Geen oplegging straf / maatregel aan rechtspersoon die Wet op de kansspelen heeft overtreden door het bevorderen van deelname aan online kansspelen

Rechtbank Rotterdam 2 maart 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:1804

De verdachte rechtspersoon heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan overtredingen van de Wok. Wetende dat het verboden was om de deelneming aan online kansspelen te bevorderen hebben medeverdachte02 en medeverdachte01 bewust de mazen van de wet opgezocht met als doel om financieel mee te profiteren van het illegale online gokken. Dat medeverdachte02 en medeverdachte01 naar eigen zeggen dachten binnen de grenzen van de wet te zijn gebleven doet daar niet aan af, omdat zij zich nooit van gedegen en professioneel advies hebben laten voorzien of de constructie, zoals zij voor ogen hadden, wel was toegestaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling tot taakstraf van 900 uur in plaats van onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 15 maanden

Gerechtshof Amsterdam 28 februari 2023, ECLI:NL:GHAMS:2023:477

Het hof zal de verdachte, in plaats van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, een daarmee in gewicht corresponderende taakstraf voor de duur van 900 uren opleggen, subsidiair 450 dagen hechtenis, naast een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden, met een proeftijd van 3 jaren. Daarbij overweegt het hof dat nu sprake is van meerdaadse samenloop de cumulatie van taakstraffen niet is begrensd tot 240 uur. Het hof heeft vijf oplichtingen bewezen verklaard. De samenloop van artikel 57 Sr kent geen beperkingen over cumulatie van taakstraffen, terwijl ook titel II (“Straffen”) van Boek 1 van het Wetboek van Strarecht geen regels bevat over maximaal op te leggen taakstraf in geval van meerdaadse samenloop (ECLI:NL:HR:2022:1191).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling eigenaresse administratiekantoor voor medeplegen met haar medewerkers van het doen van onjuiste belastingaangiften

Rechtbank Rotterdam 28 februari 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:1848

De verdachte heeft zich gedurende bijna drie jaren samen met anderen, als eigenaresse van haar eenmanszaak waar klanten worden bijgestaan met allerlei boekhoudkundige aangelegenheden, schuldig gemaakt aan belastingfraude door het opzettelijk onjuist indienen van aangiften omzetbelasting. Dit heeft geleid tot een totaalbedrag van niet afgedragen omzetbelasting van bijna €450.000.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HvJ EU: belastingdienst die rechten en plichten van OM uitoefent is geen ‘rechterlijke autoriteit’ in de zin van de EOB-richtlijn

HvJ EU 2 maart 2023, C-16/22 (Staatsanwaltschaft Graz)

Een belastingdienst die krachtens het nationale recht tijdelijk de aan de officier van justitie toekomende rechten en plichten uitoefent, kan niet gelijk worden gesteld met die officier. Die belastingdienst kan daarom niet worden aangemerkt als een ‘rechterlijke autoriteit’ in de zin van de EOB-richtlijn. De Europese onderzoeksbevelen (EOB) die door die belastingdienst worden uitgevaardigd moeten gevalideerd worden door een rechterlijke autoriteit. Dat is het antwoord van het EU-Hof op een vraag van een Oostenrijkse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Oplichting: specifieke, voldoende ernstige vorm van bedrieglijk handelen vereist waardoor een onjuiste voorstelling van zaken in het leven is geroepen om daarvan misbruik te kunnen maken

Gerechtshof Den Haag 7 februari 2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:320

Dat het bij de strafbaarstelling van oplichting gaat om gevallen waarin de verdachte bij een ander door een specifieke, voldoende ernstige vorm van bedrieglijk handelen een onjuiste voorstelling van zaken in het leven wil roepen teneinde daarvan misbruik te kunnen maken, brengt mee dat aldus niet slechts het vertrouwen wordt beschermd van die ander tegen vermogensnadeel dat hij lijdt, maar ook meer algemeen het vertrouwen dat het publiek ten behoeve van het maatschappelijk en economisch verkeer tot op zekere hoogte mag stellen in de oprechtheid waarmee anderen aan dit verkeer deelnemen. Dit laatste komt in de rechtspraak van de Hoge Raad tot uitdrukking in verschillende voor de beoordeling van het gewicht van het gehanteerde oplichtingsmiddel relevant geachte omstandigheden als: het misbruik maken van een in het maatschappelijk verkeer geldend verwachtingspatroon, het verstrekken van onbruikbare contactgegevens of het veelvuldig herhalen van identieke gedragingen in relatie tot telkens weer andere (beoogde) slachtoffers.

Read More
Print Friendly and PDF ^