Veroordeling wegens hypotheekfraude

Rechtbank Gelderland 11 juni 2013, LJN CA2932

Bij een pay-rolling geeft een bedrijf, dat zelf het personeel werft, zijn verantwoordelijkheid voor het werkgeverschap uit handen en komt het personeel in dienst van de betreffende payroll-onderneming. Hiermee beoogt eerstbedoeld bedrijf de verantwoordelijkheid voor specialistische juridische en administratieve aangelegenheden zoals de salarisadministratie, afdracht van sociale premies en bijvoorbeeld ook pensioenen over te dragen aan de payroll-onderneming tegen een tevoren vastgestelde beloning.

Het bedrijf waarvoor verdachte werkzaam was zou op beperkte schaal pay-rolling werkzaamheden uitvoeren.

Er is aangifte gedaan van hypotheekfraude door ING te Leeuwarden, waartoe ook ING Bank NV en Westland Utrecht Hypotheekbank NV behoren. Daaruit blijkt dat door tussenkomst van de intermediair Huis & Hypotheek te Apeldoorn op 9 mei 2008 een hypothecaire lening is aangevraagd voor een bedrag van € 276.500 voor de aankoop van een woonhuis op naam van betrokkene1. Mede op grond van de overgelegde inkomensgegevens en documenten is de hypotheek verstrekt en is de akte daarvan op 28 mei 2008 bij een notaris te Apeldoorn gepasseerd. Bij de hypotheekaanvraag waren een salarisspecificatie en een werkgeversverklaring gevoegd. Daarop stond vermeld dat BV te Westervoort de werkgever van betrokkene1 was, dat hij daar sinds 4 februari 2008 als manager werkzaam was en dat zijn bruto jaarinkomen € 53.499,00 bedroeg. De werkgeversverklaring was ondertekend door verdachte. De salarisspecificatie is in opdracht van verdachte opgesteld.

Voorts is aangifte gedaan van hypotheekfraude door ING te Leeuwarden, waaruit blijkt dat door tussenkomst van de intermediair Huis & Hypotheek te Apeldoorn op 15 juli 2008 een hypothecaire lening is aangevraagd voor een bedrag van € 280.000 voor de aankoop van een woonhuis op naam van betrokkene 2. Mede op grond van de overgelegde inkomensgegevens en documenten is de hypotheek verstrekt en is de akte daarvan op 15 juli 2008 bij een notaris te Apeldoorn gepasseerd. Bij de hypotheekaanvraag waren een salarisspecificatie en een werkgeversverklaring gevoegd. Daarop stond vermeld dat naam bv BV te Westervoort de werkgever van betrokkene2 was, dat hij daar sinds 4 februari 2008 als manager werkzaam was en dat zijn bruto jaarinkomen € 53.506,00 bedroeg. De werkgeversverklaring was ondertekend door verdachte. De salarisspecificatie is vervaardigd in opdracht van verdachte.

Uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte meerdere malen op verzoek van medeverdachte 1 één of meer documenten heeft opgesteld, voor het eerst op 18 april 2008 een salarisspecificatie. Nadien heeft hij op 13 juni 2008 de op pagina 1537 opgenomen Model-werkgeversverklaring met in de kop vermeld: ”ten behoeve van het aanvragen van Nationale Hypotheek Garantie” en de op pagina 1538 opgenomen bijbehorende salarisspecificatie opgemaakt. Verdachte had hier alert op moeten zijn. Verdachte heeft voorts ter terechtzitting onder meer verklaard dat hij medeverdachte1 nog gemaand heeft de zaak af te werken, omdat hij voor de betaling van de lonen moest zorgen. Dat moet dus uiterlijk medio april geweest zijn. Dat bleef zonder resultaat en de “deal” werd afgeblazen. Naar het oordeel van de rechtbank kan gelet op het voorgaande de conclusie geen andere zijn dan dat verdachte op 13 juni 2008 -twee maanden nadien- wist dat de door hem opgemaakte documenten niet werden opgesteld ten behoeve van pay-rolling. De rechtbank is onder deze omstandigheden van oordeel dat verdachte na medio april aan de bel had moeten trekken, danwel niet meer had moeten meewerken aan het tot stand komen van nieuwe werkgeversverklaringen en loonspecificaties. Door zulks na te laten, respectievelijk nogmaals te doen aanvaardde verdachte tenminste de aanmerkelijke kans dat de door zijn medewerking tot stand gekomen stukken voor onoirbare doeleinden werden gebruikt.

Naar het oordeel van de rechtbank kan daarmee worden vastgesteld dat verdachte ook opzet had op oplichting van een hypotheekbank.

De rechtbank acht het onder 1) medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd en onder 2) medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd bewezen en veroordeelt verdachte tot een geldboete van € 8.000.

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF