Verzoekschrift art. 530 Sv: Amsterdamse verdachte mag Tilburgse raadsman nemen

Rechtbank Amsterdam 6 mei 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:3586

Verzoeker heeft zich laten bijstaan door een in Tilburg gevestigde raadsman. De raadsman heeft zowel voor het politieverhoor als de politierechterzitting ruim 3,5 uur moeten reizen. Hoewel het de verzoeker vrij staat om zich te laten bijstaan door een advocaat van zijn keuzen, valt niet in te zien waarom verzoeker geen raadsman heeft gezocht die dichterbij bij het arrondissement waar de strafzaak zou plaatsvinden. Om die reden is het billijk dat een deel van de in de rekening gebrachte reiskosten en reistijd van de raadsman voor de rekening van verzoeker blijft (ECLI:NL:RBNNE:2017:3742; ECLI:NL:GHAMS:2016:5029).

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. beoordeling van aanhoudingsverzoeken wegens de verhindering van verdachte of zijn raadsman

Hoge Raad 7 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1158

Het middel heeft betrekking op de afwijzing door het hof van het aanhoudingsverzoek dat ter zitting is gedaan. Gesteld wordt dat deze afwijzing getuigt van een onjuiste rechtsopvatting, althans niet zonder meer toereikend is gemotiveerd en begrijpelijk is, omdat het hof aan die beslissing slechts ten grondslag heeft gelegd dat het hof niet is gebleken van enige aanwijzing dat verdachte van zijn aanwezigheidsrecht gebruik wilde maken. Daarbij heeft het hof niet de vereiste belangenafweging gemaakt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Enkele vrijspraak medeverdachte niet voldoende voor herziening

Hoge Raad 30 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1159

In de aanvraag wordt aangevoerd dat het onderzoek van de zaak zou hebben geleid tot vrijspraak indien het hof bekend zou zijn geweest met de gronden waarop het hof Arnhem-Leeuwarden van 16 oktober 2019 de medeverdachte heeft vrijgesproken van – kort gezegd – de aan hem onder 2 tenlastegelegde gedragingen met betrekking tot een voorwerp waarin met inbreuk op eens anders auteursrecht een werk is vervat.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt overwegingen over het betrekken van een niet tlgd. feit bij de strafoplegging

Hoge Raad 16 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1023

In de onderhavige zaak duidt de door het hof gebezigde formulering erop dat met de vermelding van het niet tenlastegelegde feit bij de strafoplegging in het bijzonder gewicht is toegekend aan de omstandigheid dat de verdachte niettegenstaande een eerdere veroordeling zich opnieuw schuldig heeft gemaakt aan een soortgelijk strafbaar feit. Deze veroordeling was echter nog niet onherroepelijk ten tijde van het begaan van de feiten waarop de strafoplegging betrekking heeft. De strafoplegging is daarom ontoereikend gemotiveerd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Beklagprocedure & vergoeding kosten rechtsbijstand

Hoge Raad 16 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1056

Deze zaak gaat over de vraag in hoeverre het mogelijk is voor de indiener van een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a Sv (de klager) een vergoeding te krijgen voor de kosten van rechtsbijstand die is verleend in de beklagprocedure. Meer specifiek gaat het om gevallen waarin de beklagprocedure samenhangt met een strafzaak tegen de klager en sprake is van de volgende situatie: het beklag als bedoeld in artikel 552a Sv over de inbeslagneming van een voorwerp is in de beklagprocedure ongegrond verklaard, maar vervolgens heeft de rechter in de strafzaak een last tot teruggave gegeven van het inbeslaggenomen voorwerp, terwijl bovendien de strafzaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a Sr.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Advies AG aan Hoge Raad: corona-betekening niet in overeenstemming met bestaande wettelijke regels

Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2020, ECLI:NL:PHR:2020:442

Wanneer een deurwaarder een gerechtelijke mededeling in een gesloten envelop in de brievenbus achterlaat in plaats van dit, met inachtneming van anderhalve meter afstand, uit te reiken aan degene voor wie het stuk is bestemd, is dit volgens advocaat-generaal De Bock niet in overeenstemming met de bestaande wettelijke regels.

Read More
Print Friendly and PDF ^

OM niet-ontvankelijk bij in ongerede geraakt dossier?

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 18 oktober 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:3958

De verdediging heeft aan het verweer dat voortzetting van de strafvervolging in strijd is met de beginselen van een goede procesorde, omdat de strafprocedure al veertien jaren duurt, zodat sprake is van een enorme overschrijding van de redelijke termijn, in combinatie met het feit dat een deel van het dossier in het ongerede is geraakt, tevens de conclusie verbonden dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de strafvervolging.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Verzet tegen strafbeschikking kan gedaan worden door een bij bijzondere volmacht door verdachte schriftelijk gemachtigde, enkel bij verschijning van deze gemachtigde op het parket

Hoge Raad 31 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:551

Op grond van artikel 257 lid 3 Sv kan het doen van verzet (ook) geschieden door een bij bijzondere volmacht door de verdachte schriftelijk gemachtigde. Die aldus schriftelijk gemachtigde dient zelf op het parket te verschijnen en aldaar die volmacht over te leggen. De wet biedt niet de mogelijkheid dat een dergelijke volmacht anders dan in persoon op het parket wordt overgelegd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Omvang hoger beroep, gedeeltelijke intrekking en gevolgen voor sanctieoplegging

Hoge Raad 24 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:406

Indien bij samenloop van feiten niet tegen het vonnis in zijn geheel maar slechts tegen een of meer van die feiten hoger beroep is ingesteld, zal het hof - in geval van vernietiging ten aanzien van de sanctieoplegging - op de voet van artikel 423 lid 4 Sv voor de niet aan zijn oordeel onderworpen feiten de sanctie moeten ‘bepalen’. Dit betekent dat het hof moet beslissen welk gedeelte van de hoofdstraf en/of bijkomende straf(fen) en/of maatregel(en) geacht moet(en) worden door de eerste rechter te zijn opgelegd ter zake van het feit dat of de feiten die niet aan het oordeel van het hof is/zijn onderworpen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Dient het OM niet-ontvankelijk te worden verklaard, nu rechter voorafgaand aan inhoudelijke behandeling een e-mail heeft gestuurd aan OvJ over inhoud dossier?

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 19 maart 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:2527

De raadsman van verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep bepleit dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vervolging van verdachte. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat uit het dossier blijkt dat een rechter voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van de zaak aan een officier van justitie een e-mail heeft gestuurd over de inhoud van het dossier. De hieraan te verbinden consequentie, niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie, stoelt de raadsman op – kortweg – drie aan de jurisprudentie van de Hoge Raad te ontlenen criteria, te weten het Zwolsman-criterium, het Karman-criterium en het criterium dat te ontlenen is aan het arrest van de Hoge Raad van 2 juni 2009 betreffende de (on)partijdigheid van de rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^