Het houdverbod als zelfstandige maatregel in de Wet dieren: de eerste lessen uit de praktijk

Sinds 1 januari 2024 kan de strafrechter op grond van artikel 8.11a Wet dieren een houdverbod opleggen als zelfstandige maatregel, direct uitvoerbaar en met een maximale duur van levenslang. Op 22 april 2025 legde de politierechter in Middelburg voor het eerst een levenslang houdverbod op, aan een veehouder die zijn runderen en waterbuffels ernstig had verwaarloosd. Twee officieren van justitie bespreken de parlementaire geschiedenis, de verhouding tot de Wet op de economische delicten bij professionele veehouders en de rechtspraak tot nu toe. Zij signaleren knelpunten, waaronder het tweesporenbeleid waarbij het houdverbod tegelijk als zelfstandige maatregel en als bijzondere voorwaarde wordt opgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Ongeoorloofde beïnvloeding in het Nederlands Wetboek van Strafrecht

Nederland staat voor de implementatie van de EU-Anticorruptierichtlijn, die ongeoorloofde beïnvloeding strafbaar stelt. Bij eerdere verdragen zag de wetgever daarvan af, omdat poging tot omkoping en de deelnemingsvormen het strafwaardige gedrag al zouden dekken. De auteurs onderzoeken of de internationalisering van de corruptiebestrijding nieuwe argumenten oplevert. Aan de hand van een gefingeerde casus over buitenlandse ambtelijke omkoping laten zij zien dat een aparte strafbaarstelling meerwaarde heeft wanneer de betaling aan een tussenpersoon centraal staat en de omgekochte ambtenaar niet te individualiseren is. De vage terminologie van de richtlijn blijft daarbij een knelpunt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Het nieuwe EU-ethiek orgaan – een kritische beschouwing

Op 9 december 2022, International Anti-Corruption Day, doorzocht een samenwerkingsverband van Belgische, Griekse en Italiaanse opsporingsautoriteiten woningen en kantoren in Brussel en arresteerde vier personen, onder wie een vicepresident van het Europees Parlement. Deze en latere corruptieschandalen bliezen het debat over integere ambtsuitoefening nieuw leven in. In 2024 sloten de belangrijkste EU-instellingen een akkoord tot oprichting van een interinstitutioneel EU-Ethiek Orgaan, dat gemeenschappelijke minimumnormen moet ontwikkelen maar geen uitvoering of handhaving kent. De oprichting is inmiddels vastgelopen. De auteurs bespreken de opzet van het orgaan, de verhouding tot andere EU-organen en het Nederlandse ethisch-juridische kader voor politici, en zien de meerwaarde vooral in normstelling voor de grijze gebieden.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vijftig jaar artikel 51 Wetboek van Strafrecht

De regeling van daderschap van rechtspersonen bestaat vijftig jaar, maar kreeg bij de overheveling naar artikel 51 Sr in 1976 nooit de dogmatische doordenking die zij verdiende. De wetgever leunde op het functioneren van de voorloper in de WED en liet verdere uitwerking aan de rechter, die dat via het Drijfmest-arrest invulde met de redelijke toerekening. Dat criterium is inhoudelijk verdedigbaar, maar de toepassing levert een groot grijs gebied op en de voorzienbaarheid staat onder druk. Cnossen bepleit een explicietere wettelijke basis in een nieuw artikel 51a Sr, naar Belgisch en Spaans voorbeeld, zonder de redelijkheid los te laten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Fundamentele weeffouten rondom het verschoningsrecht

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie wil de recent vastgestelde procedure rond het verschoningsrecht ingrijpend wijzigen door de eerste filtering van mogelijk geprivilegieerd materiaal bij de officier van justitie te leggen in plaats van bij de rechter-commissaris. Volgens auteur Petra van Kampen ontstaat daardoor het risico dat opsporingsambtenaren al kennisnemen van vertrouwelijke informatie voordat duidelijk is dat deze onder het verschoningsrecht valt. Dit staat volgens haar op gespannen voet met het Box-arrest van de Hoge Raad uit 2024, waarin is bepaald dat filtering in dergelijke gevallen door of onder verantwoordelijkheid van de rechter-commissaris moet plaatsvinden. Ook jurisprudentie van het EHRM benadrukt dat de beoordeling van verschoningsgerechtigd materiaal niet aan opsporingsautoriteiten mag worden overgelaten. Daarnaast beperkt het ontwerpvoorstel de mogelijkheden om via een klaagschrift tegen beslag op potentieel verschoningsgerechtigd materiaal op te komen. Van Kampen concludeert dat hiermee belangrijke waarborgen rond het verschoningsrecht worden uitgehold ten gunste van praktische en capacitaire belangen van de opsporing.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afromen via de achterdeur: de boete als ontnemingsinstrument

