HR herhaalt vereisten voor medeplichtigheid vereiste opzet

Hoge Raad 18 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:964

Het Hof heeft bewezenverklaard dat de verdachte opzettelijk gelegenheid heeft verschaft tot het plegen van een misdrijf, te weten het opzettelijk telen van hennep. Daartoe is vereist dat niet alleen wordt bewezen dat verdachtes opzet was gericht op het verschaffen van gelegenheid als bedoeld in art. 48, aanhef en onder 2°, Sr, maar ook dat verdachtes opzet al dan niet in voorwaardelijke vorm was gericht op dit misdrijf (vgl. HR 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4372).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vastgoedfraude: veroordeling wegens onjuist doen van aangiften, vervalsen van authentieke akten, valsheid in geschrifte en gebruik maken van die geschriften. Vrijspraak voor witwassen.

Gerechtshof Amsterdam 20 februari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:607

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het valselijk laten opmaken, gebruiken en doen gebruiken van authentieke notariële akten, teneinde de bij een vastgoedtransactie gecreëerde winst uit het zicht van de Belastingdienst te houden. Voorts heeft hij zich schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte en het gebruik maken van valse geschriften, door de nota’s van afrekening van de notaris te doen baseren op genoemde valse aktes en deze als echt en onvervalst aan te bieden aan zijn belastingadviseur.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoge Raad gaat in op (de mandatering van) de bevoegdheid tot vernietiging van in beslag genomen voorwerpen

Hoge Raad 18 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:972

Een machtiging als bedoeld in art. 117 Sv wordt ingevolge het tweede lid van die bepaling door het openbaar ministerie verleend. Dit betekent, gelet op art. 125 RO, dat deze machtiging slechts kan worden verleend door het College van procureurs-generaal en rechterlijke ambtenaren, als bedoeld in art. 1, onderdeel b, onder 6° en 7°, RO. De uitoefening van deze bevoegdheid kan ingevolge art. 126, eerste lid, RO worden opgedragen aan een andere bij het parket werkzame ambtenaar voor zover het hoofd van het parket daarmee heeft ingestemd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Integrale vrijspraak meerdere beschuldigingen van oplichting wegens ontbreken schakelbewijs

Rechtbank Oost-Brabant 11 juni 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:3137

De rechtbank stelt voorop dat, zoals volgt uit de rechtspraak van de Hoge Raad, (ECLI:NL:HR:2016:2889) met het in de wet omschrijven van specifieke oplichtingsmiddelen – het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, het gebruik van listige kunstgrepen en/of het gebruik van een samenweefsel van verdichtsels – is beoogd het begrip 'oplichting' nader vorm en inhoud te geven. Daarmee wordt bewerkstelligd dat niet iedere vorm van bedrog – bijvoorbeeld bestaande uit niet meer dan het doen van een onware mededeling – en niet iedere toerekenbare tekortkoming in civielrechtelijke zin binnen het bereik van het strafrecht wordt gebracht als misdrijf.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Medeplegen KOT

Gerechtshof Amsterdam 22 maart 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:969

De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep het verweer gevoerd dat het medeplegen van de oplichting niet wettig en overtuigend kan worden bewezen. Uit de verklaring van de verdachte kan hoogstens worden afgeleid dat zij een faciliterende rol heeft gehad. Het dossier bevat geen bewijsmiddelen aan de hand waarvan kan worden vastgesteld dat zij meer heeft gedaan dan zij heeft verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^