Transacties met omkopers oud-gedeputeerde Hooijmaijers

Het Openbaar Ministerie (OM) en ’t Ganzeveld BV en diens bestuurder zijn transacties overeengekomen van in totaal 83.750 euro vanwege omkoping van Ton Hooijmaijers, oud-gedeputeerde van de provincie Noord-Holland en valsheid in geschrifte. ’t Ganzeveld BV heeft een hoge transactie geaccepteerd van 67.000 euro. De bestuurder betaalt een bedrag van 16.750 euro en moet ook een werkstraf van 120 uur uitvoeren.

De rechtbank Noord-Holland veroordeelde Hooijmaijers op 3 december 2013 tot een gevangenisstraf van drie jaar omdat hij zich meerdere malen als ambtenaar heeft laten omkopen en uit misdrijf verkregen gelden heeft witgewassen. De behandeling van het hoger beroep in deze zaak is 12 februari begonnen bij het gerechtshof in Amsterdam.

Uit onderzoek is gebleken dat (de bestuurder van) ‘t Ganzeveld BV zakelijke contacten met Hooijmaijers had, giften heeft betaald en beloften heeft gedaan. Dat wordt door het OM gezien als actieve omkoping. De rechtbank heeft Hooijmaijers voor deze feiten veroordeeld vanwege passieve omkoping.

Het OM acht de transactie een passende afdoening in deze zaak. ’t Ganzeveld BV heeft, met haar optreden als tussenpersoon, geen eigen gewin uit de omkopingshandelingen voor ogen gehad. Bovendien is uit niets gebleken dat ’t Ganzeveld BV financieel voordeel heeft genoten.

Dagvaarding

Een ander bedrijf dat aan Hooijmaijers zou hebben betaald om hem gunstig te stemmen heeft een aangeboden OM-transactie niet geaccepteerd. In de strafzaak tegen de oud-gedeputeerde zijn deze betalingen ook door de rechtbank gezien als omkoping. De enige bestuurder van het inmiddels failliete bedrijf wordt door het OM gedagvaard om terecht te staan.

Bron: OM

Print Friendly and PDF ^

In hoger beroep 4 jaar cel geëist tegen oud-gedeputeerde H. voor o.a. ambtelijke corruptie

De advocaat-generaal (OM) in Amsterdam heeft vandaag in hoger beroep 4 jaar cel geëist tegen oud-gedeputeerde H. voor ambtelijke corruptie, het witwassen van ruim vier ton aan euro’s en valsheid in geschrift. Tegen zijn partner P. en een andere verdachte, Van de K., werd 3 maanden voorwaardelijke celstraf en 240 uur werkstraf geëist.

In de visie van het OM heeft H. zich in de periode 1 januari 2004 tot en met medio 2009 schuldig gemaakt aan een aanzienlijk aantal gevallen van ambtelijke corruptie. Dit betekent dat H. is betaald in ruil voor gunsten (passieve omkoping). Ook vindt het OM dat hij schuldig is aan het (laten) opmaken van een groot aantal valse facturen en aan witwassen. De strafbare feiten zijn gepleegd terwijl hij lid was van het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland; één feit is tevens gepleegd terwijl hij Statenlid was. Om het geld van de omkopers, dit waren onder andere projectontwikkelaars en tussenpersonen, te incasseren maakte hij onder meer gebruik van zijn bedrijf MOVE Consultants B.V., dat hij op naam van zijn vrouw had laten zetten en ook het bedrijf van genoemde bevriende makelaar. Het OM verwijt zijn vrouw dat zij, kort gezegd, het binnenhalen van het gewin van H. gefaciliteerd heeft. Ze moet wel ongeveer geweten hebben waar het geld vandaan kwam en ze heeft er ook ruimschoots van geprofiteerd. Ze heeft een cruciale rol gespeeld bij het versluieren van de transacties. Van de K. heeft, zo vindt het OM, zijn makelaarskantoor ter beschikking gesteld aan H.. Van de K. heeft evenzeer de corruptie gefaciliteerd. Er ging geld dóór zijn bedrijf, waarvan zowel de omkopers als H. profiteerden.

