Belastingambtenaar veroordeeld wegens valsheid in geschrifte, oplichting en poging tot oplichting

Rechtbank Leeuwarden 21 januari 2013, LJN BY9110 Verdachte heeft zich samen met zijn mededader (verdachte 2) schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte, oplichting en poging tot oplichting, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. Als belastingambtenaar heeft verdachte de belastingdienst benadeeld door aan ondernemers toebehorende teruggaven Omzetbelasting via zogenaamd door de ondernemers ingediende wijzigingen bankrekeningnummers te laten storten op tevoren door hem aangevraagde bankrekeningnummers bij de ING bank en SNS bank ten name van verdachte 3.

Nadat de gelden met betrekking tot de teruggaven Omzetbelasting op de bankrekeningen van verdachte 3 waren gestort, heeft verdachte 2 in opdracht van verdachte in zeer korte tijd al dan niet vermomd, de gelden van de bankrekeningen opgenomen en met een deel van de gelden gouden sieraden en gouden munten gekocht. Deze gelden, sieraden en munten werden door verdachte 2 aan verdachte afgedragen en op diverse plaatsen opgeslagen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte als oprichter en leider deel uitgemaakt van een criminele organisatie.

De rechtbank neemt verdachte met name kwalijk dat hij de aan hem ten laste gelegde feiten heeft gepleegd als belastingambtenaar waarbij hij gebruik heeft gemaakt van de gelegenheid en middelen die aan hem door de belastingdienst ten behoeve van zijn ambt waren geschonken.

De rechtbank zal aan de verdachte dan ook de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf van 36 maanden opleggen, maar dan zonder een voorwaardelijk deel. Voor het daarnaast nog opleggen van een geldboete, zoals door de officier van justitie gevorderd, ziet de rechtbank geen aanleiding.

 

Lees hier de volledige uitspraak.

Print Friendly Version of this pagePrint Get a PDF version of this webpagePDF