Aannemelijkheidstoets bestuursrechter vs. maatstaf van wettig en overtuigend bewijs strafrechter

Rechtbank Rotterdam 22 april 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:8838

Verdachte wordt primair verweten dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan het nalaten bij het UWV te melden dat hij inkomsten uit arbeid genoot, terwijl hij een WAO-uitkering ontving. Niet is komen vast te staan dat de verdachte vermogensbeheeractiviteiten heeft verricht dat deze het normale vermogensbeheer overstijgen en sprake is van inkomsten uit arbeid. De bestuursrechter hanteert een aannemelijkheidstoets, de strafrechter de maatstaf van wettig en overtuigend bewijs. In deze zaak halen de belastende feiten en omstandigheden, hoewel zij aannemelijk kunnen zijn, de strafrechtelijke drempel niet.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling Ennetcom: geen oplegging van straf vanwege vergrijpboete van ruim €1,3 miljoen

Rechtbank Rotterdam 21 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9086

Ennetcom, een bedrijf dat zich bezighield met de verkoop van PGP-telefoons, werd verdacht van deelname aan een criminele organisatie, betrokkenheid bij witwassen en valsheid in geschrifte. Er is verweer gevoerd over de start van het onderzoek, de rechtmatigheid van de verkrijging van de Ennetcomdata in Canada, strijd met de Prokuratuur-jurisprudentie, onrechtmatigheid van de ontsleuteling van de PGP-berichten, analyse van de Ennetcomdata met software Hansken, schending van privacyrechten, ne bis in idem en una via-beginsel.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Boekhoudster Ennetcom veroordeeld tot taakstraf na eis van 3 jaren gevangenisstraf

Rechtbank Rotterdam 21 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9087

De officier van justitie heeft een gevangenisstraf van 3 jaar geëist. De rechtbank legt een taakstraf van 180 uur in combinatie met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden op. Daarbij is van belang dat de rechtbank, anders dan door de officier van justitie gevorderd, de verdachte vrijspreekt van de deelneming aan een criminele organisatie. Daarnaast weegt de rechtbank haar persoonlijke omstandigheden mee en het feit dat haar strafzaak niet binnen een redelijke termijn is afgehandeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Anderbeslag, verdachte kinderen & vorderingsgerechtigden op saldo

Hoge Raad 14 september 2021, ECLI:NL:HR:2021:1246

Op de bankrekening van klager, waarop vermogen werd opgebouwd t.b.v. zijn kleinkinderen, is beslag gelegd i.v.m. een verdenking die is gerezen tegen zijn zoon (verdachte). De Rb heeft m.b.t. een geldbedrag dat is overgemaakt vanaf de rekening van een minderjarige zoon van verdachte naar de bankrekening van klager geoordeeld dat zich de situatie van art. 94a lid 4 Sv voordoet. Aan dat oordeel heeft de Rb in de kern ten grondslag gelegd dat verdachte en diens partner, ongeacht de vraag wie het geld oorspronkelijk op de rekening van hun zoon had gestort, als ouders “vorderingsgerechtigd op het saldo” van die rekening waren, dit geldbedrag daarom tot hun vermogen moet worden gerekend en er voldoende aanwijzingen zijn dat het geld aan klager is overgemaakt “met als doel om geld uit het vermogen van verdachte weg te sluizen”.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan gewoontewitwassen

Rechtbank Rotterdam 9 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:8898

De verdachte heeft als autodealer grote bedragen aan contant geld aangenomen. De rechtbank veroordeelt hem voor het feitelijk leidinggeven aan gewoontewitwassen van €516.000 tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden. De rechtbank komt tot deze strafmaat op grond van verdachtes uitzonderlijke persoonlijke omstandigheden.

Read More
Print Friendly and PDF ^