewoonte witwassen. Hij heeft giften aangenomen van zijn directe leidinggevende en van een belangrijke leverancier van zijn werkgever, stichting 1. De verdachte heeft deze giften voor zijn werkgever verzwegen. Het hof rekent het de verdachte zwaar aan dat hij ten koste van zijn werkgever voor een bedrag van circa € 35.000 flink heeft geprofiteerd van de verkregen giften. Daarnaast heeft verdachte voorwerpen (geld en roerende zaken) omgezet en gebruikt, terwijl hij wist dat deze voorwerpen uit zijn eigen misdrijf afkomstig waren.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Wanneer is sprake van strafbare voorbereiding a.b.i. art. 46 Sr?

Hoge Raad 7 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1199

In art. 46 lid 1 Sr wordt met “dat misdrijf” in de zinsnede “bestemd tot het begaan van dat misdrijf” gedoeld op het misdrijf dat is voorbereid, en dus niet op de voorbereiding zelf. (Vgl. HR 12 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1956.) Dat betekent dat het object waarop een in artikel 46 Sr genoemde gedraging betrekking heeft, moet zijn bestemd tot het begaan van het misdrijf dat is voorbereid.

Read More
Print Friendly and PDF ^