SKC publiceert Transnationaal ondermijningsbeeld Europa

Het Strategisch Kenniscentrum Ondermijnende Criminaliteit (SKC) heeft eind maart 2026 het Transnationaal ondermijningsbeeld Zuid- en Noordwest-Europa gepubliceerd. Het is de vierde publicatie in de zogenoemde Grenzeloos-reeks en biedt een historisch, geografisch en criminologisch overzicht van ongeveer dertig jaar transnationale georganiseerde criminaliteit tussen Europese landen en Nederland. De studie beschrijft hoe Zuid- en Noordwest-Europa fungeren als bron-, doorvoer- en bestemmingsregio voor criminele activiteiten en hoe criminele netwerken daarbij gebruikmaken van logistieke infrastructuren, financiële systemen en digitale technologie. Voor de bijzonder-strafrechtpraktijk is het beeld relevant, omdat het de structurele verwevenheid van corruptie, witwassen en grensoverschrijdende handelsstromen met de legale economie scherp neerzet. Hieronder worden de belangrijkste bevindingen en de bredere context van de studie op een rij gezet.

Achtergrond: het SKC en de Grenzeloos-reeks

Het SKC is een taakorganisatie binnen het Ministerie van Justitie en Veiligheid, in 2022 officieel geopend in Vlissingen als onderdeel van de zogenoemde Law Delta en het compensatiepakket Wind in de Zeilen. De kerntaak is het opstellen van onafhankelijke, beleidsarme analyses over ondermijning door georganiseerde criminaliteit, gebaseerd op openbare bronnen en op kennis van partners zoals politie, Openbaar Ministerie, FIOD, Douane, Belastingdienst en Koninklijke Marechaussee. In 2026 presenteert het SKC naar verwachting het eerste Dreigingsbeeld Ondermijning Nederland (DON), waarvan de transnationale ondermijningsbeelden een bouwsteen vormen.

Het nieuwe Europa-beeld sluit aan op eerdere publicaties van het SKC, waaronder het Crimineel Klimaatrapport trans-Atlantische corridor Cocaïne, de Oost-Europa Studie en het Transnationaal ondermijningsbeeld Afrika. De Grenzeloos-reeks brengt per regio in kaart hoe criminele netwerken zich over een periode van circa dertig jaar ontwikkelen en hoe zij Nederland raken.

Europa als knooppunt: bron, doorvoer en bestemming

Een centrale bevinding van de studie is dat Zuid- en Noordwest-Europa tegelijkertijd brongebied, doorvoergebied en bestemmingsgebied vormen voor georganiseerde criminaliteit. Volgens het SKC opereren criminele netwerken grensoverschrijdend en benutten zij combinaties van logistieke infrastructuur (havens, luchthavens, wegvervoer), financiële systemen en digitale technologie om illegale en legale stromen te vermengen. Traditionele hiërarchische structuren maken volgens het SKC plaats voor dynamische netwerken die flexibel schakelen tussen uiteenlopende criminele markten.

Dit beeld sluit aan bij de analyse in het EU Serious and Organised Crime Threat Assessment 2025 (EU-SOCTA 2025) van Europol. Ook dat rapport wijst erop dat criminele netwerken in de EU zich steeds meer manifesteren als wendbare, technologisch geavanceerde organisaties die legale bedrijfsstructuren infiltreren en digitale platforms gebruiken voor witwasactiviteiten. Europol identificeert daarbij onder meer de grote West-Europese havens, waaronder Rotterdam en Antwerpen, als kwetsbare knooppunten in de mondiale drugshandel.

Regionale verschillen: Zuid-Europa versus West- en Noordwest-Europa

De studie besteedt expliciet aandacht aan verschillen en samenhang binnen Europa. In Zuid-Europa zijn volgens het SKC meer traditionele, hiërarchische netwerken zichtbaar, waarin bekende organisatievormen en vaste machtsstructuren een belangrijke rol spelen. West- en Noordwest-Europa kenmerken zich daarentegen door hoog georganiseerde, technologisch ondersteunde criminele samenwerkingsverbanden die zich minder makkelijk in één organisatiestructuur laten vangen.

