Ondergronds bankieren via lege tassen en volle shoppers

Gerechtshof Amsterdam 26 januari 2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:191

Dit betreft een zaak waarin de verdachte samen met anderen via een vennootschap feitelijk ondergronds bankieren faciliteert. Hem wordt verweten dat hij 459.650 overdraagt en daarmee geld witwast en zonder vergunning het bedrijf van betaaldienstverlener uitoefent. Het hof oordeelt dat sprake is van een gerechtvaardigd witwasvermoeden op basis van onder meer grote contante bedragen, versleutelde communicatie en verborgen ruimtes in voertuigen, terwijl een concrete herkomstverklaring ontbreekt. De verdachte wordt vrijgesproken van enkele andere geldbedragen, maar voor het overige acht het hof medeplegen van witwassen, deelneming aan een criminele organisatie en bankieren zonder vergunning bewezen. Het hof houdt rekening met de ernst van de feiten en de ondermijning van het financieel-economisch verkeer, maar ook met de overschrijding van de redelijke termijn. Uiteindelijk legt het hof een gevangenisstraf van 16 maanden op, met aftrek van voorarrest.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vastgoed als dekmantel voor hennepgeld in onderzoek Babydraak

Rechtbank Gelderland 12 mei 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:11638

De rechtbank veroordeelt een in Frankrijk wonende verdachte voor het medeplegen van witwassen van crimineel geld en twee panden in Rotterdam en Zoetermeer binnen het onderzoek Babydraak. De aankoopbedragen worden gefinancierd via buitenlandse rekeningen en contante stortingen, terwijl een legale inkomstenbasis ontbreekt. De door verdachte gestelde schenkingen en spaargelden worden als onvoldoende concreet en verifieerbaar terzijde geschoven. De panden blijken feitelijk te worden gebruikt voor hennepteelt en gerelateerde activiteiten en behoren volgens de rechtbank toe aan leden van een criminele organisatie. De rechtbank acht sprake van nauwe en bewuste samenwerking en verklaart het medeplegen van witwassen bewezen. Verdachte krijgt een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden, een geldboete van 20.000 en de panden worden verbeurd verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

WODC rapport over risico-inschatting witwassen en financieren van terrorisme bij kansspelen

Het risico op witwassen en terrorismefinanciering is nog steeds laag bij diverse loterijen, Totalisator (wedden op paarden) en de deelsector speelautomaten. Alleen bij landgebonden sportweddenschappen is het risico niet laag. Dat blijkt uit een nieuwe risicoanalyse, een herijking van eerdere analyses naar risico’s op witwassen en terrorismefinanciering. Bepaalde kansspelsectoren zouden daarom opnieuw in aanmerking kunnen komen voor een vrijstelling op het verplicht melden van verdachte transacties. Dat is van belang met het oog op (nieuwe) Europese regelgeving.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Essentiële schakel, maar geen medepleger van oplichting: wel medeplegen witwassen in bankhelpdeskfraude

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 10 februari 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:843

In deze zaak staat een 18-jarige verdachte terecht wegens betrokkenheid bij grootschalige bankhelpdeskfraude, waarbij honderden met name oudere slachtoffers telefonisch worden misleid en geld verliezen. Verdachte wordt verweten dat hij als medepleger betrokken is bij oplichting dan wel witwassen door pakketjes bij MediaMarkt op te halen en zijn bankrekening ter beschikking te stellen. De rechtbank oordeelt dat zijn bijdrage onvoldoende gewicht heeft voor medeplegen van oplichting en spreekt hem daarvan vrij. Wel acht de rechtbank medeplegen van opzetwitwassen bewezen, nu hij weet dat de goederen en geldbedragen uit misdrijf afkomstig zijn. Verdachte krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 150 uur.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Wet gegevensverwerking persoonsgerichte aanpak radicalisering en terroristische activiteiten: een analyse

Op 1 juli 2025 trad de Wet gegevensverwerking persoonsgerichte aanpak radicalisering en terroristische activiteiten (Wet PARTA) in werking. De wet biedt de juridische grondslag voor casusoverleggen over radicalisering en terroristische activiteiten. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om wijzigingen in bestaande praktijken te bewerkstelligen; het gaat om codificatie van een al jaren bestaand fenomeen, waarbij een groot aantal (overheids)partijen is betrokken. De Wet PARTA heeft betrekkelijk weinig politieke of maatschappelijke deining veroorzaakt en is met een ruime meerderheid door het parlement aangenomen. Onder academici en wetgevingsadviseur bestond er wél de nodige discussie, bijvoorbeeld over afbakening van de begrippen ‘radicalisering’, ‘extremisme’ en ‘terrorisme’, en over het toezicht op gegevensverwerkingen. In deze bijdrage analyseren de auteurs de Wet PARTA en het bijbehorende besluit vanuit het perspectief van het nationale veiligheidsrecht en het gegevensbeschermingsrecht. Zij werpen fundamentele vragen op met betrekking tot rechtsstatelijke waarborgen en gegevensbescherming.

Read More
Print Friendly and PDF ^