Ontbreken uitgewerkt proces-verbaal terechtzitting politierechter geen reden voor terugwijzing

Gerechtshof Amsterdam 19 december 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:5254

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en de naar aanleiding daarvan gewezen uitspraak aan nietigheid leiden. Hij heeft daartoe aangevoerd dat het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg niet is uitgewerkt conform artikel 378, tweede lid onder c van het Wetboek van Strafvordering (Sv).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling wegens het opzettelijk overtreden van de artt. 5 lid 1 en 7 lid 6 Brzo 2015

Rechtbank Oost-Brabant 22 december 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:6679

Verdachte heeft in de onderhavige zaak in de bewezenverklaarde periode opzettelijk niet alle maatregelen getroffen die nodig zijn om zware ongevallen te voorkomen en de gevolgen voor de menselijke gezondheid en het milieu te beperken. Als gevolg van de oplopende druk en het loslaten van het membraamdak van de navergister is ongeveer 22.500 m3 biogas naar de buitenlucht geëmitteerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ambtshalve opmerkingen AG over de eisen die gelden voor een schriftelijk eindarrest als Hof ex art. 345 lid 1 Sv “aanstonds” na afloop van het onderzoek uitspraak doet

Parket bij de Hoge Raad 7 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1385

Het derde middel vormt aanleiding voor de AG om enkele opmerkingen te maken over de eisen die gelden als de rechtbank of het hof op de voet van art. 345 lid 1 Sv ‘aanstonds’ uitspraak doet. Het gaat daarbij in het bijzonder om de vraag of – zoals in de onderhavige zaak is geschied – in het schriftelijke eindvonnis of arrest voor de motivering van de uitspraak mag worden verwezen naar het proces-verbaal van de terechtzitting waarop die uitspraak is gedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling ambtenaar veroordeeld tot gevangenisstraf voor oplichten illegale vreemdeling

Rechtbank Amsterdam 28 december 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:9801

Verdachte heeft een slachtoffer 1, een illegale vreemdeling, voor 8100 euro opgelicht door hem voor te spiegelen dat hij een verblijfsvergunning voor hem kon regelen en hem daarvoor te laten betalen. Hij heeft zich verder schuldig gemaakt aan een poging tot oplichting van twee andere personen. Bij verdachte thuis en op zijn werk zijn documenten gevonden die door verdachte valselijk zijn opgemaakt of vervalst.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak overtreding Brzo: gedragingen zijn niet verricht in de sfeer van verdachte en zijn niet aan verdachte toe te rekenen (Drijfmest)

Rechtbank Oost-Brabant 22 december 2017, ECLI:NL:RBOBR:2017:6681

Aan verdachte is onder feit 1 overtreding van art. 5 Brzo 2015 en onder feit 2 overtreding van artikel 7 lid 6 Brzo 2015 ten laste gelegd. De raadsman bepleit vrijspraak. Volgens de verdediging kan niet worden bewezen dat sprake is van opzet, ook niet in voorwaardelijke zin, en van schuld van verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Geen vervolging van Italiaanse BTW-fraude met terugwerkende kracht na eerdere verjaring

Het beginsel dat strafbepalingen geen terugwerkende kracht mogen hebben, kan een uitzondering vormen op de EU-rechtelijke verplichting voor de nationale rechter om nationale bepalingen over verjaring van BTW-fraude buiten toepassing te laten. Dat heeft het EU-Hof geantwoord aan het Italiaanse Grondwettelijk Hof. Dat blijkt uit het arrest van de Grote Kamer van het EU-Hof van 5 december 2017 in de zaak C-42/17.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bewijsuitsluiting van door verdachte afgelegde verklaringen na verzuim cautie?

Hoge Raad 19 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3198

Het middel klaagt dat het hof niet (inhoudelijk) heeft gerespondeerd op een ter terechtzitting in hoger beroep gevoerd verweer dat door de onrechtmatige controle van de auto en het ontbreken van het geven van de cautie aan de verdachte sprake is van onherstelbare vormverzuimen als bedoeld in art. 359a Sv, die dienen te leiden tot uitsluiting van het bewijs van de afgelegde verklaringen van de verdachte.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak overtreden EVOA: niet kan worden vastgesteld of het regime van toestemming en/of kennisgeving gold

Rechtbank Rotterdam 9 november 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:10227

Verdachte wordt vrijgesproken van het overtreden van de EVOA. Zij was bezig metaalafval over te brengen van Duitsland, via Nederland, naar China. Er kan echter niet worden vastgesteld in welke mate het metaal was vermengd met andersoortige stoffen en aldus kan niet worden vastgesteld dat het vermengingspercentage zo hoog was, dat het regime van toestemming en/of kennisgeving gold.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling overtreding EVOA wegens ontbreken vereiste CCIC-verklaring

Rechtbank Rotterdam 9 november 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:10228

Verdachte heeft gehandeld in strijd met de EVOA, door administratieve voorschriften die zijn verbonden aan het vervoeren van afvalstoffen naar China, niet na te leven. Verdachte heeft in vijf gevallen de vereiste Bijlage VII immers niet juist ingevuld en in vijf (niet geheel overlappende) gevallen afvalstoffen vervoerd terwijl de vereiste CCIC-certificaten ontbraken. In totaal gaat het om zeven containers waarbij in strijd met de EVOA is gehandeld.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Bepalend voor de vraag of tijdig zekerheid is gesteld is of het te betalen bedrag tijdig is bijgeschreven op de rekening van het CJIB

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 3 november 2017, ECLI:NL:GHARL:2017:9513

Artikel 11, derde lid, van de WAHV bepaalt dat de zekerheid dient te worden gesteld bij het CJIB te Leeuwarden, hetzij door middel van de aan betrokkene toegezonden acceptgiro, hetzij anderszins door storting op de rekening van het CJIB. Voor de beantwoording van de vraag of tijdig zekerheid is gesteld, is dan ook bepalend of het te betalen bedrag binnen de gestelde termijn is bijgeschreven op de rekening van het CJIB.

Read More
Print Friendly and PDF ^