HvJ EU: EAB beoordelen o.b.v. strafwet die van toepassing was ten tijde van de feiten

HvJ EU (Grote Kamer) 3 maart 2020, C-717/18, X (Europees aanhoudingsbevel – Dubbele strafbaarheid)

Bij de beoordeling of het Europees aanhoudingsbevel tegen een persoon die in Spanje is veroordeeld wegens het strafbare feit van verheerlijking van terrorisme en vernedering van de slachtoffers ervan, ten uitvoer moet worden gelegd zonder te onderzoeken of dit strafbare feit ook in België strafbaar is, moeten de Belgische rechterlijke instanties rekening houden met de duur van de straf waarin is voorzien in de Spaanse wet in de versie die van toepassing was op de gepleegde feiten.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HvJ EU: Boetes kunnen ook ten uitvoer worden gelegd tegen rechtspersonen in Polen

HvJ EU 4 maart 2020, C-183/18 CJIB tegen BNP Paribas

Het gegeven dat de Poolse omzettingswetgeving van het EU-kaderbesluit inzake boetes niet verwijst naar het begrip ‘rechtspersoon’, voorkomt niet dat de werking ervan zich ook uitstrekt tot rechtspersonen. De nationale rechter moet nagaan of de nationale bepalingen ruimte bieden om de bepalingen ook op rechtspersonen toe te passen. Dat is het antwoord van het EU-Hof op vragen van een Poolse rechter.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof van Justitie verduidelijkt geldigheid strafzitting bij afwezigheid verdachte

HvJEU 13 februari 2020, C-688/18 TX en UW

Het recht van een buiten zijn wil om afwezige verdachte om op de terechtzitting aanwezig te zijn wordt niet geschonden wanneer de rechter tijdens een latere zitting voorziet in de herhaling van de bij afwezigheid verrichte handelingen. Dat antwoordt het EU-Hof op vragen van een Bulgaarse rechter. Het EU-Hof geeft in deze zaak ook verduidelijking over de voorwaarden waaronder een verdachte op geldige wijze afstand kan doen van het recht om bij de terechtzitting aanwezig te zijn en de belangen die de rechter daarbij moet meewegen.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Conclusie AG HvJEU in Nederlandse EVOA-zaak

Conclusie van Advocaat-generaal J. Kokott van 28 februari 2019, C‑624/17 (Openbaar Ministerie tegen Tronex B.V.)

De overbrenging van een grote partij elektrische apparaten die van winkeliers of leveranciers zijn opgekocht of die door consumenten zijn teruggebracht, moet worden beschouwd als overbrenging van afvalstoffen in de zin van de verordening betreffende de overbrenging van afvalstoffen indien niet voorafgaandelijk is vastgesteld dat alle apparaten kunnen worden gebruikt waarvoor zij bestemd zijn of niet alle apparaten op passende wijze zijn beschermd tegen schade tijdens het vervoer. Overtollig geworden elektrische apparaten die zich nog in de ongeopende originele verpakking bevinden, mogen zonder extra aanwijzingen daarentegen niet als afvalstoffen worden aangemerkt.

Read More
Print Friendly and PDF ^

Hof van Justitie: strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs dient te worden uitgesloten

Het arrest van het Hof van Justitie in de zaak Dzivev gaat over bewijsuitsluiting van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs in een btw-fraudezaak. De uitkomst van deze procedure is niet echt verbazingwekkend, maar een paar overwegingen in het arrest trekken wel de aandacht.

Read More
Print Friendly and PDF ^