Oost-Europa is in deze studie bewust buiten beschouwing gelaten. Voor die regio verscheen in 2025 al het afzonderlijke Transnationaal ondermijningsbeeld Oost-Europa, waarop de nieuwe publicatie voortbouwt. Gezamenlijk vormen de regionale ondermijningsbeelden zo een samenhangend beeld van de Europese dimensie van transnationale georganiseerde criminaliteit.

Technologie, corruptie en witwassen als structurele factoren

Een andere kernbevinding van het ondermijningsbeeld betreft de rol van technologie. Versleutelde communicatie en digitale financiële constructies spelen volgens het SKC een steeds grotere rol in de werkwijze van criminele netwerken. Deze bevinding sluit aan bij ervaringen uit de Nederlandse opsporingspraktijk, waaronder de grootschalige onderzoeken naar versleutelde communicatiediensten en de impact daarvan op de opsporing van financieel-economische delicten.

Het SKC wijst er tegelijkertijd op dat corruptie en witwassen kerninstrumenten blijven om illegale activiteiten te faciliteren en te verankeren in de legale economie. Daarmee raakt de studie direct aan kernthema's van het financieel-economisch strafrecht: de Nederlandse witwasbepalingen uit de artikelen 420bis en volgende van het Wetboek van Strafrecht, de bestuursrechtelijke handhaving door toezichthouders als De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten, en de EU-kaders voor anti-witwasbeleid, waaronder het pakket dat leidt tot de oprichting van de Anti-Money Laundering Authority (AMLA). Ook de samenwerking binnen het Financieel Expertise Centrum (FEC), waarin onder meer DNB, AFM, FIU-Nederland, OM, politie, FIOD en Belastingdienst participeren, staat in dit licht opnieuw in de belangstelling.

Relevantie voor de bijzonder-strafrechtpraktijk

Voor de bijzonder-strafrechtpraktijk biedt het ondermijningsbeeld een strategisch raamwerk waarbinnen concrete zaken en fenomenen kunnen worden geplaatst. De analyse van Zuid- en Noordwest-Europa als geïntegreerd crimineel landschap is daarbij vooral relevant voor zaken rond internationale rechtshulp, grensoverschrijdende onderzoeken naar witwassen en fraude, de aanpak van trade-based money laundering via logistieke ketens en het gebruik van vennootschapsstructuren in meerdere jurisdicties. Ook voor vraagstukken rond non-conviction based confiscation, vermogensonderzoek en de civiele en bestuursrechtelijke flankering van de strafrechtelijke aanpak levert het beeld context.

Het SKC benadrukt dat zijn producten beleidsarm zijn: ze bevatten geen aanbevelingen of evaluaties van het huidige beleid. De studies zijn daarmee nadrukkelijk geen blauwdruk voor wetgeving of opsporingsbeleid, maar een feitelijk en trendmatig overzicht dat als bouwsteen dient voor strategievorming door partners zoals het ministerie van Justitie en Veiligheid, het Openbaar Ministerie, de politie, de FIOD en de gemeentelijke en regionale partners.

Afsluiting

Met het Transnationaal ondermijningsbeeld Zuid- en Noordwest-Europa voegt het SKC een volgende regionale bouwsteen toe aan de Grenzeloos-reeks en aan het bredere Dreigingsbeeld Ondermijning Nederland dat in 2026 wordt verwacht. De studie bevestigt langs de lijn van dertig jaar ontwikkelingen een beeld dat ook uit de EU-SOCTA 2025 naar voren komt: criminele netwerken opereren flexibel, grensoverschrijdend en technologisch steeds geavanceerder, waarbij corruptie en witwassen structureel verbonden blijven met de legale economie. De komende jaren zal uit het vervolg van de reeks en uit het eerste DON blijken in hoeverre deze strategische analyses de integrale aanpak van ondermijning in Nederland daadwerkelijk verder vorm kunnen geven.

Print Friendly and PDF ^