Het OM is van mening dat bij H. een celstraf van aanzienlijke duur recht doet aan de ernst van de feiten. “H. heeft de eed afgelegd dat hij als integer bestuurder zou handelen en heeft de macht die voortvloeit uit het ambt van gedeputeerde misbruikt. Het handelen van H. heeft niet alleen het aanzien van de provincie Noord-Holland geschaad. Een integere overheid is van cruciaal belang voor het aanzien van Nederland en dus ook voor de aantrekkelijkheid van Nederland als vestigingsplaats. Met betrekking tot de actieve omkopers is het verschil in strafwaardigheid van de verweten gedragingen goed uit te leggen. De actieve omkopers hebben zich ongerechtvaardigd trachten te verrijken op kosten van de belastingbetaler. Dat is fout, maar het is niet te vergelijken met het op het spel zetten van de integriteit van de overheid”, aldus de advocaat-generaal op de zitting. De proceshouding van H. is een verzwarend element bij de bepaling van de strafmaat. H. geeft er blijk van geen enkel inzicht te hebben in de strafwaardigheid van de door hem gepleegde feiten. “Het is het OM nog steeds niet duidelijk waarom H. bij de hem voorgehouden stand van zaken nog kan volhouden dat hij een integer bestuurder was die niet omgekocht is”, aldus de advocaat-generaal. Tegen de andere twee verdachten zijn lagere strafeisen op zijn plaats. De advocaat-generaal: “Het zijn ernstige verwijten maar niet vergelijkbaar met het verwijt dat H. gemaakt kan worden.”

De rechtbank veroordeelde H. tot 3 jaar cel en Van de K. tot 3 maanden voorwaardelijke celstraf en 180 uur werkstraf. P. werd vrijgesproken. Het OM ging in alle drie zaken in hoger beroep. H. stelde ook hoger beroep in, evenals Van de K. Het hoger beroep van het OM in de zaak H. richt zich tegen de vrijspraak van een corruptiefeit en een onderdeel van het witwasfeit. Ook is het OM het niet eens met het feit dat H. van de rechtbank strafkorting kreeg vanwege de mediabelangstelling.

Op 7 april  wordt uitspraak gedaan.

Bron: OM

Print Friendly and PDF ^

Uitspraak rechtbank op onderzoekswensen in de zaak Van Rey. Verzoek verhoor Teeven aangehouden.

Rechtbank Rotterdam 18 februari 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:1058

Op de zitting van 20 en 21 januari 2015 zijn namens de drie verdachten en door de officieren van justitie onderzoekswensen kenbaar gemaakt.

1. Vooropstellingen in alle zaken

1.1. Beslissingskader

De onderzoekswensen zijn getoetst aan de maatstaf van het verdedigingsbelang (vervolgingsbelang). Bij deze toetsing is de aan de onderzoekswensen ten grondslag gelegde motivering in aanmerking genomen.

Beoordeeld is of in de motivering tot uitdrukking is gebracht waarom het gewenste onderzoek, veelal het horen van een getuige, van belang is voor enige in de strafzaak uit hoofde van de artikelen 348 en 350 Sv te nemen beslissing.

Tot de onderzoekswensen behoren ook verzoeken tot het horen van getuigen aan de hand van wier verklaringen de verdediging de vraag naar de rechtmatigheid van het onderzoek aan de orde wil stellen. Met als doel om daarna eventueel een beroep op een vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv te kunnen doen. Bij die verzoeken is naast het bovenstaande in de beoordeling meegenomen of er in de motivering aan de hand van de factoren genoemd in artikel 359a Sv aandacht is besteed aan het rechtsgevolg waartoe één en ander zou dienen te leiden.

