Vrijspraak vanwege ontbreken bewijs voor ambtelijke corruptie

Gerechtshof Den Haag 24 februari 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:425

Binnen de partij is voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 de volgende afspraak gemaakt. Wanneer de partij één wethouder zou leveren, dan zou die wethouderspost gaan naar de verdachte. Medeverdachte zou dan fractievoorzitter worden. De partij was van oordeel dat de wijze waarop medeverdachte invulling wilde geven aan het fractievoorzitterschap van dien aard was, dat hij bovenop de vergoeding die hij als raadslid zou ontvangen, een vergoeding van 1000 euro per maand uit de partijkas zou ontvangen. Aan deze vergoeding werd geen andere voorwaarde gesteld dan het uitvoeren van de functie van fractievoorzitter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Afwijzing beklag ex art. 12 Sv: geen vervolging voor schending ambtsgeheim na aangifte van landelijk coördinerend officier van justitie Rijksrecherche

Gerechtshof Den Haag 30 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:668

In de onderhavige zaak is het hof van oordeel dat bij de huidige stand van zaken onvoldoende aanknopingspunten voorhanden zijn voor een succesvolle vervolging van beklaagde. Er is naar aanleiding van de melding van schending ambtsgeheim geen proces-verbaal opgemaakt. Kennelijk was daaraan zijdens de opsporingsdiensten en het openbaar ministerie geen behoefte. Verder is niet gebleken dat het betreffende opsporingsonderzoek is belemmerd of nadeel heeft ondervonden. Tot slot is in een intern onderzoek door het ministerie van Buitenlandse Zaken van integriteitsschending door beklaagde niet gebleken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan het door twee uitzendbureaus valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie en het doen van onjuiste aangiften

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 29 maart 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1044

Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich als feitelijk leidinggever schuldig heeft gemaakt aan het door besloten vennootschap 1 B.V. respectievelijk (voorheen geheten) besloten vennootschap 2 B.V. valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie en het opzettelijk doen van onjuiste en onvolledige aangiften voor de loonheffing. Deze vennootschappen waren actief in de uitzendbranche. Met valse facturen is voorgewend dat personeel werd ingeleend van aan de verdachte gelieerde (onder meer buitenlandse) rechtspersonen, terwijl in werkelijkheid de eigen uitzendkrachten werden ingezet. Die facturen zijn opgenomen in de bedrijfsadministraties, waardoor deze administraties valselijk zijn opgemaakt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak van het feitelijk leidinggeven aan het opzettelijk valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 29 maart 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1036

Van voorwaardelijk opzet op een bepaald gevolg, in dit geval het valselijk opmaken van de bedrijfsadministratie, kan worden gesproken indien de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat dat gevolg zal intreden. Daarbij dient het te gaan om een kans die naar algemene ervaringsregels aanmerkelijk is te achten. Voor de vaststelling dat de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan zulk een kans is niet alleen vereist dat de verdachte wetenschap heeft van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden, maar ook dat hij die kans ten tijde van de gedraging bewust heeft aanvaard (op de koop toe heeft genomen). Uit de enkele omstandigheid dat die wetenschap bij de verdachte aanwezig is dan wel bij hem moet worden verondersteld, kan niet zonder meer volgen dat hij de aanmerkelijke kans op het gevolg ook bewust heeft aanvaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling voormalig advocaat-generaal voor fraude

Gerechtshof Den Haag 21 april 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:666

Het gerechtshof Den Haag heeft in hoger beroep een voormalig advocaat-generaal veroordeeld voor valsheid in geschrift en voor het geven van onjuiste en onvolledige informatie aan de Belastingdienst. Het hof legt een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden op, met een proeftijd van twee jaar.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Appelleren is riskeren: fors hogere straf in beleggingsfraudezaak Quality Investments

