Voorwaardelijk gevangenisstraf voor onttrekken goederen aan de boedel, het bevoordelen van schuldeisers en het niet te voorschijn brengen van administratie

Rechtbank Amsterdam 26 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:8567

Verdachte heeft zich als bestuurder van een rechtspersoon schuldig gemaakt aan faillissementsfraude. Terwijl verdachte wist dat naam BV 1 in zwaar weer verkeerde, heeft hij geldbedragen en goederen aan de boedel onttrokken en heeft hij bepaalde schuldeisers bevoordeeld. Verdachte heeft daarnaast onvoldoende administratie gevoerd en deze niet tijdig tevoorschijn gebracht, met als belangrijkste gevolg dat voor de curator niet meer is te achterhalen wat de exacte rechten en verplichtingen van naam BV 1 zijn geweest. Daardoor zijn meerdere schuldeiser van de rechtspersoon ernstig benadeeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG over de oproeping van een niet-verschenen getuige en het gebruik voor het bewijs van diens verklaring

Parket bij de Hoge Raad 26 november 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1233

Het middel houdt in dat het hof het voorwaardelijk verzoek getuige benadeelde te horen en het onvoorwaardelijk verzoek tot het lokaliseren van deze getuige benadeelde, heeft afgewezen op gronden die deze afwijzing niet kunnen dragen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Uitgebreide conclusie AG Wattel over BTW-fraude & pleitbaar standpunt

Parket bij de Hoge Raad 26 november 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1198

Het gaat om de verkoop van multipurpose telefoonkaarten, gefingeerd aan Belgische afnemer met toepassing van de verleggingsregeling, maar in werkelijkheid aan binnenlandse afnemers. Die verkoop is volgens de fiscus vrijgesteld van omzetbelasting; inkoop-BTW is dan niet aftrekbaar, wat de verdachte wel heeft gedaan. De fiscus heft echter onterechte vooraftrek beleidsmatig niet na, ook niet van belanghebbendes concurrenten, kennelijk wegens ontbreken belastingnadeel, en de belastingrechter heeft onherroepelijk geoordeeld dat dan ook van de verdachte niet kan worden nageheven. Dan kan de aangifte er objectief niet toe strekken dat te weinig wordt geheven, en is het standpunt dat de aangifte per saldo niet te laag was, achteraf bezien niet alleen pleitbaar, maar rechtskundig correct: geen opzet. Hoe fout de bedoelingen van de verdachte ook waren, het fiscale effect blijkt achteraf bezien vrijwel nihil en het OM heeft na nietigverklaring van de tenlastelegging van valse facturen daarvoor niet opnieuw gedagvaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

AG geeft algemene beschouwingen over de reikwijdte van de verplichting tot vertaling van gerechtelijke stukken

Parket bij de Hoge Raad 26 november 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1182

Het eerste middel behelst de klacht dat het onderzoek ter terechtzitting van 16 december 2009 aan nietigheid lijdt, nu het hof ten onrechte het onderzoek ter terechtzitting niet heeft geschorst omdat in strijd met art. 588 lid 2 Sv noch de mededelingen die behoren bij de inleidende dagvaarding, noch een vertaling van die mededelingen aan de verdachte zijn toegezonden. Hiertoe wordt in het middel aangevoerd dat een verdachte er in die mededelingen op wordt gewezen dat hij een advocaat kan machtigen om hem te vertegenwoordigen en dat een verdachte om uitstel van de behandeling van zijn zaak kan verzoeken. Nu de verdachte in eerste aanleg geen vertaling van de inleidende dagvaarding heeft ontvangen, kan daaruit voortvloeien dat de verdachte er niet mee bekend was dat hij een advocaat kon machtigen hem te vertegenwoordigen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Zaak beleggingsfraude Pura Vida moet deels over

De veroordeling van één verdachte wegens grootschalige beleggingsfraude in de zogenoemde Pura Vida-zaak blijft niet in stand. Die zaak moet op het punt van het door het gerechtshof bewezenverklaarde medeplegen van oplichting over. De veroordeling van een medeverdachte blijft wel in stand en is daarmee definitief. Dat heeft de Hoge Raad geoordeeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^