Ontneming wederrechtelijk voordeel verkregen uit de handel in fosfaatrechten

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 16 januari 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:122

Een rechtspersoon wordt verweten dat zij wederrechtelijk voordeel heeft verkregen uit de handel in fosfaatrechten. De economische politierechter legt eerder een ontnemingsmaatregel op van 30.874,27 euro. In hoger beroep bevestigt het gerechtshof ’s-Hertogenbosch dit vonnis. De verdediging vraagt om matiging van het bedrag, maar levert hiervoor geen overtuigende argumenten aan. Het hof ziet geen aanleiding om het voordeel lager vast te stellen. De betalingsverplichting aan de Staat blijft volledig in stand.

Context van de zaak

In deze ontnemingszaak staat een rechtspersoon centraal die wordt verweten dat zij wederrechtelijk voordeel heeft verkregen uit een economisch delict, te weten de onrechtmatige handel in fosfaatrechten. De zaak komt in hoger beroep nadat de economische politierechter in eerste aanleg reeds een ontnemingsmaatregel heeft opgelegd van 30.874,27 euro.

Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch beoordeelt het hoger beroep dat is ingesteld door de betrokkene tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, locatie ’s-Hertogenbosch, van 3 december 2024. De behandeling in hoger beroep vindt plaats op 12 december 2025, waarna het arrest op 16 januari 2026 wordt uitgesproken.

De tenlastelegging

Hoewel het in deze zaak een ontnemingsprocedure betreft, en er dus geen sprake is van een klassieke tenlastelegging, ligt aan de ontnemingsmaatregel ten grondslag dat de betrokken rechtspersoon economisch voordeel zou hebben genoten uit strafbare feiten. In dit geval gaat het om een wederrechtelijk verkregen voordeel uit de onrechtmatige verwerving of verhandeling van fosfaatrechten, waarvoor eerder een veroordeling heeft plaatsgevonden.

Standpunt van het Openbaar Ministerie

De advocaat-generaal stelt zich op het standpunt dat het vonnis van de economische politierechter in stand dient te blijven. Volgens het Openbaar Ministerie is het door de rechtspersoon wederrechtelijk verkregen voordeel terecht en correct vastgesteld op 30.874,27 euro. De advocaat-generaal verzoekt het hof om het vonnis in al zijn onderdelen te bevestigen en ziet geen reden om tot matiging van het te ontnemen bedrag over te gaan.

Standpunt van de verdediging

De verdediging, vertegenwoordigd door een raadsman, betoogt dat het bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden gematigd. Hiertoe worden echter geen concrete financiële of persoonlijke omstandigheden aangevoerd die een dergelijk verzoek zouden kunnen rechtvaardigen. Tijdens de zitting in hoger beroep geeft een vertegenwoordiger van de rechtspersoon een verklaring af, welke door het hof in aanmerking wordt genomen bij de beoordeling van de zaak. Deze verklaring leidt echter niet tot een andere uitkomst.

Oordeel van het gerechtshof

Het gerechtshof verenigt zich met het vonnis van de economische politierechter en neemt zowel de overwegingen als de vaststellingen uit dat vonnis over. Het hof vult het vonnis aan met de verklaring die in hoger beroep is afgelegd door de vertegenwoordiger van de rechtspersoon. Ook wijst het hof op het motiveringsvoorschrift van artikel 359, derde lid, eerste volzin, van het Wetboek van Strafvordering. Aangezien de economische politierechter heeft volstaan met het benoemen van de bewijsmiddelen zonder hun inhoud weer te geven, zal – indien beroep in cassatie wordt ingesteld – een aanvulling op het verkorte arrest worden gevoegd waarin de redengevende bewijsmiddelen zijn uitgewerkt.

Het hof oordeelt dat er geen sprake is van bijzondere of uitzonderlijke omstandigheden die aanleiding geven om het bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel te matigen. Het verweer van de verdediging vindt dan ook geen gehoor.

Het gerechtshof bevestigt de betalingsverplichting van de betrokken rechtspersoon aan de Staat ten bedrage van 30.874,27 euro. Deze verplichting strekt tot ontneming van het voordeel dat op onrechtmatige wijze is verkregen uit de handel in fosfaatrechten.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly and PDF ^