Overtreding Geneesmiddelenwet na import uit Indonesië, OVAR vanwege uitlatingen douane en IGJ, overweging rechtbank over VOG

Rechtbank Rotterdam 20 april 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:3754

De verdachte importeert met enige regelmaat goederen uit Indonesië. Voor zover in deze zaak van belang gaat het om warmtepleisters, balsems en (massage)oliën. In oktober 2018 heeft de douane goederen van de verdachte in beslag genomen. Het verwijt dat de verdachte in deze strafzaak wordt gemaakt, is dat de goederen geneesmiddelen in de zin van de Geneesmiddelenwet zijn en dat hij deze heeft geïmporteerd zonder vergunning.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Op vordering OM voorlopige maatregel opgelegd aan verzorgende die werkzaam was bij twee zorginstellingen en meerdere jaren heeft nagelaten medicatie te verstrekken

Rechtbank Den Haag 3 maart 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:3272

Op grond van artikel 96b van de Wet BIG kan, indien tegen de verdachte van overtreding van artikel 96 van de Wet BIG ernstige bezwaren zijn gerezen en de bescherming van de volksgezondheid dat dringend vordert, op de vordering van het openbaar ministerie, als voorlopige maatregel worden bevolen dat de verdachte zich van bepaalde handelingen onthoudt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Oplichting: Enkel groot aantal vorderingen benadeelde partijen maakt niet dat beoordeling ervan onevenredige belasting van strafproces oplevert

Rechtbank Den Haag 6 maart 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:2595

De raadsman heeft primair bepleit dat de behandeling van de vorderingen een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren dan wel dat artikel 6 EVRM geschonden zou zijn omdat de verdediging onvoldoende tijd heeft gehad om de vorderingen te kunnen voorbereiden. De raadsman vraagt de zaak aan te houden dan wel de benadeelde partijen niet-ontvankelijk te verklaren in hun vorderingen. Subsidiair heeft de raadsman afwijzing van de vorderingen bepleit, omdat de vorderingen onvoldoende zijn onderbouwd.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Raadslid hoeft uitlatingen over vastgoedbedrijf niet te rectificeren

Rechtbank Rotterdam 9 april 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:3186

De kortgedingrechter in Rotterdam heeft beslist dat een Rotterdams gemeenteraadslid zijn uitspraken over een vastgoedbedrijf niet hoeft te rectificeren. Het vastgoedbedrijf was daarvoor naar de rechter gestapt. Het raadslid had in verschillende (sociale) media het vastgoedbedrijf uitgemaakt voor ‘boevenclub’ en gesteld dat zij haar huurders ‘uitkneep’.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Vrijspraak medeplegen/medeplichtigheid (schuld)witwassen van moeder die voor dochter rekening opende waarop verduisterde bedragen zijn gestort

Rechtbank Noord-Nederland 18 maart 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:1362

Uit hetgeen is overwogen blijkt zonder meer dat verdachte het opzet heeft gehad op het behulpzaam zijn van haar dochter medeverdachte 1 in de zin van het ten behoeve van haar dochter openen van een bankrekening waarover haar dochter kon beschikken. Echter, niet blijkt dat verdachte wist dan wel redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze bankrekening door haar dochter zou worden gebruikt voor het plegen van een misdrijf. Uit het dossier kan worden afgeleid dat verdachte in de loop der tijd de nodige vragen had kunnen hebben bij het uitgavenpatroon van haar dochter.

Read More
Print Friendly and PDF ^