HR: Verklaring raadsman medeverdachte geen wettig bewijsmiddel

Hoge Raad 22 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2649

Het middel klaagt onder meer dat het Hof blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting door in de bewijsvoering acht te slaan op hetgeen een gemachtigde raadsman van de medeverdachte ter terechtzitting in eerste aanleg in de strafzaak van de medeverdachte naar voren heeft gebracht.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Staat ontbreken van voorafgaand strafrechtelijk financieel onderzoek in de weg aan oplegging betalingsverplichting?

Hoge Raad 29 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2714

Het middel klaagt over het oordeel van het Hof dat het ontbreken van een strafrechtelijk financieel onderzoek niet in de weg staat aan het opleggen van de betalings-verplichting, ook voor zover deze ziet op een bedrag van € 45.719,65.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR over bedragen die voorwerp zijn van schuldwitwassen

Hoge Raad 29 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2718

’s Hofs oordeel dat betrokkene d.m.v. het bewezenverklaarde schuldwitwassen w.v.v. heeft gegenereerd tot een bedrag van € 299.345,45, dat klaarblijkelijk mede is gebaseerd op stortingen die hebben plaatsgevonden vóór bewezenverklaarde periode, is niet begrijpelijk. Daarbij komt dat tijdens een deel van de in aanmerking genomen periode schuldwitwassen nog geen strafbaar feit was. Voor zover het Hof heeft aangenomen dat het bedrag aan stortingen als w.v.v. d.m.v. of uit baten van sociale zekerheidsfraude valt aan te merken, is dat oordeel evenmin begrijpelijk.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontneming: Overschrijding redelijke termijn na terugwijzing door HR

Hoge Raad 22 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2657

Het middel klaagt over het oordeel van het Hof met betrekking tot de overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR: Ook geschriften (zoals notities van verdachten) waarvan de inhoud nog niet aan de raadsman is medegedeeld, kunnen in uitzonderingsgevallen object uitmaken van het verschoningsrecht van de advocaat

Hoge Raad 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2686

Ook geschriften waarvan de inhoud nog niet aan de raadsman is medegedeeld, kunnen in uitzonderingsgevallen object uitmaken van het verschoningsrecht van de advocaat. Daarvoor is van belang of op grond van in aanmerking komende feiten of omstandigheden aannemelijk is dat de inhoud van die geschriften daadwerkelijk bestemd is om door de cliënt aan de advocaat in de uitoefening van zijn beroep te worden toevertrouwd.

Read More
Print Friendly and PDF ^