AFM volledig in gelijk gesteld in tuchtzaak accountant van een schroot- en goudhandel

De klacht die de AFM indiende tegen de accountant van een schroot- en goudhandel is op alle onderdelen gegrond verklaard. Hij heeft ten aanzien van de handel in goud de risico’s onvoldoende geïdentificeerd en ingeschat en is onvoldoende professioneel-kritisch geweest.

Frauderisicoanalyse en werkzaamheden onvoldoende uitgevoerd

De accountant heeft bij de jaarrekening 2020 een controleverklaring met oordeelonthouding afgegeven. De accountant is te snel tot dat oordeel gekomen en heeft onvoldoende werkzaamheden uitgevoerd om de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude te identificeren en in te schatten. De accountant heeft niet scherp in beeld gehad dat de handel in goud van geheel andere aard is dan de handel in metalen. Als gevolg daarvan heeft de accountant onvoldoende controlewerkzaamheden opgezet en uitgevoerd om voldoende en geschikte controle-informatie te verkrijgen over het bestaan (voorkomen) van de omzet uit de verkopen van goud. Dat is ernstig, want gebruikers van een jaarrekening – zoals beleggers, leveranciers en stakeholders – moeten kunnen vertrouwen op de informatie die daarin staat, omdat die de basis vormt voor belangrijke financiële beslissingen, zoals investeringen en handelstransacties.

Accountantskamer verklaart tuchtklacht op alle onderdelen gegrond

De klacht is op alle onderdelen gegrond verklaard. De accountant heeft daarmee het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid ernstig geschonden en is daarnaast onvoldoende professioneel-kritisch geweest. 

Tijdelijk doorhaling van zes maanden als tuchtmaatregel

De Accountantskamer legt de accountant een tuchtmaatregel op in de vorm van doorhaling in de registers voor de duur van zes maanden. Hierdoor kan de accountant zijn beroep gedurende die periode niet uitoefenen. De AFM en de accountant kunnen tegen de uitspraak in beroep gaan. 

Print Friendly and PDF ^