Phishing van creditcardgegevens via namaakwebsites leidt tot 30 maanden gevangenisstraf in hoger beroep

Gerechtshof Amsterdam 16 oktober 2025, ECLI:NL:GHAMS:2025:3771

Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt een verdachte tot dertig maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, voor het gedurende tien maanden plegen van phishing van creditcardgegevens van klanten van International Card Services. De verdachte verstuurt phishing e-mails en leidt slachtoffers naar namaakwebsites waar zij hun inloggegevens en tweefactorauthenticatiecodes invullen. Met de verkregen gegevens verschaft de verdachte zich via de ICS-app toegang tot de creditcards van in totaal 65 slachtoffers en doet hij online aankopen. Het hof acht oplichting, het voorhanden hebben van technische hulpmiddelen voor computervredebreuk, computervredebreuk en het bezit van een gasvuurwapen bewezen. De vordering van de benadeelde partij ICS wordt toegewezen tot een bedrag van € 36.722,70 aan materiele schade. Diverse voorwerpen, waaronder telefoons, laptops en crypto-apparatuur, worden verbeurd verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak voor oplichting na eten zonder betalen: bestellen volgens maatschappelijk gangbare patronen is geen valse hoedanigheid

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 6 februari 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:414

Het gerechtshof 's-Hertogenbosch spreekt een verdachte vrij van oplichting nadat hij in een restaurant in Tilburg consumpties bestelt en vervolgens vertrekt zonder de rekening te betalen. Het hof oordeelt dat het enkel bestellen van eten en drinken volgens maatschappelijk gangbare patronen en vervolgens niet betalen onvoldoende is om te spreken van het aannemen van een valse hoedanigheid in de zin van artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht. Het hof verwijst naar vaste rechtspraak van de Hoge Raad waaruit volgt dat voldoende specifieke gedragingen zijn vereist die erop zijn gericht bij het slachtoffer een onjuiste voorstelling van zaken in het leven te roepen. Dergelijke specifieke gedragingen blijken niet uit het procesdossier. De politierechter veroordeelde de verdachte eerder bij verstek tot vier weken gevangenisstraf, maar het hof vernietigt dit vonnis en spreekt vrij. De vordering van de benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Cyberkamer veroordeelt verdachte voor grootschalige malwarecampagne en bankfraude: taakstraf in plaats van gevangenisstraf wegens forse overschrijding redelijke termijn

Gerechtshof Den Haag 4 februari 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:176

Het gerechtshof Den Haag veroordeelt een verdachte voor het medeplegen van computervredebreuk, oplichting, het misbruiken van identificerende persoonsgegevens en het voorhanden hebben van technische hulpmiddelen en inloggegevens voor het plegen van computervredebreuk. De verdachte verspreidde samen met anderen malware via valse e-mails en internetposts, waarmee computers van slachtoffers werden geinfecteerd en inloggegevens van bankrekeningen werden buitgemaakt. Met die inloggegevens werd ingelogd op bankrekeningen en werden geldbedragen naar derden overgemaakt, voor een totaalbedrag van circa 34.931 euro. Het hof verwerpt het verweer dat sprake is van een vormverzuim bij het verkrijgen van het wachtwoord van de computer van de verdachte. Hoewel het hof een gevangenisstraf van twaalf maanden in beginsel passend acht, legt het een taakstraf van 240 uur op vanwege een overschrijding van de redelijke termijn van in totaal ruim vijf jaar. De bank wordt als benadeelde partij een schadevergoeding van 39.161,44 euro toegewezen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak politicus voor opruiing: uitlatingen over geweld en verzet overschrijden strafrechtelijke grens niet

Gerechtshof Den Haag 5 maart 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:333

Het gerechtshof Den Haag spreekt op 5 maart 2026 een Tweede Kamerlid vrij van opruiing voor uitlatingen over geweld en verzet tijdens de boerenprotesten in 2022. De verdachte is in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf van 200 uren voor twee tenlastegelegde feiten van opruiing in de zin van artikel 131 van het Wetboek van Strafrecht. Het hof oordeelt dat de uitlatingen, bezien naar inhoud en strekking in hun onderlinge samenhang, niet direct noch indirect aansporen tot enig strafbaar feit of tot gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag. Daarbij kent het hof betekenis toe aan het feit dat de verdachte in zijn toespraken herhaaldelijk vreedzaam en geweldloos verzet bepleit en het gebruik van geweld niet concreet maakt. Het verweer dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens detournement de pouvoir en schending van het gelijkheidsbeginsel, wordt verworpen. Het hof vernietigt het vonnis en spreekt de verdachte integraal vrij.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Belaging van een rechtspersoon: hof oordeelt dat stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van een stichting mogelijk is

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 24 februari 2026, ECLI:NL:GHARL:2026:1096

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt een verdachte voor belaging van een stichting voor hulpverlening en bevestigt daarmee dat een rechtspersoon slachtoffer kan zijn van belaging in de zin van artikel 285b lid 1 Sr. De verdachte, een voormalig deelnemer aan een proefwonen-traject, belaagt de stichting gedurende meerdere maanden door veelvuldig locaties te bezoeken, te bellen, dreigende briefjes achter te laten en negatieve TikTok-video's te plaatsen. Het hof verwijst naar een arrest van de Hoge Raad uit 2000 waaruit volgt dat een rechtspersoon in beginsel beschikt over een persoonlijke levenssfeer waarop inbreuk kan worden gemaakt. Het Openbaar Ministerie wordt gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard ten aanzien van de belaging van individuele medewerkers, wegens het ontbreken van individuele klachten als vereist op grond van artikel 285b lid 2 Sr. De verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien weken met aftrek van voorarrest en een locatieverbod voor de duur van drie jaren, dat dadelijk uitvoerbaar wordt verklaard. Het hof acht het zorgwekkend dat eerdere maatregelen, waaronder een stopgesprek met de politie en een locatieverbod, de verdachte niet hebben weerhouden van zijn gedrag.

Read More
Print Friendly and PDF ^