Zijn gegevensdragers (geheugenkaarten, computer, USB-sticks, desktop en telefoon) vatbaar voor onttrekking aan het verkeer, art. 36c en 36d Sr?

Hoge Raad 27 oktober 2026, ECLI:NL:HR:2026:1756

De Hoge Raad vernietigt gedeeltelijk een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in een zaak over het gewoontematig verwerven en bezitten van kinderpornografisch materiaal. Het hof heeft naast de veroordeling de onttrekking aan het verkeer bevolen van achttien inbeslaggenomen gegevensdragers, waaronder geheugenkaarten, USB-sticks, een computer, een desktop en een telefoon. Het hof overweegt daarbij in algemene bewoordingen dat de voorwerpen bij het onderzoek naar het misdrijf zijn aangetroffen, dat het feit met betrekking tot die voorwerpen is begaan of dat zij kunnen dienen tot soortgelijke misdrijven, en dat het ongecontroleerde bezit ervan in strijd is met de wet en het algemeen belang. De Hoge Raad oordeelt dat uit de uitspraak van het hof niet kan worden afgeleid dat is voldaan aan de vereisten van artikel 36c en/of 36d Sr, zodat die beslissing ontoereikend is gemotiveerd. De overige klachten, waaronder die over de rechtmatigheid van de doorzoeking van de woning, leiden niet tot cassatie en worden afgedaan met toepassing van artikel 81 lid 1 RO. Wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie vermindert de Hoge Raad de taakstraf van 240 naar 228 uren en wijst hij de zaak wat betreft de onttrekking aan het verkeer terug naar het hof.

Achtergrond

De verdachte is een natuurlijk persoon, geboren in 1964. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt hem bij arrest van 11 juni 2024 wegens het gewoontematig verwerven en bezitten van kinderpornografisch materiaal, artikel 240b lid 2 (oud) Sr. Bewezenverklaard is dat hij in de periode van 2 maart 2012 tot en met 18 april 2017 meermalen afbeeldingen van seksuele gedragingen waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt is betrokken of schijnbaar is betrokken, opgeslagen op vier USB-sticks, heeft verworven en in bezit gehad, en zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft. Het hof past de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 240b Sr toe. Het arrest van de Hoge Raad vermeldt een taakstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis. Blijkens de conclusie van de advocaat-generaal legt het hof daarnaast een gevangenisstraf op van 241 dagen, waarvan 240 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

Onder de verdachte en op de luchthavenparochie worden onder meer geheugenkaarten, USB-sticks, cd-roms en dvd’s, een desktop, simkaarten, een digitale camera, een computer en een telefoon in beslag genomen. De advocaat-generaal bij het hof vordert gedeeltelijke onttrekking aan het verkeer en gedeeltelijke teruggave. De verdediging verzoekt om teruggave van alle voorwerpen, met uitzondering van de vier USB-sticks waarop het kinderpornografisch materiaal is aangetroffen; van die USB-sticks doet de verdachte ter terechtzitting afstand. Het hof beveelt, net als de rechtbank, de onttrekking aan het verkeer van twaalf geheugenkaarten, een computer, drie USB-sticks, een desktop en een telefoon. Het overweegt dat deze voorwerpen bij gelegenheid van het onderzoek naar het misdrijf zijn aangetroffen, dat het voorwerpen betreft met betrekking tot welke het feit is begaan of die kunnen dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke misdrijven, en dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang en de wet.

Cassatiemiddelen

Namens de verdachte stelt advocaat J.Y. Taekema drie cassatiemiddelen voor. Het eerste middel klaagt, blijkens de conclusie van de advocaat-generaal, over de verwerping van het verweer dat de resultaten van de doorzoeking van de woning onrechtmatig zijn verkregen wegens het ontbreken van een redelijk vermoeden van schuld, met bewijsuitsluiting op grond van artikel 359a Sv als gevolg, en over de afwijzing van de daarmee samenhangende voorwaardelijke verzoeken, mede in het licht van artikel 6 EVRM. De inhoud van het tweede middel blijkt niet uit het arrest of uit het aangeleverde deel van de conclusie. Het derde middel klaagt over de beslissing tot onttrekking aan het verkeer van de inbeslaggenomen gegevensdragers.

De advocaat-generaal Paridaens concludeert tot vernietiging, uitsluitend wat betreft het aantal uren taakstraf, de duur van de vervangende hechtenis en de onttrekking aan het verkeer, tot vermindering van de taakstraf en de vervangende hechtenis, tot terugwijzing naar het hof wat betreft de inbeslaggenomen voorwerpen en tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsman reageert daarop schriftelijk.

Beoordeling Hoge Raad

Het eerste en het tweede middel kunnen niet tot cassatie leiden. De Hoge Raad motiveert dit niet nader, omdat de beoordeling van deze klachten geen beantwoording vergt van vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht, artikel 81 lid 1 RO.

Bij het derde middel geeft de Hoge Raad in rechtsoverweging 3.3 de tekst van de artikelen 36c en 36d Sr weer. In rechtsoverweging 3.4 oordeelt hij dat het oordeel van het hof dat de voorwerpen met de nummers 1 tot en met 14, 16, 17, 20 en 21 vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, ontoereikend is gemotiveerd, omdat uit de uitspraak van het hof niet kan worden afgeleid dat is voldaan aan de in artikel 36c en/of 36d Sr gestelde vereisten. Het middel slaagt.

Ambtshalve stelt de Hoge Raad vast dat hij uitspraak doet nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. De redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM is daarmee overschreden, wat leidt tot vermindering van de taakstraf.

Beslissing van de Hoge Raad

De Hoge Raad vernietigt de uitspraak van het hof, uitsluitend wat betreft de onttrekking aan het verkeer van de voorwerpen met de nummers 1 tot en met 14, 16, 17, 20 en 21, het aantal uren taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis. Hij vermindert de taakstraf tot 228 uren, subsidiair 114 dagen hechtenis, wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden opdat deze wat betreft die voorwerpen opnieuw wordt berecht en afgedaan, en verwerpt het beroep voor het overige.

Lees hier de volledige uitspraak.

Gerelateerde berichten

Gerelateerde cursussen

Print Friendly and PDF ^