Veroordeling tot geldboete wegens nalaten om meerdere ongebruikelijke transacties te melden. Rb houdt bij strafoplegging rekening met het grootschalige karakter van het delict; partiële nietigheid van de dagvaarding staat daaraan niet in de weg.

Rechtbank Den Haag 22 december 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:16944 (gepubliceerd op 30 juni 2015) De verdachte heeft nagelaten om meerdere ongebruikelijke transacties als bedoeld in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme te melden bij het daartoe bestemde meldpunt.

Dagvaarding partieel nietig

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij [Bedrijf 1]), in de periode van 18 augustus 2011 tot en met 20 augustus 2012, althans in 2011 en/of 2012 en/of 2013, te Zoetermeer en/of Rotterdam en/of elders in Nederland,

(telkens) als beroeps- of bedrijfsmatig handelende verkoper van goederen (edelstenen, edele metalen, sieraden of juwelen), voor zover betaling van deze goederen in contanten plaatsvindt voor een bedrag voor een bedrag van 15.000 Euro of meer,

meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk in strijd met de verplichting, geformuleerd in artikel 16 Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, 166, althans een groot aantal, in elk geval één of meer verrichte ongebruikelijk transactie(s), niet nadat het ongebruikelijke karakter van deze transactie(s) bekend is geworden heeft gemeld aan het meldpunt,

immers heeft hij (telkens) opzettelijk geen melding gedaan van (onder meer),

- een op of omstreeks 26 augustus 2011 verrichte ongebruikelijke transactie, te weten een contante betaling van (in totaal) 50.970,05 Euro, door[Bedrijf 2] / [Bedrijf 3] (D-013), en/of

- een op of omstreeks 17 november 2011 verrichte ongebruikelijke transactie, te weten een contante betaling van (in totaal) 91.567,20 Euro, door[Bedrijf 2] / [Bedrijf 3] (D-078), en/of

- een op of omstreeks 08 februari 2012 verrichte ongebruikelijke transactie, te weten een contante betaling van (in totaal) 30.208,75 Euro, door [Bedrijf 2] / [Bedrijf 3](D-110), en/of

- een op of omstreeks 10 mei 2012 verrichte ongebruikelijke transactie, te weten een contante betaling van (in totaal) 42.714,38 Euro, door [Bedrijf 2] / [Bedrijf 3] (D-172), en/of

- een op of omstreeks 06 augustus 2012 verrichte ongebruikelijke transactie, te weten een contante betaling van (in totaal) 26.682,84 Euro, door[Bedrijf 2] / [Bedrijf 3] (D-179), en/of

- een of meer andere ongebruikelijke transactie(s) (waarbij het contant te betalen bedrag 25.000 of meer bedraagt).

De rechtbank is van oordeel dat uit de tenlastelegging onvoldoende duidelijk is welke 161 transacties naast de vijf nader omschreven transacties precies worden bedoeld. De rechtbank zal de dagvaarding ten aanzien van deze 161 niet nader omschreven transacties dan ook partieel nietig verklaren.

Bewezenverklaring

Opzettelijke overtreding van het voorschrift, gesteld bij artikel 16 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, meermalen gepleegd.

Strafoplegging

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een geldboete van €150.000, waarvan €30.000 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Hoewel de bewezenverklaring betrekking heeft op een beperkt aantal transacties, houdt de rechtbank bij de strafoplegging rekening met het grootschalige karakter van het delict zoals dit uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting is gebleken; de partiële nietigheid van de dagvaarding staat daaraan niet in de weg.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF