AFM-voorzitter Van Geest over online fraude en ondermijning: schade beleggingsfraude geschat op € 750 miljoen per jaar

Beleggingsfraude veroorzaakt in Nederland naar schatting € 750 miljoen schade per jaar en de wereldwijde omvang van financiële fraude wordt door Interpol op ruim € 400 miljard geraamd. Dat hield AFM-bestuursvoorzitter Laura van Geest voor tijdens het Congres aanpak georganiseerde, ondermijnende criminaliteit op 28 mei 2026. In haar toespraak plaatste zij online fraude in het bredere kader van ondermijning en raakte zij aan witwasbestrijding, de komst van de Europese anti-witwasautoriteit AMLA en de rol van poortwachters. Van Geest sprak in haar functie van voorzitter van de AFM en als voorzitter van het Financieel Expertise Centrum. De cijfers bouwen voort op eerder AFM-onderzoek naar de omvang van beleggingsfraude.

De aanleiding: een toespraak over ondermijning

Op 28 mei 2026 sprak Laura van Geest, bestuursvoorzitter van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), tijdens het Congres aanpak georganiseerde, ondermijnende criminaliteit. Een samenvatting van die toespraak deelde zij via LinkedIn. Het centrale beeld in haar verhaal is dat van het financiële systeem als een brug waar de economie overheen beweegt, met vertrouwen als het beton dat die brug draagt. Van Geest betoogde dat online fraude haarscheurtjes veroorzaakt in dat vertrouwen en dat die scheurtjes, als er niets gebeurt, kunnen uitgroeien tot bredere schade aan de werking van het financiële stelsel.

Online fraude als grensoverschrijdend fenomeen

In de toespraak schetste Van Geest hoe online fraude zich heeft ontwikkeld van een kleinschalig en incidenteel verschijnsel tot een wereldwijd fenomeen met toenemende professionaliteit. Daders opereren volgens haar vaak vanuit landen waar opsporing lastig is, maken gebruik van internationale geldstromen en verplaatsen hun activiteiten snel wanneer de druk ergens toeneemt. Dat maakt de pakkans klein en het verdienmodel aantrekkelijk. Zij wees op de rol van kunstmatige intelligentie, die het mogelijk maakt om overtuigende teksten te schrijven, stemmen na te bootsen en nepwebsites te bouwen die nauwelijks van echt zijn te onderscheiden. Digitalisering verandert volgens haar de aard van fraude doordat deze schaalbaarder wordt: waar vroeger één oplichter één slachtoffer benaderde, ziet de AFM nu ketens van criminelen, facilitators en soms nietsvermoedende dienstverleners die ieder een deel van het proces uitvoeren. Van Geest gebruikte daarvoor de term crime-as-a-service.

De cijfers: van € 75 miljoen naar € 750 miljoen

De getallen die Van Geest noemde, zijn afkomstig uit eerder AFM-onderzoek. In december 2025 publiceerde de AFM het rapport over de omvang van beleggingsfraude, getiteld Van piramide tot ijsberg: de onzichtbare omvang van beleggingsfraude in Nederland. In 2024 deden slachtoffers bij de politie aangifte voor een bedrag van € 75 miljoen, maar op basis van een internationale vergelijking schat de AFM dat de werkelijke schade van beleggingsfraude vorig jaar op ongeveer € 750 miljoen uitkwam. Slechts een klein deel van de slachtoffers doet aangifte, onder meer door schaamte en de gedachte dat melden geen zin heeft. Wereldwijd raamt Interpol de omvang van financiële fraude op ruim € 400 miljard; in berichtgeving wordt dat bedrag nader gepreciseerd op circa € 442 miljard. Van Geest verbond aan deze cijfers de constatering dat online fraude geen randverschijnsel meer is maar een volwassen industrie die zich middenin het financiële systeem afspeelt, omdat criminelen gebruikmaken van dezelfde infrastructuur als anderen: de financiële sector, digitale platforms en het internationale betalingsverkeer. NOS