Het hof Amsterdam heeft aan 2 mannen een gevangenisstraf opgelegd van 6 jaar wegens valsheid in geschrifte, oplichting, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. Daarnaast is het ze verboden tot 5 jaar na het uitzitten van die straf het beroep van financieel dienstverlener uit te oefenen, of financiële producten aan te bieden. Het openbaar ministerie had een gevangenisstraf van 5 jaar gevorderd en oplegging van het beroepsverbod. De rechtbank legde eerder een gevangenisstraf op van 3 jaar en 7 maanden en een beroepsverbod.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof gaat niet mee met procesafspraken in fraudezaak

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 1 april 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2541, ECLI:NL:GHARL:2022:2524 en ECLI:NL:GHARL:2022:2523

Het hof heeft de drie verdachten die betrokken waren bij een vastgoedbedrijf veroordeeld wegens het medeplegen van oplichting, begaan door een rechtspersoon, terwijl verdachten tot dat feit opdracht hebben gegeven dan wel feitelijk leiding hebben gegeven aan de verboden gedragingen. In alle drie de zaken zijn procesafspraken gemaakt tussen de verdediging en het openbaar ministerie. Het hof heeft in het arrest gemotiveerd aangegeven waarom het niet aansluit bij de gemaakte procesafspraken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk in vervolging voor sociale zekerheidsfraude nu nadeelbedrag onduidelijk is

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 1 april 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1047

Het hof stelt voorop dat de beslissing om tot vervolging over te gaan zich slechts in zeer beperkte mate voor een inhoudelijke rechterlijke toetsing leent, in die zin dat slechts in uitzonderlijke gevallen plaats is voor een niet-ontvankelijk verklaring van het openbaar ministerie in de vervolging op de grond dat het instellen of voortzetten van die vervolging onverenigbaar is met beginselen van een goede procesorde, voor zover hier van belang met het verbod van willekeur – dat in strafrechtspraak in dit verband ook wel wordt omschreven als het beginsel van een redelijke en billijke belangenafweging – om de reden dat geen redelijk handelend lid van het openbaar ministerie heeft kunnen oordelen dat met (voortzetting van) de vervolging enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang gediend kan zijn.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Eerste arrest over procesafspraken in hoger beroep ("arrestafspraken")

Gerechtshof Den Haag 17 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:410

De innovatiekamer van het Gerechtshof Den Haag legt in het kader van een zogenoemde versnelde procedure een voorwaardelijke gevangenisstraf, een taakstraf en een verbeurdverklaring op vanwege het voorhanden hebben van ongeveer een kilo harddrugs en vanwege voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 10a Opiumwet. In het arrest is aandacht voor de vraag: wat nu als de rechter komt tot een kleine wijziging van de bewezenverklaring en kwalificatie van het delict t.o.v. wat afgesproken is, moet de rechter dan de volledige afspraak afwijzen en de zaak terugbrengen naar de regiefase, zodat de zaak eventueel volgens de normale procedure gevoerd kan worden? Of kan de rechter dat stukje zelf aanpassen en verder conform afspraak oordelen (indien het overige akkoord is)?

Read More
Print Friendly and PDF ^

Strafrechtelijke immuniteit waterschap?

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 29 maart 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2331

Het waterschap wordt verweten dat het opzettelijk zou hebben gepoogd een bever te doden of te vangen door in gebieden waarin bevers leven onbeschermde klemmen om muskusratten te vangen te plaatsen. Het verwijt is geënt op het bepaalde in artikel 3.5, eerste lid, van de Wet Natuurbescherming. Het hof komt tot het oordeel dat het plaatsen van onbeschermde klemmen om muskusratten te vangen heeft te gelden als een gedraging die is verricht in het kader van de uitvoering van een aan het waterschap opgedragen taak, namelijk het voorkomen van schade aan waterstaatswerken door bestrijding van de muskus- en de beverrat. De aan het strafrechtelijke verwijt ten grondslag liggende gedraging kan gezien de in het arrest besproken parlementaire behandeling bezwaarlijk anders worden verricht dan door bestuursfunctionarissen in het kader van de uitvoering van de aan het waterschap opgedragen bestuurstaak. Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard.

Read More
Print Friendly and PDF ^