Prejudiciële vragen of voedingssupplementen geneesmiddelen zijn of niet

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een verwijzingsuitspraak zogenoemde prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie in Luxemburg. Zij wil van het Europees Hof weten hoe de Europese Geneesmiddelenrichtlijn en de Europese Voedingssupplementenrichtlijn moeten worden uitgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Boetebesluiten en de Woo: de Afdeling schept duidelijkheid over actieve openbaarmaking

De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde op 18 maart 2026 dat bestuursorganen boetebesluiten actief openbaar mogen maken op grond van artikel 3.1 Woo. De uitzondering voor bestraffende sancties in artikel 3.3 Woo schept geen verbod, maar heft alleen de verplichting tot openbaarmaking op. Wel is een nadere belangenafweging vereist, waarin het algemeen belang zwaar weegt. Onevenredige benadeling kan aan de orde zijn als het boetebesluit later geen stand houdt in rechte. Voor de handhavingspraktijk biedt deze uitspraak duidelijkheid: geen plicht is niet hetzelfde als een verbod.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Eigen dood in scene gezet met valse akten en vervolgens gemeenteambtenaren bedreigd: 120 dagen gevangenisstraf waarvan grotendeels voorwaardelijk

Rechtbank Gelderland 9 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1773

De rechtbank Gelderland veroordeelt een man voor tweemaal valsheid in geschrift, poging tot oplichting en tweemaal bedreiging. De verdachte zet zijn eigen dood in scene door valse akten op te maken, waaronder een geboorteakte, notariele verklaring, artsverklaring van overlijden en nalatenschapsverklaringen, om vervolgens onder een valse Spaanse identiteit een nieuw burgerservicenummer te verkrijgen. De poging tot oplichting van de gemeente Enschede mislukt doordat de overlijdensakte niet daadwerkelijk wordt afgegeven. De verdachte bedreigt later medewerkers van de gemeente Almelo met een AK-47 en dreigt bij zijn buurvrouw de gaskraan open te zetten, wat hij vervolgens ook doet. De rechtbank houdt rekening met de ernstige borderline persoonlijkheidsstoornis van de verdachte en rekent de feiten in verminderde mate toe.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Dertig maanden voor serie babbeltrucs door nepagent: rechtbank formuleert eigen strafmaat en wijst smartengeld toe bij vermogensdelict

Rechtbank Gelderland 6 maart 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:1777

De veroordeelt een 26-jarige man tot dertig maanden gevangenisstraf, waarvan tien maanden voorwaardelijk, voor een serie babbeltrucs waarbij hij zich voordoet als politieagent bij bejaarde slachtoffers. De verdachte fungeert als "haler" en neemt in die rol geld en sieraden in ontvangst die de slachtoffers in goed vertrouwen afstaan aan de vermeende agent. De rechtbank formuleert, bij gebrek aan een LOVS-orientatiepunt voor babbeltrucs, een eigen straftoemetingsuitgangspunt van vijf maanden gevangenisstraf per voltooid feit, hoger dan het orientatiepunt voor woninginbraak vanwege de ingrijpendere impact op slachtoffers. Opmerkelijk is dat de rechtbank immateriele schadevergoeding toewijst hoewel het om een vermogensdelict gaat, omdat zij oordeelt dat sprake is van aantasting in de persoon op andere wijze gezien de ernstige gevolgen voor de levenskwaliteit en het vertrouwen van de bejaarde slachtoffers.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak in eerste aanleg, veroordeling in hoger beroep: cassatieklachten over handschriftonderzoek en bewijsvoering stranden bij de Hoge Raad

Hoge Raad 17 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:380

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep in een zaak over internetoplichting en witwassen, waarin de verdachte in eerste aanleg was vrijgesproken maar in hoger beroep door het gerechtshof 's-Hertogenbosch is veroordeeld tot twintig maanden gevangenisstraf. De klachten over de afwijzing van een verzoek tot handschriftonderzoek en over de bewijswaarde van een wijzigingsformulier van de Kamer van Koophandel slagen niet. Wel vermindert de Hoge Raad ambtshalve de straf met een maand wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie. Het arrest bevestigt dat een hof niet gehouden is een verzoek om een deskundige nader te motiveren wanneer het fundament onder dat verzoek, de verklaring van de verdachte, niet aannemelijk is bevonden.

Read More
Print Friendly and PDF ^