Getuigenverzoek: zwijgen kan op zich geen grond vormen afwijzing, maar hieraan kan wel betekenis toekomen bij de beoordeling of een verzoek voldoende is gemotiveerd
/Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27 maart 2019, ECLI:NL:RBZWB:2019:1303
Naar het oordeel van de rechtbank kan het zwijgen van een verdachte op zich geen grond vormen voor het afwijzen van een verzoek tot het horen van een getuige. Maar onder omstandigheden kan hieraan wel betekenis toekomen bij de beoordeling of een verzoek voldoende is gemotiveerd. Een dergelijke motivering dient immers voldoende concreet en specifiek te zijn en in dat verband kan de omstandigheid dat er door het zwijgen van verdachte geen concrete betwisting is van het scenario zoals dat in het dossier naar voren komt, wel degelijk een rol spelen. Het niet (willen) afleggen van een verklaring door de verdachte kan er toe leiden dat noodzakelijke informatie ontbreekt om de betekenis van het horen van de verzochte getuige voor de beantwoording van de vragen van art 348 en 350 Sv voldoende te onderbouwen. Het risico daarvoor ligt op dit punt bij de verdediging.
Read More