Conclusie AG over ontbreken verhoorbijstand tijdens politieverhoren vóór 1 maart 2016 en bewijsuitsluiting n.a.v. EHRM-uitspraken Beuze/België en Van de Kolk/Nederland

Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:1018

In de onderhavige zaak heeft de Hoge Raad het eerder door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen arrest vernietigd, onder meer omdat het hof de verklaringen die de Verdachte op 17 oktober 2007 bij de FIOD had afgelegd voor het bewijs had gebruikt. Die verklaringen legde de Verdachte af vóórdat hij een raadsman had kunnen consulteren. Het hof gaf destijds blijk van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat in het midden kon blijven of de Verdachte voorafgaand aan de verhoren door ambtenaren van de FIOD op 17 oktober 2007 in de gelegenheid was gesteld een raadsman te raadplegen daar hij ter terechtzitting in eerste aanleg en ter terechtzitting in hoger beroep had verklaard bij zijn ten overstaan van ambtenaren van de FIOD afgelegde verklaringen te zullen blijven, en dat hij daarom bij bewijsuitsluiting geen belang had.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. de vraag wanneer sprake is van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW

Hoge Raad 15 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1465

Zoals bekend dient de strafrechter de toewijsbaarheid van de vordering van de Benadeelde partij te beoordelen naar materieel burgerlijk recht. Dat betekent dat hij een beslissing op de vordering behoort te nemen met inachtneming van de wetgeving en de rechtspraak van de civiele kamer van de Hoge Raad over het aansprakelijkheidsrecht. Ter verkrijging van de vergoeding waarop het aansprakelijkheidsrecht hem recht geeft, voegt de door een strafbaar feit Benadeelde persoon zich tegenwoordig evenwel veelal als Benadeelde partij in het strafproces. Hierdoor is onder andere de vraag onder welke omstandigheden een slachtoffer van een gepleegd strafbaar feit in aanmerking komt voor vergoeding van immateriële schade inmiddels niet meer een kwestie waarover uitsluitend de civiele rechter zich bekreunt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Transport chloor per spoor in strijd met wet- en regelgeving: Overweging omtrent uitleg voorschrift 1.9.5.1 NE van bijlage 2 van de Regeling vervoer over de spoorweg van gevaarlijke stoffen

Gerechtshof Den Haag 8 oktober 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:2680

Read More
Print Friendly and PDF ^

Profijtontneming in witwaszaak: Detournement de Pouvoir door witwassen wegens proces- dan wel bewijsrisico’s niet ten laste te leggen maar wel aan de ontnemingsprocedure ten grondslag te leggen?

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 10 oktober 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3779

De verdediging heeft zich primair op het standpunt gesteld dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk dient te worden verklaard. Daartoe is aangevoerd dat het openbaar ministerie heeft gehandeld in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde, meer specifiek het verbod op “detournement de pouvoir”. Volgens de verdediging is er sprake van onzuiverheid van oogmerk doordat het openbaar ministerie ervoor heeft gekozen om een strafbaar feit – het witwassen van €180.000 - wegens proces- dan wel bewijsrisico’s niet ten laste te leggen maar wel aan de ontnemingsprocedure ten grondslag te leggen. Bovendien druist dit ook in tegen de Geerings-jurisprudentie nu niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld of veroordeelde zich aan het witwassen van €180.000 schuldig heeft gemaakt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beslag op eerder bijtende hond, gegrondverklaring beklag, want geen heterdaad en inbeslagname op grond van overtreding, maar met bijzondere overweging ten overvloede

Rechtbank Noord-Holland 30 september 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:8150

Read More
Print Friendly and PDF ^