Daar waar de motivering van de onderzoekswensen niet voldeed aan de hierboven genoemde maatstaven is beoordeeld of er desalniettemin reden was om tot toewijzing van de verzoeken te komen. Dit in overeenstemming met de op de zitting toegezegde te betrachten coulance bij de beoordeling van de motivering van de onderzoekswensen, vanwege het korte tijdsbestek tussen het verstrekken van het zeer omvangrijke einddossier en de regiezitting. Bij die beoordeling speelde een eventuele instemming van de officieren van justitie met de onderzoekswensen van de verdachten een belangrijke factor.

Het staat de raadslieden van de verdachten vrij om aanwezig te zijn bij de verhoren van getuigen in de zaken van medeverdachten. Als daar gebruik van wordt gemaakt, geldt vanaf dat moment dat deze getuigen ook in de zaak van die verdachte gelden als te zijn toegewezen. In verband hiermee wordt aan de rechter-commissaris verzocht om de raadslieden van alle verdachten op de hoogte te stellen van de data en tijdstippen van alle verhoren in de zaak San José.

1.2. Verdere gang van zaken

De zaken worden verwezen naar de rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank, teneinde de hieronder genoemde onderzoekshandelingen uit te voeren en voorts om de onderzoekshandelingen te verrichten die door de rechter-commissaris noodzakelijk worden geacht.

Op initiatief van de rechtbank, dan wel van de rechter-commissaris, zal als sluitstuk van de te voeren regie op enig moment een nadere regiezitting worden gelast. Bij de beoordeling van dan nog bestaande onderzoekswensen zal het noodzaakscriterium in beginsel leidend zijn.

1.3. Overig

Hieronder worden de toegewezen getuigen genoemd per verdachte en per feit/onderdeel waarvoor zij door de raadslieden waren verzocht. Dat is ook meteen het kader waarbinnen zij zijn toegewezen. Dit brengt mee dat een aantal getuigen meer dan één keer worden genoemd.

Aan de rechter-commissaris wordt in overweging gegeven om niet alle getuigen in Rotterdam te horen nu zowel de getuigen als de procespartijen in het zuiden van het land woonachtig/werkzaam zijn.

2. verdachte 1

2.1. Beslissingen getuigenverzoeken

Toegewezen worden de verzoeken tot het horen van:

Feit 1

  • getuige 1
  • getuige 2

Feiten 2 en 3

  • getuige 3
  • getuige 4
  • getuige 5
  • getuige 6

Feiten 4, 5 en 6 gezamenlijk

  • getuige 3
  • getuige 7
  • getuige 8
  • getuige 9
  • getuige 10

Feit 4

  • medeverdachte verdachte 2
  • medeverdachte verdachte 3
  • getuige 11
  • getuige 12

Projecten Kazernevoorterrein en aankoop stadskantoor

  • getuige 13
  • getuige 14
  • getuige 15
  • getuige 16
  • getuige 17
  • getuige 18
  • getuige 19
  • getuige 20
  • getuige 21

Project MCZ/Aldi

  • getuige 17
  • getuige 21
  • getuige 22
  • getuige 18
  • getuige 23
  • getuige 24
  • getuige 25
  • getuige 26
  • getuige 27
  • getuige 28

Project ECI

  • getuige 29
  • getuige 30
  • getuige 31
  • getuige 19
  • getuige 18
  • getuige 32
  • getuige 22
  • getuige 14
  • getuige 21
  • getuige 33

Project reclamezuil

  • getuige 12
  • getuige 2

Feit 5

  • getuige 34
  • getuige 35
  • getuige 19
  • getuige 36

Feit 6

  • getuige 37
  • medeverdachte verdachte 3
  • getuige 15

Feit 7

  • getuige 1
  • getuige 38
  • getuige 39
  • getuige 40

Aangehouden worden de verzoeken tot het horen van:

  • getuige 41;
  • F. Teeven;
  • de verbalisant(en) die werkzaam was (waren) als “uitluisteraar” op 20 september 2012;

in afwachting van het rapport van getuige 41.

Afgewezen worden de overige getuigenverzoeken.

