Kamervragen 'De witwaspraktijken bij ING' n.a.v. uitspraken in art. 12 Sv zaak

Op 31 december jl. zijn door Kamerleden Slootweg en Omtzigt (beiden CDA) aan de Ministers van Financiën en van Justitie en Veiligheid kamervragen gesteld over “de witwaspraktijken” bij ING. De vragen volgen op de eerdere beslissingen tegen ING en Hamers in de art. 12 Sv procedure. Het Gerechtshof Den Haag heeft de transactie met ING in stand gelaten, maar de vervolging van voormalige bestuursvoorzitter van ING Group Hamers bevolen.

De volgende vragen zijn gesteld aan de ministers:

  1. Herinnert u zich de eerdere schriftelijke vragen over het feit dat de top van ING (bestuur en commissarissen) niet eens opnieuw getoetst is door De Nederlandsche Bank (DNB) op geschiktheid naar aanleiding van de witwasschikking?

  2. Hoe kijkt u ertegen aan dat dhr. Hamers nu wel vervolgd wordt en ... «[het] hof van oordeel [is] dat er voldoende aanknopingspunten zijn voor een succesvolle vervolging van deze voormalige bestuurder als feitelijke leidinggever van de door ING gepleegde strafbare feiten. Het hof acht de vervolging ook nodig om de navolgende redenen. De feiten zijn ernstig, met de bestuurder zelf is geen schikking getroffen en evenmin heeft hij publiekelijk verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen»? En hoe beziet u in dat licht het feit dat DNB tegelijkertijd niet eens een hertoets heeft uitgevoerd op de geschiktheid van dhr. Hamers?

  3. Wanneer betaalde de ING Groep het laatste deel van de staatssteun terug aan het Rijk?

  4. Op welke wijze was de relatie tussen de Nederlandse overheid en ING geregeld in de periode dat ING profiteerde van de kapitaalinjectie door de Nederlandse overheid?

  5. Zijn er afspraken gemaakt of voorwaarden gesteld bij het verlenen van de kapitaalinjectie indien er sprake was van signalen rond witwaspraktijken? Zo ja, welke zijn dat? Heeft ING zich aan die afspraken gehouden?

  6. Zijn er op enig moment na signalen van witwaspraktijken afspraken gemaakt met ING (met de staat of met NL Financial Investments – NLFI)? Zo ja, welke zijn dat? Heeft ING zich aan die afspraken gehouden?

  7. Deelt u de mening dat, zeker zolang ING profiteerde van de kapitaalinjectie, men dit bij eventuele aanwijzingen rond witwaspraktijken vanuit DNB of de Europese Centrale Bank (ECB) zou moeten delen met het Ministerie van Financiën?

  8. Zijn er tussen 2008 en 2015 vanuit DNB, de ECB of het openbaar ministerie (in Nederland of elders) brieven gestuurd naar de Raad van Bestuur van ING die betrekking hebben op eventuele witwaspraktijken door de bank of kwetsbaarheden rondom witwassen?

  9. Kunt u een lijst van brieven vanuit DNB, de ECB of het OM (in Nederland of elders) geven, die naar de Raad van Bestuur van ING gestuurd zijn en die betrekking hebben op eventuele witwaspraktijken door de bank of kwetsbaarheden rondom witwassen en waarvan het Ministerie van Financiën (of enig ander onderdeel van de Nederlandse regering) op enig moment op de hoogte is gesteld? Kunt u de brieven met de Kamer delen en per brief aangeven wanneer de Nederlandse regering daarvan in kennis is gesteld?

  10. Kunt u een lijst van brieven vanuit DNB, de ECB of het OM (in Nederland of elders) geven, die naar de Raad van Bestuur van ING gestuurd zijn en die betrekking hebben op eventuele witwaspraktijken door de bank of kwetsbaarheden rondom witwassen en waarvan de aandeelhouder NLFI op enig moment op de hoogte is gesteld? Kunt u de brieven met de Kamer delen en per brief aangeven wanneer de Nederlandse regering daarvan in kennis is gesteld?

  11. Heeft de Raad van Bestuur van ING (of enig ander orgaan van ING) op enig moment brieven van DNB, ECB en/of het OM gedeeld met het de Minister van Financiën (of zijn vertegenwoordiger)? Zo ja, wanneer?

  12. Op welke momenten zijn NLFI en de Minister van Financiën geïnformeerd over signalen van witwassen bij ING? Kunt u die informatie met de Kamer delen?

  13. Wat is de rol van de compliance-afdeling in een bank als ING?

  14. Heeft de compliance-afdeling een rol in het tegengaan van eventuele witwaspraktijken met medewerking van medewerkers van een bank?

  15. Deelt u de mening dat afbouw van de compliance-afdeling niet logisch is wanneer een bank een brief krijgt van toezichthouder(s) dat er sprake is van witwaspraktijken bij de desbetreffende bank?

  16. Hoeveel mensen waren werkzaam bij de compliance-afdeling ten tijde van de kapitaalinjectie door de Nederlandse overheid in ING?

  17. Hoeveel mensen werkten er op de compliance-afdeling na de laatste aflossing door ING aan het Rijk in 2014?

  18. Is de reductie van de compliance-afdeling van ING voorgelegd aan NLFI en/of de Nederlandse overheid?

  19. Heeft NFLI en/of de Nederlandse regering ingestemd met de reductie van de compliance-afdeling van ING?

  20. Kunt u deze vragen een voor een en binnen drie weken beantwoorden?


Wilt u in één uur worden bijgepraat over de beslissingen tegen ING en Hamers, in de zogenaamde art. 12 Sv beklag procedure? Volg dan ons webinar. Klik hier voor meer informatie.

Print Friendly and PDF ^