Geldboete voor Tilburgs bedrijf na ongeval stagiair die 2 tenen verloor

Rechtbank Oost-Brabant 27 januari 2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:412

Een bedrijf uit Tilburg is er verantwoordelijk voor dat een 15-jarige stagiair ernstig gewond raakte tijdens het orderpicken. De rechtbank Oost-Brabant legt een geldboete op van 40.000 euro, waarvan 20.000 euro voorwaardelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. vereisten voor veroordeling voor bedreiging

Hoge Raad 21 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:44

Voor een veroordeling ter zake van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht is onder meer vereist dat de bedreigde daadwerkelijk op de hoogte is geraakt van de bedreiging en de bedreiging van dien aard is en onder zodanige omstandigheden is geschied dat bij de betrokkene in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat deze het leven zou kunnen verliezen (vgl. HR 7 juni 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT3659) en dat het opzet van de verdachte daarop was gericht (vgl. HR 17 januari 1984, ECLI:NL:HR:1984:AC8252).

Read More
Print Friendly and PDF ^

Oplichting door wisseltruc: hadden kassamedewerkers de onjuiste voorstelling van zaken moeten doorzien en zijn zij daarmee al dan niet ‘bewogen’ tot afgifte?

Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:25

Het derde middel klaagt dat het hof ten onrechte althans onvoldoende gemotiveerd heeft overwogen dat het er niet toe doet wat de opleiding en achtergrond van verkoper betrokkene 1 was. De steller van het middel verwijst naar HR 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2889, NJ 2017/157 m.nt. Keijzer (onder NJ 2017/162), rov. 2.4.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Moet voor elk voorwerp afzonderlijk worden vastgesteld of het uit misdrijf afkomstig is?

Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:2

De stellers van het middel menen dat voor elk voorwerp afzonderlijk moet worden vastgesteld of het uit misdrijf afkomstig is. Volgens hen is niet zonder nadere motivering begrijpelijk dat ook ter zake van relatief kleine geldbedragen (€300, €500 en $ 1.187) een witwasvermoeden is ontstaan. Die bedragen zijn respectievelijk gevonden op de vluchtroute van de verdachte in een fietsenhok, in de slaapkamer van verdachtes vriendin en in de keuken van de medeverdachte betrokkene 1. Ook indien deze bedragen uit de bewezenverklaring zouden worden geschrapt, kan mijns inziens niet worden gezegd dat daarmee aan de aard en ernst van het bewezen verklaarde wezenlijk afbreuk wordt gedaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Veroordeling wegens oplichting van met nepvakanties. Materiële schade: vergoeding webwinkel -tickets of nieuwe tickets?

Rechtbank Midden-Nederland 24 december 2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:6130

De rechtbank begrijpt de vorderingen aldus dat de benadeelde partij de overeenkomst met webwinkel vernietigt in de zin van artikel 3:44 Burgerlijk Wetboek (BW), omdat deze door bedrog is tot stand gekomen. De vernietiging werkt terug tot het tijdstip waarop de overeenkomst met webwinkel is gesloten (artikel 3:53 BW), zodat daarmee aan de betaling aan webwinkel een geldige titel is komen te ontvallen en deze onverschuldigd is gedaan in de zin van artikel 6:203 BW. De koopprijs dient daarom te worden terugbetaald. Verdachte heeft bovendien onrechtmatig gehandeld jegens de benadeelde partij in de zin van artikel 6:162 BW, zodat hij de schade dient te vergoeden die de benadeelde partij als gevolg daarvan heeft geleden.

Read More
Print Friendly and PDF ^