2.2. Overige beslissingen

Kennis genomen is van de toezegging van de officieren van justitie dat zij:

  • het tapdossier waarin de uitgeluisterde en uitgewerkte telecommunicatie betreffende het telefoonnummer telefoonnummer zijn weergegeven vanaf 17 september 2012 tot 31 maart 2013 in het dossier van de verdachte zullen voegen;
  • de vorderingen van het openbaar ministerie en de beschikkingen van de rechter-commissaris in verband met de doorzoeking van 19 oktober 2012 bij de rechter-commissaris zullen opvragen en in het dossier van de verdachte zullen voegen.

Ten aanzien van het verzoek tot het horen van betrokkene 1 wordt beslist dat thans kan worden volstaan met het doen opmaken van een aanvullend rapport door de Kiesraad.

Betrokkene 2 en betrokkene 3 zullen, onder regie van de rechter-commissaris, worden opgedragen eenaanvullend proces-verbaal op te maken over het boekenonderzoek dat bij de verdachte verdachte 2 is verricht en de aangifte die naar aanleiding daarvan op 11 juli 2012 is gedaan. Het openbaar ministerie en de raadsvrouw kunnen hiertoe vragen inbrengen die de opsporingsambtenaren in hun proces-verbaal kunnen beantwoorden.

De beslissing op het verzoek tot het verstrekken van een verbatim uitwerking van de opgenomen tapgesprekken tussen de verdachte en de secretaresse van F. Teeven wordt aangehouden in afwachting van het verstrekken van het door het openbaar ministerie toegezegde tapdossier betreffende het telefoonnummer telefoonnummer.

Afgewezen worden de overige verzoeken.

3. verdachte 2

3.1. Beslissingen getuigenverzoeken

Toegewezen worden de verzoeken tot het horen van:

Alle feiten

  • medeverdachte verdachte 1
  • medeverdachte verdachte 3
  • getuige 11

Project Kazernevoorterrein

  • getuige 31
  • getuige 13
  • getuige 3
  • getuige 30
  • getuige 18
  • getuige 19
  • getuige 7
  • getuige 29
  • getuige 14
  • getuige 42
  • getuige 43

Project MCZ/Aldi

  • getuige 29
  • getuige 24
  • getuige 44
  • getuige 26
  • getuige 45
  • getuige 46

Project ECI

  • getuige 31
  • getuige 18
  • getuige 47
  • getuige 22
  • getuige 48

Project Retailpark

  • getuige 30
  • getuige 49
  • getuige 22
  • getuige 15

Project ZZ.01 reclamezuil

  • getuige 12
  • getuige 50
  • getuige 51
  • getuige 52

Getuigen bedrijf

  • getuige 53
  • getuige 34
  • getuige 8
  • getuige 54
  • getuige 55

Getuigen werkwijze verdachte 1

  • getuige 54
  • getuige 34
  • getuige 55

Afgewezen worden de overige getuigenverzoeken.

3.2. Overige beslissingen

Toegewezen wordt het verzoek tot het horen van de verdachte in zijn eigen zaak door de rechter-commissaris. De verdenking, de omvang van het dossier, de positie van de verdachte binnen dat dossier alsmede de instemming met het verzoek door de officieren van justitie vormen aanleiding om tot toewijzing van dit verzoek te komen. Dit ondanks dat een dergelijk verhoor hoogst ongebruikelijk is. De verdachte zal als eerste worden gehoord op de verdenkingen die tegen hem zijn gerezen alvorens een aanvang wordt gemaakt met de getuigenverhoren in zijn zaa.k

Betrokkene 2, betrokkene 3, betrokkene 4, betrokkene 5 en betrokkene 6 zullen, onder regie van de rechter-commissaris, worden opgedragen een aanvullend proces-verbaal op te maken over het boekenonderzoek dat bij de verdachte is verricht en de aangifte die naar aanleiding daarvan op 11 juli 2012 is gedaan. Het openbaar ministerie en de raadsman kunnen hiertoe vragen inbrengen die de opsporingsambtenaren in hun proces-verbaal kunnen beantwoorden.

