HR herhaalt: de beoordeling of het belang van strafvordering zich verzet tegen handhaving van een art. 94a Sv beslag vergt niet een (ambtshalve) onderzoek naar proportionaliteit en subsidiariteit

Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:178

Het middel richt zich tegen de gegrondverklaring van het beklag met de klacht dat het oordeel van de rechtbank dat het handhaven van het beslag, gelet op het beginsel van proportionaliteit en subsidiariteit, niet noodzakelijk is, onbegrijpelijk, althans ontoereikend gemotiveerd is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR over derdenbeslag & motivering van voldoende aanwijzingen dat goederen aan ander zijn gaan toebehoren met het kennelijke doel de uitwinning te bemoeilijken of te verhinderen

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:121

De Rechtbank heeft geoordeeld dat "voldoende aanwijzingen bestaan voor het vermoeden dat de geldbedragen op de drie onderhavige bankrekeningen van klager afkomstig zijn van betrokkene 1, en dat die gelden op die rekeningen zijn gestort of anderszins bijgeschreven om verhaal ter zake een (mogelijk) op te leggen geldboete of ontnemingsbedrag te bemoeilijken of te verhinderen terwijl klager wist of redelijkerwijze kon vermoeden dat de gelden met dit doel op zijn rekeningen zijn gestort".

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontvankelijkheid hernieuwd beklag: sprake van een novum als verdediging nog niet eerder beschikte over het dossier (met verklaringen van verdachte)

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:122

De Rechtbank heeft de klaagster ontvankelijk geacht in het hernieuwde beklag, nu daarbij een beroep is gedaan op het nog niet eerder voor de raadsvrouwe beschikbare dossier met verklaringen van de klaagster. Het kennelijke oordeel van de Rechtbank dat in het hernieuwd beklag een beroep is gedaan op andere feiten en omstandigheden dan die waarop het eerdere klaagschrift was gebaseerd en die van zodanige aard zijn dat zij nopen tot een nieuwe beoordeling van het verzoek tot opheffing van het beslag, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. het bestanddeel ‘ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers’

Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:166

Bij de beoordeling van het middel moet worden vooropgesteld dat de in art. 341 (oud) Sr gebezigde bewoordingen "ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers" tot uitdrukking brengen dat de verdachte het opzet moet hebben gehad op de verkorting van de rechten van de schuldeisers, dat voorwaardelijk opzet in dat verband voldoende is en dat derhalve voor het bewijs van het opzet ten minste is vereist dat de handeling van de verdachte de aanmerkelijke kans op verkorting van de rechten van de schuldeisers heeft doen ontstaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hoe ver reiken de verplichtingen van artikel 4 lid 1 van de Vreemdelingenwet 2000 voor vliegtuigmaatschappijen?

Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:40

Het eerste middel betreft de vraag of Schiphol als pleegplaats kan worden aangemerkt. Het tweede middel klaagt over de verwerping van een beroep op afwezigheid van alle schuld. Aan beide middelen en de in hoger beroep gevoerde verweren ligt de vraag ten grondslag hoe ver de verplichtingen van artikel 4, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 voor vliegtuigmaatschappijen reiken.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: Feitenrechter is niet gebonden aan LOVS-oriëntatiepunten en uitleg hiervan is aan hem voorbehouden

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:114

Het middel bevat de klacht dat het hof de opgelegde gevangenisstraf onbegrijpelijk heeft gemotiveerd, aangezien het hof heeft overwogen dat het aansluiting heeft gezocht bij de “LOVS-oriëntatiepunten” (hierna ook: oriëntatiepunten), terwijl die oriëntatiepunten voor het onderhavige geval een taakstraf voorschrijven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt: conservatoir beslag ex art. 94a Sv staat er niet aan in de weg dat een voorwerp verbeurd wordt verklaard

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:117

Voor verbeurdverklaring als bedoeld in art. 33a Sr is niet nodig dat op de voet van art. 94 Sv beslag is gelegd op het voorwerp waarvan de verbeurdverklaring wordt uitgesproken. Ingevolge art. 34 Sr zal in zo'n geval het voorwerp moeten worden uitgeleverd of de geschatte waarde daarvan moeten worden betaald.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Kan ook de secretaresse van een advocaat een aanhoudingsverzoek doen?

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:118

De verdachte en zijn advocaat verschijnen niet ter zitting in hoger beroep. De secretaresse van de advocaat wordt gebeld, en die laat weten dat de zitting verkeerd is genoteerd in de agenda. Tevens verzoekt de secretaresse om aanhouding van de zaak. Het hof wijst dat verzoek ongemotiveerd af. De Hoge Raad casseert.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: hoogte van de vordering benadeelde partij is niet (meer) aan een wettelijk maximum gebonden

Hoge Raad 24 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:67

Het middel klaagt dat het Hof ten onrechte de vordering van de benadeelde partij heeft toegewezen voor zover die toewijzing het bedrag van € 680,67 te boven gaat.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: dat een Sloveens rijbewijs niet kan worden aangemerkt als een van de in art. 231 Sr genoemde documenten geeft blijk van een te beperkte en onjuiste uitleg

Hoge Raad 24 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:64

Het oordeel van het Hof dat het bewezenverklaarde geen strafbaar feit oplevert omdat een Sloveens rijbewijs niet kan worden aangemerkt als een van de in art. 231 Sr genoemde documenten, geeft, gelet op art. 1 WID alsmede de wetsgeschiedenis, blijk van een te beperkte en dus onjuiste uitleg van art. 231 Sr.

Read More
Print Friendly and PDF ^