Kroniek ondernemingsstrafrecht | Tweede helft 2020

Het valt niet te loochenen dat ook in de tweede helft van 2020 de rechtspraktijk, net als de samenleving in haar geheel, vooral (en soms alleen maar) in het teken van COVID-19 heeft gestaan. Het leidde in het parlement tot spoed- en noodwetgeving, tot (deels) minder fysiek toegankelijke zittingen, en tot telehoren en videoverbindingen tussen de rechtszaal en de in de penitentiaire inrichtingen verblijvende verdachten. Toch valt over de periode waarover in deze kroniek verslag wordt gedaan het nodige op te tekenen. In willekeurige volgorde vallen te noemen het in december 2020 ronduit ontluisterend rapport over de Toeslagenaffaire van de parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (commissie Van Dam) getiteld ‘Ongekend onrecht’.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Raad van State en kabinet over de keuze tussen de twee bestraffende stelsels in het publiekrechtelijke sanctierecht

Meer dan vijf jaar geleden verscheen het kritische advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over de rechtsbescherming bij bestuurlijke boetes. In deze bijdrage wordt allereerst in grote lijnen de ontwikkeling van boetebevoegdheden en wetgeving geschetst. Vervolgens wordt het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State besproken Ten slotte wordt een aantal wetswijzigingen besproken die naar het oordeel van de auteurs noodzakelijk zijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving brengt themanummer oud(e) hoogleraren uit

Deze week is een nieuwe editie van het Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving (TBS&H) uitgekomen. Dit eerste nummer van 2021 betreft een speciaal nummer. Dit themanummer is bijzonder, omdat het stemmen bevat uit het verleden. Wat bedoelen we hiermee? Dit themanummer bevat bijdragen van oud-hoogleraren die zich in het verleden op de een of andere manier hebben beziggehouden met het bijzondere strafrecht in de breedste zin des woords. Enkele oud-hoogleraren – ooit verbonden aan verschillende universiteiten van het land – waren bereid om vanuit hun perspectief actuele ontwikkelingen nader te bespreken. In totaal hebben acht oud-hoogleraren hun licht laten schijnen over kwesties in het bijzondere strafrecht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Het Europees arrestatiebevel: Toch nog mogelijkheden voor een goede verdediging?

Sinds 12 mei 2004 is in Nederland de Overleveringswet van kracht, waarmee de procedure van uitlevering binnen de EU drastisch veranderde. Sindsdien is het Europees aanhoudingsbevel een populair middel voor lidstaten geworden om gezochte verdachten en veroordeelden naar hun grondgebied te krijgen. De rechtsbescherming voor opgeëiste personen is, onder meer door enkele uitspraken van het HvJ EU, allengs minder geworden. De bijstand in overleveringszaken vergt dan ook meer dan alleen het voeren van verweren in overleveringsprocedure zelf. Een proactieve houding, mogelijk zelfs in de fase voorafgaand aan het EAB, kan de opgeëiste persoon een gedwongen reis naar het buitenland besparen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: De Nederlandse implementatie van de Klokkenluidersrichtlijn

Teneinde een minimumbeschermingsniveau te bieden aan personen die in de uitoefening van hun werk in aanraking komen met inbreuken op het Unierecht en hiervan melding maken, is op 7 december 2019 de Europese richtlijn bescherming klokkenluiders in werking getreden. Uiterlijk 17 december 2021 dient deze richtlijn in Nederlandse wetgeving te zijn geïmplementeerd. Om de huidige regelgeving die ziet op dit onderwerp in lijn te brengen met de richtlijn dienen er enkele wijzigingen te worden doorgevoerd. Meer concreet betekent dit dat de regeling voor klokkenluiders, thans neergelegd in de Wet Huis voor klokkenluiders, zal worden aangepast. Eind juli 2020 is het conceptvoorstel van wet, alsmede de conceptmemorie van toelichting gepubliceerd ter consultatie. Op basis van deze stukken worden in deze bijdrage de voorgestelde wijzigingen ten opzichte Wet Huis voor klokkenluiders belicht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Schadelijk in de zin van artikel 174 Sr, maar niet opzettelijk