Afgewezen worden de overige verzoeken.

4. verdachte 3

4.1. Beslissingen getuigenverzoeken

Toegewezen worden de verzoeken tot het horen van:

  • medeverdachte 2
  • getuige 7
  • getuige 18
  • getuige 30
  • getuige 29

4.2. Overige verzoeken

Het verzoek van de raadsman tot afsplitsing van de zaak wordt afgewezen. De zaak van verdachte 3 hangt (zeer) nauw samen met de zaken van de medeverdachten. Op enig - niet vooraf te bepalen - moment zou door het verstrijken van de tijd deze beslissing anders kunnen uitvallen.

5. Openbaar ministerie

Beslissingen getuigenverzoeken

Toegewezen worden de verzoeken tot het horen van:

  • getuige 12
  • getuige 11

Lees hier de volledige uitspraak.

Zie ook:

Print Friendly and PDF ^

VVD-politica aangehouden op verdenking van schenden ambtsgeheim

Vandaag is door de rijksrecherche een 43-jarige vrouw uit Maarssen aangehouden. Zij wordt er van verdacht als lid van de vertrouwenscommissie voor de recente benoeming van de burgemeester van de gemeente Stichtse Vecht, in november en december 2014 geheime informatie uit die sollicitatieprocedure aan een VVD-partijgenoot te hebben verstrekt.

Bron: OM

Print Friendly and PDF ^

OM eist in hoger beroep een werkstraf tegen oud-burgemeester voor corruptie

De advocaat-generaal (OM) in Den Haag heeft vandaag in hoger beroep 120 uur werkstraf geëist tegen de voormalig burgemeester O. van de Limburgse gemeente Meerssen. In de optiek van het OM heeft hij zich schuldig gemaakt aan ambtelijke corruptie, oplichting of het schenden van het ambtsgeheim. Dat heeft hij gedaan door strikt vertrouwelijke informatie aan te nemen over de sollicitatieprocedure voor de burgemeesterspost in Roermond.

De verdachte was een van de kandidaten voor het burgemeesterschap in Roermond. Kort voor zijn sollicitatiegesprek in september 2012 liet hij zich uitgebreid informeren door een toenmalig wethouder van Roermond. De wethouder was adviseur van de vertrouwenscommissie die een nieuwe burgemeester voor Roermond moest selecteren. Voorafgaand aan het sollicitatiegesprek gaf de wethouder volgens de advocaat-generaal uitgebreid door welke vragen O. kon verwachten van de vertrouwenscommissie en wat de beste antwoorden hierop waren.

O. werd na zijn sollicitatiegesprek door de vertrouwenscommissie naar voren geschoven als beste kandidaat voor het burgemeesterschap van Roermond. Nadat het OM in oktober 2012 jaar bekendmaakte onderzoek te doen naar de benoemingsprocedure, trok hij zijn kandidatuur in. Ook stapte hij op als burgemeester van Meerssen.

De advocaat-generaal vindt de handelswijze van verdachte zeer laakbaar. “De gemeentelijke overheid is een belangrijke pijler van de democratie. Bestuurlijke integriteit moet boven elke twijfel verheven zijn. Een eerlijke selectieprocedure voor een burgemeester is dan ook onontbeerlijk. Als getolereerd wordt dat een burgemeester in het zadel wordt geholpen op een wijze waarop dit in Roermond dreigde te gebeuren, gaat daar een corrumptieve werking vanuit en zou de democratie hierdoor een grote deuk hebben opgelopen. Dit soort praktijken ondermijnen het fundament van het vertrouwen dat een burger in de overheid mag hebben. De geëiste straf is hier passend en geboden”, aldus de advocaat-generaal op de zitting.

De rechtbank veroordeelde de verdachte tot dezelfde straf als die vandaag is geëist. De verdachte stelde hoger beroep in.

Uitspraak (naar verwachting) over twee weken.

Bron: OM

Print Friendly and PDF ^