De Hoge Raad staat de afroomboete toe: geen rechtsregel verzet zich ertegen dat de rechter de hoogte van een geldboete mede bepaalt aan de hand van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Wel moet de uitspraak inzichtelijk maken welk deel van de boete op ontneming ziet en hoe dat voordeel is geschat, en moet de ontnemingsrechter daar later in matigende zin rekening mee houden. De annotatoren laten zien dat de wetgever de afroomboete kende en bewust koos voor een afzonderlijke ontnemingsprocedure met eigen waarborgen. Zij betwijfelen of de verdediging bij een afroomboete voldoende rechtsbescherming geniet en verwachten dat de Hoge Raad hier opnieuw over zal moeten oordelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Twee WODC-rapporten over ongelijke afdoeningsuitkomsten in het strafrecht naar sociaaleconomische positie en herkomst

Het strafrecht pakt volgens twee WODC-rapporten gemiddeld ongunstiger uit voor verdachten met een zwakkere sociaaleconomische positie. Het kwantitatieve rapport Vinkjes in het strafrecht? analyseert 2.541.611 strafzaken van bijna 1,2 miljoen volwassen verdachten over de periode 2006-2022. Verdachten met een gunstiger profiel worden niet minder vaak gestraft, maar hun zaken worden vaker door het Openbaar Ministerie afgedaan en zij krijgen minder vaak en kortere gevangenisstraffen. Het verschil in totale sanctiezwaarte tussen het zwakste en sterkste profiel bedraagt gemiddeld 18 sanctiepunten, wat overeenkomt met ongeveer 18 dagen gevangenisstraf, 36 uur taakstraf of € 900 geldboete. Het kwalitatieve rapport Scherp op selectiviteit beschrijft verklarende mechanismen en tien handelingsperspectieven, waaronder blindere zaakverwerking en herijking van risicotaxatiemodellen. Op 6 oktober 2026 lichten de onderzoekers de bevindingen toe in een openbare technische briefing aan de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid van de Tweede Kamer.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Derden als belanghebbenden bij bestuurlijke boetebesluiten

Een derde kan belanghebbende zijn bij een boetebesluit dat aan een ander is opgelegd, ook als het alleen om de hoogte van de boete gaat. Dat oordeelde de grote kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 22 april 2026. Het ging om een zaak van de FNV over een boete die de ILT had opgelegd aan een Litouwse transportonderneming. Bepalend is het gewone belanghebbendebegrip van artikel 1:2 Awb. De eis van A-G Widdershoven dat de derde eerst een handhavingsverzoek moet hebben ingediend, wees de Afdeling af. Vragen over dossierinzage, rechtszekerheid en een hogere boete door inbreng van de derde legt de Afdeling bij de wetgever.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Lessen trekken uit het Gorinchemse verkiezingsgeschil

Na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 verklaarde de raad van Gorinchem de stemming bij alle stembureaus ongeldig, na signalen over het ronselen van volmachten. De raad hanteerde als maatstaf dat niet met zekerheid vaststond dat de uitslag betrouwbaar was. Volgens Brüheim keert dat de zaak om: dan kan elke ongestaafde klacht een verkiezingsuitslag ter discussie stellen. Hij bespreekt het ontbreken van wettelijke criteria voor een herstemming, de in 2023 vermoedelijk per ongeluk geschrapte bevoegdheid om volmachtbewijzen opnieuw te onderzoeken en de beperkte rol van de Kiesraad. De herstemming op 29 april leverde in grote lijnen dezelfde uitslag op.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Politiestrafbeschikking, uitgebreid

In het coalitieakkoord 2026-2030 is aangekondigd dat de mogelijkheden voor de politie om strafbare feiten zelfstandig af te doen worden uitgebreid. Daarvoor wordt specifiek gedacht aan een ruimere toepassing van de politiestrafbeschikking voor overtredingen en geselecteerde misdrijven. In dit artikel wordt verkend in hoeverre deze uitbreiding juridisch en praktisch haalbaar is. De huidige regelgeving en de kansen en knelpunten van het voorstel worden besproken, waarbij aandacht wordt besteed aan de vraag of een uitbreiding van de politiestrafbeschikking kan bijdragen aan de gewenste verlichting van de justitiële keten.

Read More
Print Friendly and PDF ^