HR herhaalt overwegingen m.b.t. de beslissing op een aanhoudingsverzoek en de daarbij te maken belangenafweging

Hoge Raad 20 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:375

Bij arrest van 2 maart 2016 heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch de verdachte wegens “diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen” veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren, met aftrek als bedoeld in art 27 Sr. Voorts heeft het hof beslissingen genomen ten aanzien van in beslag genomen voorwerpen, één en ander zoals vermeld in het arrest.
 

Middel

Het eerste middel behelst de klacht dat het hof ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd, het door de raadsman van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep gedane aanhoudingsverzoek heeft afgewezen.
 

Beoordeling Hoge Raad

Bij de beslissing op een verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak dient de rechter een afweging te maken tussen alle daarbij betrokken belangen, waaronder het belang van de verdachte bij het kunnen uitoefenen van zijn aanwezigheidsrecht, het belang dat niet alleen de verdachte maar ook de samenleving heeft bij een doeltreffende en spoedige berechting en het belang van een goede organisatie van de rechtspleging (vgl. HR 26 januari 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZD1314, NJ 1999/294).

Het Hof heeft het verzoek tot aanhouding van het onderzoek ter terechtzitting afgewezen op de grond dat niet aannemelijk is geworden dat de verdachte buiten zijn schuld niet in staat is om ter terechtzitting te verschijnen. Die enkele omstandigheid kan de afwijzing van dat verzoek niet dragen. Uit 's Hofs motivering van de afwijzing van dat verzoek blijkt voorts niet dat het Hof de onder 2.3 bedoelde afweging van belangen heeft gemaakt, terwijl het ook niet is ingegaan op hetgeen door de raadsman aan het aanhoudingsverzoek ten grondslag is gelegd. Daarom is de afwijzing door het Hof van het verzoek ontoereikend gemotiveerd.

Het middel slaagt.

Lees hier de volledige uitspraak.

 

 

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF