Rechtbank Gelderland 6 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1777
De veroordeelt een 26-jarige man tot dertig maanden gevangenisstraf, waarvan tien maanden voorwaardelijk, voor een serie babbeltrucs waarbij hij zich voordoet als politieagent bij bejaarde slachtoffers. De verdachte fungeert als "haler" en neemt in die rol geld en sieraden in ontvangst die de slachtoffers in goed vertrouwen afstaan aan de vermeende agent. De rechtbank formuleert, bij gebrek aan een LOVS-orientatiepunt voor babbeltrucs, een eigen straftoemetingsuitgangspunt van vijf maanden gevangenisstraf per voltooid feit, hoger dan het orientatiepunt voor woninginbraak vanwege de ingrijpendere impact op slachtoffers. Opmerkelijk is dat de rechtbank immateriele schadevergoeding toewijst hoewel het om een vermogensdelict gaat, omdat zij oordeelt dat sprake is van aantasting in de persoon op andere wijze gezien de ernstige gevolgen voor de levenskwaliteit en het vertrouwen van de bejaarde slachtoffers.
Read More