De bewijsmaatstaf ten aanzien van onderwijsfraude: ‘aannemelijk maken’ of ‘buiten redelijke twijfel’?
/De manier waarop examencommissies vermeende fraude moeten bewijzen, is de afgelopen jaren onderwerp van stevige juridische discussie geweest. Hoewel onderwijssancties inmiddels niet meer als bestraffend maar als bestuurlijke herstelsancties gelden, houdt de Afdeling bestuursrechtspraak vast aan een strafrechtelijk aandoende bewijsmaatstaf. In dit artikel wordt betoogd dat die benadering niet langer houdbaar is. Het ‘sanctionerende onderwijsrecht’ kent een roerige periode. Waar de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: Afdeling) ongeveer twee jaar heeft volgehouden dat de oplegging van – de meeste – sancties na fraude door examencommissies moeten worden aangemerkt als een bestraffende sanctie in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), is de Afdeling hier in een belangrijke uitspraak uit april 2025 op teruggekomen.
Lees verder
De bewijsmaatstaf ten aanzien van onderwijsfraude: ‘aannemelijk maken’ of ‘buiten redelijke twijfel’? door B. van der Vorm & P. Huisman in Nederlandse Juristenblad
