Profijtontneming: HR herhaalt regels voor toerekening van voordeel aan betrokkenen

Hoge Raad 29 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1515

Wat betreft de mate van toerekening van het voordeel aan de betrokkene geldt niet de eis dat de daaraan ten grondslag liggende feiten en omstandigheden aan wettige bewijsmiddelen moeten zijn ontleend. Voldoende is dat die feiten en omstandigheden, zoals een bepaalde rolverdeling, uit het onderzoek op de terechtzitting zijn gebleken. (Vgl. HR 30 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK2142.)

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR gaat in op betekenis onschuldpresumptie: ontnemingsprocedure kent eigen bewijsregels, geen “voldoende aanwijzingen” als niet buiten redelijke twijfel staat dat andere strafbare feiten zijn begaan

Hoge Raad 29 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1523

De ontnemingsprocedure heeft een ander karakter dan de strafprocedure. Het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, kan op grond van artikel 338 Sv door de rechter slechts worden aangenomen, indien hij daarvan uit het onderzoek op de terechtzitting door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging heeft bekomen. In de ontnemingsprocedure is de rechter echter voor de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel gebonden aan artikel 511f Sv waarin is bepaald dat de rechter die schatting slechts kan ontlenen aan de inhoud van wettige bewijsmiddelen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering van EUR 105 miljoen tegen Van den Nieuwenhuyzen

“Hij verkreeg het geld door omkoping van een ambtenaar, waarvoor hij veroordeeld is. Hij heeft gespeculeerd met geld dat niet van hem was en dat was risicovol. Wat hij destijds onrechtmatig verkreeg ziet het OM als het wederrechtelijk verkregen voordeel dat hij moet betalen aan de staat.”

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontnemingsvordering van EUR 50 miljoen: hoe ver reikt de bewijsplicht van het OM?

Rechtbank Rotterdam 17 september 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:7749

De rechtbank heeft in een zeer uitgebreid vonnis een ontnemingsvordering toegewezen tot een bedrag van 50 miljoen euro. In het vonnis wordt ingegaan onder meer ingegaan op de uitgangspunten voor de berekening van wederrechtelijk verkregen voordeel, vermogensvergelijking en de bewijslastverdeling.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Schatting van wederrechtelijk verkregen voordeel: de schijn tegen bij contant ontvangen bedragen

Hoge Raad 15 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1414

Namens de betrokkene is ter terechtzitting in hoger beroep aangevoerd dat – kort gezegd – uit de belastinggegevens is gebleken dat de betrokkene een bedrag van €156.451 aan salaris zou hebben ontvangen. Uit onderzoek is weliswaar gebleken dat slechts €85.607,28 op zijn bankrekening is gestort, maar bij het aangaan van zijn dienstverband met D B.V. is met de betrokkene afgesproken dat een deel van zijn salaris via de bank zou worden overgeboekt en dat een deel contant zou worden uitbetaald, aldus de verdediging.

Read More
Print Friendly and PDF ^