Artikel: Het fluitsignaal van HR: arbeidsrechtelijke grenzen aan het doen van onderzoek in de sport
/Onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer stelt werkgevers voor scherpe arbeidsrechtelijke grenzen, ook binnen de sport. Vanuit de zorgplicht (art. 7:611 en 7:658 BW, art. 3 Arbowet) mag een werkgever niet zonder concrete aanwijzingen een onderzoek starten; een fishing expedition kan uitmonden in een billijke vergoeding. Bij persoonsgericht onderzoek gelden hoor en wederhoor en, via artikel 6 EVRM, equality of arms, wat de onderzochte medewerker recht op inzage in het rapport kan geven. Recente rechtspraak, waaronder de Ongehoord Nederland-zaak en een Rotterdamse uitspraak tegen een onderzoeksbureau, laat zien dat gebrekkig onderzoek voor werkgever én bureau grote gevolgen heeft. De sport kent daarbovenop tuchtrechtelijke regimes die tot botsende juridische kaders leiden.
Lees verder:
Het fluitsignaal van HR: arbeidsrechtelijke grenzen aan het doen van onderzoek in de sport door T.G. (Tijmen) Martens-Olivier in Tijdschrift voor Sport & Recht