De juridische kern: poortwachters, witwasbestrijding en AMLA

In haar toespraak raakte Van Geest aan verschillende onderwerpen die binnen het financieel-economisch strafrecht spelen. Zij benoemde de poortwachtersrol van financiële ondernemingen en de verwachting dat zij een zekere mate van openheid betrachten over incidenten, zwakke plekken en misstappen, in plaats van die uit angst voor reputatieschade te verbergen. Daarbij verwees zij naar de Europese regels die op de sector afkomen en de gesprekken die de AFM daarover met de sector voert. Ten aanzien van de witwasbestrijding wees Van Geest erop dat het steeds moeilijker wordt om crimineel geld ongemerkt door het financiële systeem te laten bewegen, en dat de ontwikkeling doorgaat met de komst van een Europese toezichthouder op witwassen, de Anti-Money Laundering Authority (AMLA). De AFM werkt, zoals eerder aangekondigd in de AFM Agenda 2026, mee aan de nieuwe regels die in dat kader worden ontwikkeld. Als voorzitter van het Financieel Expertise Centrum benadrukte Van Geest verder het belang van uitwisseling van kennis en informatie tussen de aangesloten partijen.

Versnippering en ketenverstoring

Een terugkerend thema in de toespraak is de vraag in welk juridisch kader online fraude thuishoort. Van Geest stelde de vraag of het gaat om horizontale fraude, financiële criminaliteit of cybercrime, en of het een toezichtsprobleem dan wel een opsporingsvraagstuk betreft. Zij wees erop dat de fraudeketen dwars door sectoren, door toezicht en opsporing en door publiek en privaat heen loopt, en dat versnippering het risico met zich brengt dat het geheel uit het oog wordt verloren. De aanpak moet volgens haar daarom aansluiten bij het probleem: niet alleen reageren op incidenten aan het einde van de keten, maar verstoren aan de voorkant, met aandacht voor het ecosysteem rond de dader. Zij trok daarbij een vergelijking met de drugsbestrijding, die zich niet richt op straatdealers maar op de achterliggende structuren. Voor het richten van die inspanningen verwees Van Geest naar het Dreigingsbeeld Ondermijning als instrument om feitelijk in beeld te brengen waar de grootste risico's zitten.

De context: een breder pakket aan maatregelen

De toespraak sluit aan bij een reeks eerdere uitingen van de AFM over financiële criminaliteit. In de AFM Agenda 2026, gepubliceerd in januari 2026, kondigde de toezichthouder aan het komende jaar de aanpak van financiële criminaliteit te versterken, met bijzondere aandacht voor beleggingsfraude en de bestrijding van witwassen. In het kader van de € 750 miljoen-schatting zijn vanuit de Tweede Kamer schriftelijke vragen gesteld door de leden Van Eijk (VVD) en Van Dijk (CDA), die onder meer ingingen op het verschil tussen het geregistreerde schadebedrag en de geschatte werkelijke omvang en op de wenselijkheid van een centraal meldpunt voor beleggingsfraude. Minister Heinen van Financiën heeft die vragen in januari 2026 beantwoord.

Afsluiting

De toespraak van de AFM-bestuursvoorzitter plaatst de eerder gepubliceerde cijfers over beleggingsfraude in het kader van georganiseerde ondermijning en koppelt deze aan thema's als de poortwachtersrol, witwasbestrijding en de komst van AMLA. De onderliggende schatting van € 750 miljoen aan jaarlijkse schade door beleggingsfraude is afkomstig uit het AFM-rapport van december 2025. De parlementaire behandeling van de daarmee samenhangende vragen, waaronder die over een centraal meldpunt, heeft plaatsgevonden via de beantwoording door de minister van Financiën. De AFM heeft in de AFM Agenda 2026 aangekondigd haar inzet op beleggingsfraude en witwasbestrijding in 2026 voort te zetten.

Print Friendly and PDF ^