Veroordeling wegens overtreding Wet op de Kansspelen: uitvoerige overwegingen omtrent strafbaarheid van het bewezen verklaarde, beroep op resp. art. 1 lid 2 Sr en art. 56 VWEU verworpen

Gerechtshof Amsterdam 20 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2627

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan overtreding van de Wet op de Kansspelen door zonder vergunning het publiek in zijn koffiehuis de gelegenheid te geven om online te gokken, via kansspelen op websites en op die manier mee te dingen naar prijzen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Benadeelde partij & vertegenwoordigingsbevoegdheid

Gerechtshof Den Haag 5 september 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2519

Een 28 jarige Poolse man is veroordeeld voor diverse vormen van computercriminaliteit. De verdachte had, met 1 of meerdere personen, (via spamruns) onschuldig ogende e-mails verstuurd naar duizenden ontvangers. Deze e-mails bevatten als bijlage een gemanipuleerd Word-bestand. Zodra dat bestand werd geopend, werd automatisch op de computer van de ontvanger malware geïnstalleerd. Het ging daarbij om gemanipuleerde software (een zogenaamde Remote Access Tool) waarmee op afstand toegang tot computers kon worden verkregen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte heeft een geheel fictieve overeenkomst opgesteld en daarmee bijna €3 miljoen aan het zicht (van de fiscus) is onttrokken

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26 juli 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:6458

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van valsheid in geschrift en aan het feitelijke leiding geven aan valsheid in geschrift begaan door een rechtspersoon. Door het meewerken aan de totstandkoming van een contract tussen bedrijf 1 en afkorting bedrijf 2 waarin een 50% te hoge (ver)koopprijs voor een te leveren drukmachine is vermeld, betreffende een bedrag van niet minder dan € 3 miljoen, is de mogelijkheid van diverse vormen van andere fraude gecreëerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Prematuur verzoek ex artikel 591a Sv in eerste aanleg

Gerechtshof Den Haag 13 juli 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2112

Nu verzoeker het onderhavige verzoek heeft gebaseerd op (de uitkomst in) de procedure ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, in casu ‘de zaak’, is verzoeker in eerste aanleg op juiste gronden niet-ontvankelijk in het verzoek verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verdachte wordt veroordeeld voor het opdracht geven tot het opzettelijk onjuist doen van aangiften omzetbelasting door een rechtspersoon

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 4 juli 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:2996

Ten laste van de Verdachte is bewezen verklaard dat zij opdracht heeft geven tot het plegen van belastingfraude. Gedurende ongeveer 2 jaren werd door het administratiekantoor boekhoudkantoor te Middelharnis een te hoog bedrag aan voorbelasting en een te laag bedrag aan verschuldigde omzetbelasting aangegeven op de aangiften omzetbelasting. Per saldo kreeg onderneming Verdachte B.V., waarvan de Verdachte bestuurder was, hierdoor altijd omzetbelasting terug van de fiscus.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Indien klaagschrift ex art. 552a Sv deels niet gegrond wordt verklaard, is vergoeding van kosten ex art. 591a Sv niet mogelijk

Gerechtshof Den Haag 13 juli 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2113

Verzoekster heeft bij een op 17 februari 2016 ter griffie van de rechtbank Rotterdam ingekomen verzoekschrift verzocht haar op de voet van art. 591a Sv een bedrag toe te kennen van €1.707,23 als vergoeding voor kosten van rechtsbijstand in verband met een verzoek ex art. 552a Sv. Voorts heeft verzoekster bij dat verzoekschrift verzocht haar op de voet van art. 591a Sv het forfaitaire bedrag van €280 toe te kennen als vergoeding voor kosten van rechtsbijstand in verband met het opstellen en indienen van het verzoekschrift ex art. 89 Sv, dan wel een bedrag van €550 in het geval van een mondelinge behandeling van dat verzoekschrift in raadkamer.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof: Kamagra geneesmiddel waarvoor geen handelsvergunning geldt, waardoor het (opzettelijk) in voorraad hebben ervan overtreding van artikel 40, tweede lid, van de Geneesmiddelenwet oplevert

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 14 juli 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:3237

De verdediging betwist dat Kamagra een geneesmiddel is als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Geneesmiddelenwet.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk: Tenlastelegging komt niet overeen met omschrijving gedraging in strafbeschikking

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 1 april 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:1286

Tegen de verdachte is op 22 oktober 2013 onder CJIB-nummer 1132 5420 0145 7667 een strafbeschikking uitgevaardigd, waarin op de voet van artikel 257a lid 6 Sv is volstaan met een korte omschrijving van de gedraging ter zake waarvan de strafbeschikking is uitgevaardigd. Die omschrijving luidt: ‘Handel/vervoer hasjiesj in vereniging (> 30 gram)’. De strafbeschikking vermeldt voorts de tijd (10 juni 2013) waarop en de plaats (Tilburg) waar de gedraging werd verricht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Snorder: daadwerkelijke betaling van de ritprijs is niet vereist

Gerechtshof Amsterdam 8 augustus 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:3319

De raadsman heeft een beroep gedaan op de uitzonderingsbepaling van artikel 2, vijfde lid, van de Wet Personenvervoer 2000. In dit artikel is bepaald dat de wet niet van toepassing is op vervoer van personen per auto, anders dan openbaar vervoer, indien de som van de betalingen voor dat vervoer de kosten van de auto en eventuele bijkomende kosten voor dat vervoer niet te boven gaat, tenzij dit wordt verricht in de uitoefening van een beroep of bedrijf. De raadsman concludeert dat er geen ritprijs is betaald en dat de verdachte ten onrechte is veroordeeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Art. 89 & zaaksbegrip: Feit geseponeerd waarvoor VH is toegepast. Uit onderzoek geseponeerd feit vloeit verdenking voort ter zake van het feit waarvoor wel wordt vervolgd, maar VH niet is toegelaten.

Gerechtshof Den Haag 13 juli 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2116

Verzoeker is op 21 april 2015 in verzekering gesteld op verdenking van het op die datum uitgeven van vals geld (art. 209 Wetboek van Strafrecht). Bij gelegenheid van het onderzoek naar dat feit is tevens de verdenking ontstaan dat Verdachte zich op 21 april 2015 ook schuldig zou hebben gemaakt aan verduistering (art. 321 Wetboek van Strafrecht). Op 22 april 2015 heeft de officier van justitie besloten verzoeker niet te vervolgen voor het uitgeven van vals geld wegens onvoldoende wettig bewijs, waarna verzoeker op die datum in vrijheid is gesteld.

Read More
Print Friendly and PDF ^