Artikel: Lokale stappen in de aanpak van gedigitaliseerde criminaliteit

Deze bijdrage is gebaseerd op een verkennend onderzoek naar lokaal handelingsperspectief in de aanpak van gedigitaliseerde criminaliteit (Kort & Spithoven, 2021). We belichten hierin wat de politie in het district IJsselland tegenkwam bij enkele recente ontwikkelingen in de lokale aanpak van gedigitaliseerde criminaliteit. De uitgevoerde studie spitste zich toe op een grootschalig onderzoek naar daders van vriend-in-noodfraude en op de ervaringen van het pas opgerichte IJssellandse digitaal flexteam, dat de ‘digitale uitdaging’ voor dit district moet aangaan. Wij zullen in dit artikel ook ingaan op de algemenere vraag hoe de politie op lokaal niveau en met name het basisteam meer kan worden toegerust om gedigitaliseerde criminaliteit effectief aan te pakken. Hieronder komen achtereenvolgens aan bod: de gevolgde onderzoeksaanpak, succesfactoren in een onderzoek naar vriend-in-noodfraude, de ervaringen van het digitaal flexteam, een aantal rollen in de lokale digitale politietaak, aanbevelingen en tot slot een kernboodschap voor de praktijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: De Wet op de politieke partijen

Het conceptvoorstel voor de Wet op de politieke partijen adresseert een aantal gebreken in de bestaande regels omtrent politieke partijen. Decentrale politieke partijen moeten nu ook gesubsidieerd gaan worden, zij moeten transparantie gaan betrachten over ontvangen donaties en er komt een onafhankelijke toezichthouder. Bij de beoogde vormgeving van de regels op dit gebied zijn weliswaar enkele kanttekeningen te plaatsen, maar de aangekondigde stappen zijn in beginsel welkom. Datzelfde geldt voor de nieuwe regeling omtrent het partijverbod, die voorziet in een specifiekere verbodsgrondslag dan het onbepaalde openbare ordebegrip van artikel 2:20 BW. Minder voor de hand liggend zijn de overige regels die sterk leunen op het belang van transparantie. Blijkens het voorstel moet de kiezer zijn keuze niet langer ‘slechts’ kunnen baseren op de standpunten van partijen en hun financiële integriteit, zoals nu het geval is, maar moet hij daarbij ook de interne partijstructuur en de wijze van campagnevoering in ogenschouw kunnen nemen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: Wet Vifo tegen de achtergrond van de Europese regelgeving

Nederland is een van de aantrekkelijkste bestemmingen ter wereld voor buitenlandse directe investeringen (BDI). Buitenlandse investeerders werden en worden actief ondersteund door het Netherlands Foreign Investment Agency. Toch voert Nederland binnenkort een algemene voorafgaande toetsing van buitenlandse investeringen in met de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Wet Vifo). De Wet Vifo kan niet los gezien worden van de EU-verordening tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Unie (FDI-verordening). Dit artikel bespreekt beide instrumenten. Aangezien de FDI-verordening sinds haar inwerkingtreding op 11 oktober 2020 het kader vormt voor investeringstoetsing in de Europese Unie (EU), wordt begonnen met dit instrument.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Money laundering as a service: Investigating business-like behavior in money laundering networks in the Netherlands

In order to launder large amounts of money, (drug) criminals can seek help from financial facilitators. According to the FATF, these facilitators are operating increasingly business-like and even participate in professional money laundering networks. This study examines the extent to which financial facilitators in the Netherlands exhibit business-like characteristics and the extent to which they organize themselves in money laundering networks. We further examine the relationship between business-like behavior and individual money launderers’ position in the social network. Using police intelligence data, we were able to analyze the contacts of 198 financial facilitators who were active in the Netherlands in the period 2016–2020, all having worked for drug criminals. Based on social network analysis, this research shows that financial facilitators in the Netherlands can be linked in extensive money laundering networks. Based on the facilitators’ area of expertise, roughly two main types of professional money laundering networks can be discerned. Some subnetworks operate in the real estate sector, while others primarily engage in underground banking. Furthermore, the application of regression models to predict business-like behavior using individual network measures shows that facilitators with more central positions in the network and those who collaborate with financial facilitators from varying expertise groups tend to behave more business-like than other financial facilitators.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Artikel: The EPPO Faces its First Important Test: A Brief Analysis of the Request for a Preliminary Ruling in G. K. and Others

The article analyses the first question referred to the Court of Justice of the European Union for a preliminary ruling in a case concerning the European Public Prosecutor’s Office (EPPO). It involves the interpretation of a key provision regarding the investigations of this new office, i.e. Art. 31 of Council Regulation EU 2017/1939. This provision governs investigative measures that need to be undertaken in a Member State other than the Member State of the handling European Delegated Prosecutor. In the case at issue, the Oberlandesgericht Wien, Austria is seeking clarification as to the extent of judicial review if it comes to cross-border investigations within this regime. The author argues that the case raises a number of key issues for the functioning of the EPPO regarding its structure and operation, not to mention the EPPO’s relevance in the creation of a common area of justice in the European Union.

Read More
Print Friendly and PDF ^