Beklag van een echtgenote (erfgename) over een inbeslaggenomen auto van zijn overleden echtgenoot (erflater). HR herhaalt aan te leggen maatstaf.

Hoge Raad 7 februari 2017,  ECLI:NL:HR:2017:181

Bij de beoordeling van het middel moet worden vooropgesteld dat de rechter in een geval als het onderhavige, waarin op de voet van art. 94a Sv beslag is gelegd en een derde in een beklagprocedure op de voet van art. 552a Sv om teruggave verzoekt, als maatstaf moet aanleggen of zich het geval voordoet dat buiten redelijke twijfel is dat die derde als rechthebbende van het in beslag genomen goed moet worden aangemerkt en daarvan in zijn beslissing blijk te geven.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt: de beoordeling of het belang van strafvordering zich verzet tegen handhaving van een art. 94a Sv beslag vergt niet een (ambtshalve) onderzoek naar proportionaliteit en subsidiariteit

Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:178

Het middel richt zich tegen de gegrondverklaring van het beklag met de klacht dat het oordeel van de rechtbank dat het handhaven van het beslag, gelet op het beginsel van proportionaliteit en subsidiariteit, niet noodzakelijk is, onbegrijpelijk, althans ontoereikend gemotiveerd is.

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR over derdenbeslag & motivering van voldoende aanwijzingen dat goederen aan ander zijn gaan toebehoren met het kennelijke doel de uitwinning te bemoeilijken of te verhinderen

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:121

De Rechtbank heeft geoordeeld dat "voldoende aanwijzingen bestaan voor het vermoeden dat de geldbedragen op de drie onderhavige bankrekeningen van klager afkomstig zijn van betrokkene 1, en dat die gelden op die rekeningen zijn gestort of anderszins bijgeschreven om verhaal ter zake een (mogelijk) op te leggen geldboete of ontnemingsbedrag te bemoeilijken of te verhinderen terwijl klager wist of redelijkerwijze kon vermoeden dat de gelden met dit doel op zijn rekeningen zijn gestort".

Read More
Print Friendly and PDF ^

Ontvankelijkheid hernieuwd beklag: sprake van een novum als verdediging nog niet eerder beschikte over het dossier (met verklaringen van verdachte)

Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:122

De Rechtbank heeft de klaagster ontvankelijk geacht in het hernieuwde beklag, nu daarbij een beroep is gedaan op het nog niet eerder voor de raadsvrouwe beschikbare dossier met verklaringen van de klaagster. Het kennelijke oordeel van de Rechtbank dat in het hernieuwd beklag een beroep is gedaan op andere feiten en omstandigheden dan die waarop het eerdere klaagschrift was gebaseerd en die van zodanige aard zijn dat zij nopen tot een nieuwe beoordeling van het verzoek tot opheffing van het beslag, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 

Read More
Print Friendly and PDF ^

HR herhaalt relevante overwegingen m.b.t. het bestanddeel ‘ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers’

Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:166

Bij de beoordeling van het middel moet worden vooropgesteld dat de in art. 341 (oud) Sr gebezigde bewoordingen "ter bedrieglijke verkorting van de rechten van zijn schuldeisers" tot uitdrukking brengen dat de verdachte het opzet moet hebben gehad op de verkorting van de rechten van de schuldeisers, dat voorwaardelijk opzet in dat verband voldoende is en dat derhalve voor het bewijs van het opzet ten minste is vereist dat de handeling van de verdachte de aanmerkelijke kans op verkorting van de rechten van de schuldeisers heeft doen ontstaan.

Read More
Print Friendly and PDF ^