Beheer Samenwerkingsplatform Sanctienaleving verplaatst naar Buitenlandse Zaken in aanloop naar het Centraal Meldpunt Sancties

Secretaris-generaal Christiaan Rebergen van het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft samen met secretaris-generaal Sandor Gaastra van het ministerie van Economische Zaken een overdrachtsprotocol getekend voor het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving. Rebergen maakte de ondertekening bekend in een bericht op LinkedIn. Met het protocol gaat het beheer van het platform over van Economische Zaken naar Buitenlandse Zaken, waar het onderdeel wordt van het Centraal Meldpunt Sancties. Het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving is een interdepartementaal overleg waarin overheidsorganisaties casuïstiek en ervaringen op het gebied van sanctienaleving met elkaar delen. Het Centraal Meldpunt Sancties wordt bij Buitenlandse Zaken opgericht als onderdeel van de modernisering van het Nederlandse sanctiestelsel via de Wet internationale sanctiemaatregelen, die op dit moment bij de Tweede Kamer in behandeling is.

Het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving

Het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving komt voort uit de aanbevelingen van de nationaal coördinator sanctienaleving en handhaving. In zijn eindrapport uit 2022 stelde de coördinator voor om de gegevensuitwisseling tussen overheidsorganisaties te versterken, zodat mogelijke verbanden met gesanctioneerde partijen en complexe eigendomsstructuren sneller in beeld komen. Ter uitvoering van aanbeveling 13 is het interdepartementale platform ingesteld, dat in het najaar van 2022 voor het eerst bijeenkwam. Het beheer van het platform lag bij het ministerie van Economische Zaken.

In het platform bespreken specialisten informatie die binnen hun eigen organisatie beschikbaar is. De feitelijke deling van gegevens vindt bilateraal plaats, op verzoek en binnen de geldende juridische kaders. Het Jaaroverzicht 2025 van FIU-Nederland noemt het platform als een van de samenwerkingsverbanden waarbinnen de Financial Intelligence Unit met partners optrekt op het gebied van sanctieontwijking.

Het Centraal Meldpunt Sancties

Het Centraal Meldpunt Sancties is aangekondigd door de minister van Buitenlandse Zaken tijdens een internationale conferentie over sanctienaleving in januari 2025. Aanleiding is de constatering dat de meldpunten die voortvloeien uit de Europese sanctieverordeningen op dit moment decentraal zijn ondergebracht bij verschillende ministeries en toezicht- en handhavingsinstanties. Tijdens het traject van de modernisering van het sanctiestelsel is door vrijwel alle betrokkenen de wens geuit om die meldpunten te bundelen. Het meldpunt wordt belegd bij Buitenlandse Zaken en moet meldingen niet alleen centraliseren, maar ook analyseren, voorlichting geven over de meldplichten en informatie delen met de betrokken ketenpartners.

De oprichting wordt aangestuurd als een interdepartementaal project met vier opdrachtgevende ministeries: Buitenlandse Zaken, Economische Zaken, Financiën en Justitie en Veiligheid. In de Voorjaarsnota 2025 is structureel € 36,5 miljoen vrijgemaakt voor de instandhouding en versterking van de sanctienaleving in Nederland. Die middelen zijn toegevoegd aan de begroting van Buitenlandse Zaken als coördinerend departement, waarna structureel € 31 miljoen wordt overgeboekt naar Financiën, Justitie en Veiligheid, Infrastructuur en Waterstaat en Economische Zaken. Uit die middelen wordt onder meer het Centraal Meldpunt Sancties gefinancierd.

Samenhang met de Wet internationale sanctiemaatregelen

Het Centraal Meldpunt Sancties is verbonden met de Wet internationale sanctiemaatregelen, die de Sanctiewet 1977 grotendeels vervangt. Het wetsvoorstel is op 19 februari 2026 door de minister van Buitenlandse Zaken bij de Tweede Kamer ingediend en draagt kamerstuknummer 36898. De wet introduceert bestuursrechtelijke handhaving naast het strafrecht en voorziet in de oprichting van het centraal meldpunt. Volgens de stukken kan het meldpunt pas volledig van start gaan wanneer de Wet internationale sanctiemaatregelen in werking treedt.

De parlementaire behandeling loopt nog. De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken bracht op 21 april 2026 haar verslag uit, waarin onder meer vragen zijn gesteld over het duale handhavingsstelsel en over de aansluiting op het Europese kader. De minister reageerde daarop in de nota naar aanleiding van het verslag van 17 juni 2026. Naast de eerste tranche ligt er een tweede tranche die het toezicht op de bedrijfsvoering van onder toezicht staande instellingen regelt.

De overdracht van het beheer

Met het overdrachtsprotocol verschuift het beheer van het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving van Economische Zaken naar Buitenlandse Zaken. Die verschuiving sluit aan bij de coördinerende rol die Buitenlandse Zaken al vervult op het gebied van sanctienaleving, waaronder de coördinatie van de rapportageverplichtingen uit de sanctieverordeningen voor Rusland en Oekraïne. Het platform wordt met de overdracht ingebed in de structuur van het Centraal Meldpunt Sancties. Voor de deelnemende organisaties blijft het platform de plek waar concrete casuïstiek tussen ministeries en uitvoeringsorganisaties wordt besproken.

Afsluiting

Het beheer van het Samenwerkingsplatform Sanctienaleving gaat met de ondertekening van het overdrachtsprotocol over van het ministerie van Economische Zaken naar het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar het onderdeel wordt van het Centraal Meldpunt Sancties. Dat meldpunt wordt bij Buitenlandse Zaken opgericht en moet de nu verspreide sanctiemeldpunten bundelen, met financiering uit de structurele middelen van € 36,5 miljoen die in de Voorjaarsnota 2025 zijn vrijgemaakt. Het Centraal Meldpunt Sancties kan pas volledig operationeel worden na inwerkingtreding van de Wet internationale sanctiemaatregelen. Dat wetsvoorstel ligt bij de Tweede Kamer; de parlementaire behandeling van de eerste tranche loopt en een tweede tranche is in voorbereiding.

Achtergrond bij het Centraal Meldpunt Sancties is te vinden in de Kamerbrief van de minister van Buitenlandse Zaken en in het dossier bij de Wet internationale sanctiemaatregelen.

Print Friendly and PDF ^