In een uitspraak van de rechtbank Rotterdam is de verdachte een groothandel in noten die partijen met aflatoxine verhandeld heeft. Aflatoxine vormt een gevaar voor de gezondheid als bedoeld in artikel 174 Sr. Er volgt echter een vrijspraak op grond van twee contra-indicaties voor opzet. In deze annotatie zal uiteen worden gezet waarom de rechtbank opzet niet heeft aangenomen en daarmee voorbij is gegaan aan jurisprudentie ten aanzien van opzet op het bestanddeel ‘wetende dat’ uit artikel 174 Sr en mee had moeten wegen dat de verdachte een professional is die bekend had moeten zijn met de risico’s van aflatoxine.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: De praktische kanten van beslag, beklag en het professioneel verschoningsrecht

In de zaak van 16 juni 2020 heeft de Hoge Raad geaccordeerd dat zogeheten geheimhouders-politieambtenaren en geheimhouders-officieren van justitie zich met de selectie van de stukken/gegevens die wel of niet onder het professioneel verschoningsrecht vallen, bezighouden. Onder regie van de rechter-commissaris was in overleg met de directeur als afgeleid verschoningsgerechtigde, via geheimhouders-politieambtenaren, die onder toezicht van een geheimhouders-officier van justitie werkten, een selectie gemaakt van de gegevens welke wel en niet onder het afgeleid verschoningsrecht vielen. Daarbij heeft de raadsman van de directeur van de internationale ambulancevervoerder inspraak gehad in de uitgebreide zoektermen ter filtering (welke zoektermen ook in diverse andere talen zijn gebruikt). De selectie had niet alleen betrekking op tekst (in e-mails), maar ook op afbeeldingen en audio- en videobestanden. Die werkwijze kon de goedkeuring van de Hoge Raad wegdragen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Het voorstel voor een nieuw regelgevend kader voor de gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden

Dit artikel gaat nader in op de betekenis van het wetsvoorstel gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden. De focus ligt op de vraagstukken die spelen rondom de bescherming van persoonsgegevens. Al geruime tijd bestaan er verschillende samenwerkingsverbanden, zoals de Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC’s), die beogen bij te dragen aan de ‘integrale’ aanpak van belangrijke maatschappelijke problemen (zoals de ondermijnende criminaliteit). Toch zijn er maar beperkte grondslagen voor de gegevensuitwisseling van dergelijke samenwerkingsverbanden. Dit artikel legt nader uit welke problemen er spelen vanuit privacyrechtelijk oogpunt, waar het relevante nationale en Unierechtelijke toetsingskader uit bestaat, en vervolgens wat de meerwaarde van dit wetsvoorstel is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: De opsporings- en vervolgingscompetentie van het Europees Openbaar Ministerie in Nederland

Het Europees Openbaar Ministerie gaat ook in Nederland strafbare feiten opsporen en vervolgen die schade toebrengen aan de financiële belangen van de EU. Maar welke feiten precies? Hoe wordt zijn competentie afgebakend van de competentie van de nationale autoriteiten? En hoe wordt verzekerd dat het Europees OM niet alleen formeel, maar ook praktisch in staat is om de opsporingsonderzoeken uit te voeren waarvoor het bevoegd is? Deze bijdrage bespreekt de invoeringswet waarmee het Europees OM in de Nederlandse rechtsorde wordt ingebed, en de competentievragen die daarbij een rol spelen. Sommige punten zijn helder, maar andere leiden slechts tot vraagtekens.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Uit- en overlevering van EU-burgers bij overtreding van het kartelverbod – op het snijvlak van straf- en mededingingsrecht

In Nederland wordt het mededingingsrecht (nog steeds) bestuursrechtelijk afgedaan. De strafrechtelijke handhaving van dit rechtsgebied heeft de laatste jaren in andere landen een opmars gemaakt; ook in verschillende lidstaten van de Europese Unie. Hoewel in Nederland het mededingingsrecht een ‘strafrechtelijk verleden’ kent, werd deze handhavingsvorm weinig benut en/of was deze weinig succesvol en is hiervan afscheid genomen. Dat Nederland overtredingen van de mededingingswet nu niet strafrechtelijk sanctioneert, wil echter niet zeggen dat aan mededingingsrechtelijke overtredingen voor Nederlanders geen strafrechtelijke risico’s kleven. Indien dergelijke overtredingen door Nederlandse onderdanen in het buitenland effect hebben, omdat daar bijvoorbeeld de klanten van een kartel zijn gevestigd, kunnen Nederlanders alsnog – zij het in het buitenland – tegen strafrechtelijke vervolging en een veroordeling aanlopen.

Read More
Print Friendly and PDF ^